Ik zal mij eerst even voorstellen

Op mijn geboortekaartje stond Albertus Giezen , maar tegenwoordig luister ik beter naar de naam Bert.

Als kind was ik helemaal niet geïnteresseerd in geschiedenis ,maar ben ik op latere leeftijd met het genealogie virus besmet geraakt,door mijn nicht Cobi de Jonge. Cobi is de auteur van het Bakkersboek Bakkerij Giezen ' Ons dagelijks brood ' van onze Opa Roelf Jacobus Giezen.

Kijk ook eens op mijn andere Familie websites van :

www.FamilieGiezen.nl

www.FamilieBisschop.nl

www.FamilieOortjes.nl

Vroeger en Nu

  

Anna Dijks

Generatie 1

Anna Dijks, huisvrouw, geboren op 29‑07‑1926 te Valthermond, overleden op 25‑02‑1997 te Emmen, de Horst op 70-jarige leeftijd, begraven op 01‑03‑1997 te Valthermond oost.

Gehuwd op 22-jarige leeftijd op 03‑11‑1948 met Reinder Giezen,Reinder Giezen geb op 20-02-1924 en overleden op 29-04-2007 .

Reinder Giezen - Anna Giezen Dijks


Albertus Dijks

Generatie 2

2              Albertus DIJKS, landbouwer , geboren op 23‑06‑1887 te Zandberg, gem. Odoorn, overleden op 24‑12‑1948 te Valthermond, Odoorn op 61-jarige leeftijd, begraven te Valthermond oost.

Huwelijk, Odoorn, 28-04-1922, aktenummer 33
Bruidegom: Albertus Dijks, geboren te Odoorn; leeftijd: 34 jaar; beroep: landbouwer , zoon van Jan Dijks, beroep: landbouwer en Roelfien Lanting
                 Bruid: Geessien Griemink, geboren te Exloo (Odoorn); leeftijd: 28; beroep: zonder , dochter van Albertus Griemink, beroep: landbouwer en Anna Rossing, beroep: zonder .
                 NB: ; moeder bruidegom overleden.

3              Geessien GRIEMINK, geboren op 11‑03‑1894 te Exloo, Odoorn, overleden op 01‑01‑1964 op 69-jarige leeftijd, begraven te Valthermond oost.

Albertus Dijks - Geessien Griemink


Kwartierstaat van Anna Dijks

Generatie I : Proband of kwartierdrager


1                Anna Dijks


Generatie II : Ouders


2                Albertus Dijks, geboren op 23‑6‑1887 te Zandberg, Odoorn, overleden op 24‑12‑1948 te Valthermond (zie 4)

Gehuwd op 28‑4‑1922 te Odoorn met

3                Geessien Griemink, geboren op 11‑3‑1894 te Odoorn

Geessien Griemink is de dochter van Albertus Griemink geboren 17 sept 1859 te Valthe en van Anna Rosing georen 1867 te Odoorn

en overleden op 2 febr 1943 te Exloo. Anna Rossing is de dochter van Harm Rossing en Jantien Huizing

Albertus en Anna kregen 4 kinderen:

Harm Griemink geboren 18 april 1892 te Exloo, overleden 18 nov 1918 te Exloo.

Geessien Griemink geboren 11 maart 1894 te Exloo, overleden

Jan Griemink geboren 19 okt 1896 te Exloo, overleden 29 okt 1897 te Exloo

Jan Griemink geboren 26 mei 1900 te Exloo, overleden

Generatie III : Grootouders


4                Jan Dijks, geboren op 12‑3‑1854 te Exloo, overleden op 5‑5‑1934 te Exloërmond (zie 8)

Gehuwd op 14‑5‑1879 te Borger met

5                Roelfien Lanting, geboren op 22‑6‑1850 te Buinerveen, overleden op 12‑5‑1914 te Exloërmond


6                Albertus Griemink, geboren op 17‑9‑1859 te Valthe, overleden op 13‑3‑1942 te Exloo

Gehuwd op 26‑5‑1891 te Odoorn met

7                Anna Rossing, geboren op 21‑11‑1865 te Exloo, overleden op 2‑2‑1943 te Exloo


Generatie IV : Overgrootouders


8                Thijs Dijks, landbouwer, geboren op 16‑5‑1824 te Odoorn, overleden op 27‑11‑1893 te Zandberg, Odoorn (zie 16)

Gehuwd op 24‑11‑1853 te Odoorn met

9                Anna Helena Cremers, geboren op 15‑1‑1830 te Odoorn, overleden op 7‑8‑1911 te Zandberg, Odoorn


10              Jan Lanting, landbouwer, geboren op 18‑3‑1821 te Gasselte, overleden op 18‑4‑1871 te Buinerveen

Gehuwd op 3‑5‑1850 te Borger met

11              Grietien Middeljans, geboren op 18‑6‑1829 te Borger, overleden op 10‑4‑1900 te Buinerveen


12              Jan Griemink, landbouwer, geboren op 27‑1‑1829 te Odoorn, overleden op 23‑6‑1912 te Valthe

Gehuwd op 5‑5‑1857 te Odoorn met

13              Geesien Elting, geboren op 12‑2‑1835 te Odoorn, overleden op 16‑3‑1896 te Valthe


14              Harm Rossing, geboren op 26‑10‑1834 te Odoorn, overleden op 4‑10‑1887 te Exloo

Gehuwd op 24‑11‑1864 te Odoorn met

15              Jantien Huizing, geboren op 26‑1‑1833 te Borger, overleden op 7‑7‑1896 te Exloo


Generatie V : Betovergrootouders


16              Jan Dijks, geboren te Exloo, gedoopt op 28‑3‑1796 te Odoorn, overleden op 1‑10‑1858 te Exloo (zie 32)

Gehuwd op 23‑8‑1822 te Odoorn met

17              Hindrika Eggens, gedoopt op 14‑6‑1801 te Odoorn, overleden op 28‑1‑1866 te Exloo


18              Willem Cremers, gedoopt op 8‑2‑1795 te Odoorn, overleden op 30‑12‑1873 te Exloo

Gehuwd op 13‑11‑1819 te Odoorn (getuige(n): Gerrit Stevens (38 jr broer v/d bruid) en Albert Stevens (36 jr broer v/d bruid)) met

19              Annechien Stevens, geboren op 23‑7‑1795 te Exloo, gedoopt op 23‑8‑1795 te Odoorn, overleden op 17‑8‑1864 te Exloo


20              Lambert Geerts Lanting, slager, gedoopt op 1‑10‑1780 te Gasselte, overleden op 15‑7‑1865 te Buinerveen

Gehuwd voor de kerk (1) op 30‑3‑1805 te Gasselte met Geertruit Egberts, gedoopt op 24‑3‑1776 te Gasselte, overleden op 13‑5‑1815 te Gasselte

Gehuwd (2) op 28‑10‑1815 te Gasselte met Roelofje Hindriks Oortwijn (zie 21).

21              Roelofje Hindriks Oortwijn, gedoopt op 18‑5‑1788 te Gasselte, overleden op 6‑10‑1832 te Buinerveen, nal. man Lambert Lanting + 5 knd


22              Jan Middeljans, landbouwer, geboren op 3‑4‑1799 te Buinerveen, gedoopt op 7‑4‑1799 te Borger, overleden op 3‑11‑1842 te Buinerveen

Gehuwd op 11‑12‑1828 te Borger met

23              Geertruid Trip, geboren op 3‑5‑1805 te Drouwenermoeras, gedoopt op 12‑5‑1805 te Borger, overleden op 25‑2‑1866 te Buinerveen


24              Albertus Griemink, schoenmaker, gedoopt op 9‑10‑1791 te Dalen, overleden op 1‑6‑1857 te Weerdinge

Gehuwd met

25              Aaltje Kuiper, geboren op 19‑8‑1800, gedoopt op 24‑8‑1800 te Borger, overleden op 13‑9‑1855 te Weerdinge


26              Lucas Elting, landbouwer, gedoopt op 3‑2‑1782 te Dalen, overleden op 29‑6‑1835 te Valthe

Gehuwd (1) op 1‑7‑1813 te Odoorn met Geesje Alting, gedoopt op 14‑7‑1793 te Emmen, overleden op 20‑10‑1832 te Valthe

Gehuwd (2) op 7‑2‑1835 te Odoorn (getuige(n): Jan Vrieling (40 jr te Weerdinge); Jan Hoving (39 jr te Emmen) en Hindrik HAving(27 jr te Valthe) zwagers v/d bruidegom; en Hindrik Nijenbrinks (51 jr te Valthe, neef v/d bruidegom)) met Grietien Jans Nijkeuter (zie 27).

27              Grietien Jans Nijkeuter, geboren op 2‑10‑1804 te Drouwen, gedoopt op 21‑10‑1804 te Borger, overleden op 26‑11‑1882 te Valthe


28              Jannes Rossing, geboren op 10‑10‑1802 te Odoorn, overleden op 2‑9‑1890 te Exloo

Gehuwd op 14‑4‑1830 te Odoorn met

29              Anna Eggens, geboren op 19‑2‑1801 te Odoorn, gedoopt op 22‑2‑1801 te Odoorn, overleden op 9‑1‑1875 te Exloo


30              Jan Huizingh, geboren op 2‑10‑1796 te Sleen, gedoopt op 9‑10‑1796 te Sleen, overleden op 19‑6‑1859 te Ees

Gehuwd op 13‑1‑1829 te Sleen met

31              Aaltje Kamping, geboren op 18‑8‑1804 te Ees, gedoopt op 26‑8‑1804 te Borger, overleden op 22‑5‑1866 te Ees


Generatie VI : Oud‑ouders


32              Thijs Dijks, kleermaker, geboren op 6‑9‑1774 te Odoorn, overleden op 6‑10‑1842 te Exloo (zie 64)

Geboortedatum ws. verkeerd. In 1798 is hij 35 jaar oud, gehuwd, 1 kind.

Overleden als Lammegien Dijks.

Gehuwd met

33              Trijntje Jans Belt, geboren op 17‑4‑1774 te Odoorn, overleden op 17‑5‑1826 te Exloo


34              Jan Eggens, geboren te Eexterveen, gedoopt op 18‑9‑1774 te Anloo (getuige(n): Margje Jansen van Eexterveen), overleden op 4‑3‑1851 te Exloo

Gehuwd voor de kerk circa 1801 te Odoorn met

35              Hebbelina Rosing, geboren te Exloo, gedoopt op 16‑6‑1776 te Borger, overleden op 21‑7‑1855 te Exloo


36              Egbert Cremers, winkelier/koopman, gedoopt op 23‑9‑1759 te Borger, overleden op 30‑1‑1810 te Exloo, begraven op 2‑2‑1810 te Odoorn

Gehuwd voor de kerk op 9‑4‑1787 te Borger met

37              Anna Helena Nijsing, geboren op 9‑7‑1757 te Hoogeveen, overleden op 29‑1‑1839 te Exloo


38              Jan Alberts Stevens, gedoopt op 28‑3‑1745 te Gasselte, begraven op 23‑4‑1806 te Odoorn

Gehuwd met

39              Aaltje Geerts Stevens, geboren circa 1745 te Exloo, overleden op 23‑8‑1812 te Exloo


40              Geert Jans Lanting, timmerman, geboren te Gieterveen. Kwartierstaat C. de Graaf, nr. 124, gedoopt op 7‑11‑1745 te Gieten, overleden op 30‑8‑1814 te Gasselte

erf van zijn neefje (oomzegger) Jan Lanting.

Ondertrouwd op 5‑4‑1777 te Gasselte met

41              Jantje Lamberts. Kwartierstaat C. de Graaf, nr. 125, gedoopt op 13‑10‑1754 te Gasselte, begraven op 6‑11‑1810 te Gasselte


42              Hindrik Jacobs, geboren op 14‑11‑1757 te Gieten, gedoopt op 20‑11‑1757 te Gieten, overleden op 13‑8‑1823 te Gasselte

Gehuwd voor de kerk op 1‑10‑1780 te Gasselte met

43              Deichien Egberts Oortwijn, gedoopt op 4‑5‑1760 te Gasselte, overleden op 9‑8‑1829 te Gasselte


44              Roelof Jans Middeljans, geboren te Buinermoeras, gedoopt op 17‑6‑1759 te Borger, overleden op 7‑6‑1834 te Buinerveen

Gehuwd voor de kerk op 20‑11‑1791 te Borger met

45              Grietien Jans Haspers, geboren te Gasselterboerveen, gedoopt op 16‑10‑1763 te Gasselte, overleden op 11‑5‑1836 te Borger


46              Harm Jans Trip, gedoopt op 16‑4‑1759 te Anloo (getuige(n): Willemtje Jans, hv. van Roelof Schuiling van Annen), overleden op 8‑7‑1841 te Borger

SP 319 Deel 5 Folio 210 dd.23‑3‑1797

Akte van eenkindschap, staat en inventaris

Ouders:Harm Trip en wijlen Jantje Thomas

Kinderen:Geertje Harms Trip; Hindrikje Harms Trip

h.m.:Jan Pieters van Drouwenermoeras

m.m.:Harm Berents van Buinermoeras; Jan Trip van Eext; Hindrik Jans Trip van Zuidlaren

Bijzonderheden:

Harm is in ondertr. met Geesje Hindriks van Gasselternijveen. Getuigen bruidegom: Jan Berents, zwager; Jan Weitering, zwager. Getuigen bruid: Jan Hindriks Thewes, oom; Evert Hindriks, broer.

Gehuwd voor de kerk (1) op 30‑9‑1787 te Borger met Jantje Thomas, gedoopt op 21‑10‑1759 te Gasselternijveen, overleden circa 1796 te Drouwenerveen

Gehuwd voor de kerk (2) op 30‑4‑1797 te Borger met Geesje Hindriks (zie 47).

47              Geesje Hindriks, gedoopt op 17‑5‑1772 te Gasselternijveen, overleden op 1‑7‑1833 te Drouwenerveen


48              Gerrit Cruimink, gedoopt op 18‑5‑1766 te Dalen, overleden op 13‑3‑1821 te Dalen

SP 42 Deel 2 Folio 141

Datum: 25‑3‑1797

Mombereed; staat en inventaris

Ouders: wijlen G. Cruiming x Hindrikje Caspers

Kinderen: Albert Cruiming

h.m.: Jan Schutstal te Coevorden

m.m.: Jan Gerrits Cruiming; Jan Caspers; Egbert Woldering, alle te

Dalen

SP 42 Deel 2 Folio 249

Datum: 27‑1‑1798

huwelijkscontract

Ouders: Gerrit Kruiming x Hindrikje Caspers

Kinderen: Albert

h.m.: J. Schutstal te Coevorden

m.m.: Jan Gerrits Cruiming; Egbert Woldering; J.H. Caspers, allen

te Dalen

Bijzonderheden:

Hindrikje is getrouwd met Carst Van Taarle. Albert wordt afgekocht voor 1000

gulden.

Medeondertekening door Harm van Taarlo, Lutgertje Jans; Jan Kaspers; Margje Luin.

Gehuwd voor de kerk (1) op 22‑10‑1786 te Dalen met Hindrikje Caspers (zie 49).

Gehuwd voor de kerk (2) op 20‑10‑1793 te Dalen met Hindrikje Wesseling, gedoopt op 17‑4‑1767 te Dalen, overleden op 10‑6‑1807 te Dalen

49              Hindrikje Caspers, gedoopt op 3‑8‑1766 te Dalen, overleden op 26‑10‑1825 te Dalen

Gehuwd voor de kerk (1) op 22‑10‑1786 te Dalen met Gerrit Cruimink (zie 48).

Gehuwd voor de kerk (2) op 17‑4‑1797 te Dalen met Kars van Tarel, gedoopt op 9‑5‑1770 te Dalen, overleden op 5‑5‑1823 te Dalen


50              Jan Kuipers, gedoopt op 24‑7‑1774 te Emmen, begraven op 27‑8‑1831 te Odoorn

Gehuwd voor de kerk op 12‑5‑1799 te Borger met

51              Hindrikje Hoving, geboren op 23‑9‑1764 te Borger, gedoopt op 28‑9‑1764 te Borger, overleden op 28‑5‑1831 te Borger


52              Albert Ensing, geboren te Wachtum, gedoopt op 18‑8‑1754 te Dalen

Op 15‑8‑1795 worden er mombers benoemd over de kinderen van wijlen Albert Ensing en Aaltje Ratering. De kinderen zijn Hermina (10 jaar); Lammigje (7) en Willem (4). De hoofdmomber is Jan Ensing van Dalen en de medemombers zijn Derk Berents van Dalen; Willem Ratering van de Loo en Hindrik Ratering van de Loo. Aaltje hertrouwd met Evert Pauwels, weduwnaar van Geertje Gerrits. De akte geeft ook de staat en inventaris van goederen van Evert Pauwels, weduwe van Geertje Gerrits en meerderjarige dochter Grietje Everts, en broer Geert Pauwels, samen voor de helft, en de weduwe van Pauwel Lodewijk voor de andere helft toebehorende. Bij het huwelijkscontract tussen Evert Pauwels en Aaltje Ratering zijn de getuigen aan de bruidszijde broer Jan Ratering en oom Evert Wesseling. Van de zijde van de bruidegom zijn er geen getuigen.[1]

Gehuwd voor de kerk (1) op 3‑5‑1780 te Dalen met Lammigje Elting (zie 53).

Gehuwd voor de kerk (2) op 2‑5‑1784 te Dalen met Jantje Scholten, gedoopt op 30‑4‑1758 te Dalen

Gehuwd voor de kerk (3) op 3‑12‑1786 te Dalen met Aaltje Ratering, geboren circa 1760 te De Loo, Coevorden

53              Lammigje Elting, geboren voor 1761 te Valthe, gedoopt te Odoorn, overleden 1783 te Dalen


54              Jan Hindriks Nijkeuter, arbeider, geboren op 10‑8‑1746 te Borger, overleden op 10‑10‑1828 te Bronneger

Gehuwd voor de kerk (1) op 12‑5‑1788 te Borger met Geertje Jans, geboren circa 1760 te Drouwenermoeras, overleden voor 1801 te Drouwen

Gehuwd voor de kerk (2) op 17‑5‑1801 te Borger met Aaltje Sijbering (zie 55).

55              Aaltje Sijbering, geboren te Annen, gedoopt op 7‑10‑1770 te Anloo (getuige(n): Margje Roelofs Rijnberg, huisvrouw van Berent Willems van Annen), overleden op 25‑11‑1842 te Drouwen


56              Harm Jans Rossing, kerspelsoldaat, landbouwer, geboren te Ees, gedoopt op 21‑3‑1762 te Borger, overleden op 1‑12‑1846 te Exloo

Gehuwd voor de kerk (1) op 30‑4‑1786 te Borger met Lutgertje Reinders (zie 57).

Gehuwd (2) op 7‑5‑1814 te Odoorn met Trijntje Dilling, landbouwster, geboren op 25‑12‑1792 te Drouwen, gedoopt op 1‑1‑1793 te Borger, overleden op 14‑2‑1848 te Exloo

57              Lutgertje Reinders, gedoopt op 5‑11‑1760 te Vries, overleden op 7‑3‑1813 te Exloo


58              Jan Eggens, geboren te Eexterveen, gedoopt op 17‑11‑1771 te Anloo (getuige(n): Margje Jans van Eexterveen), overleden op 4‑8‑1860 te Assen

Ondertrouwd op 18‑5‑1800 te Borger, gehuwd voor de kerk 1800 te Odoorn met

59              Jantien Tonnis Nijman, gedoopt op 12‑4‑1778 te Gasselte, overleden op 13‑5‑1858 te Schieven, Assen


60              Hindrik Huising, geboren te Erm, gedoopt op 17‑8‑1738 te Sleen, overleden op 3‑2‑1813 te Erm

OSA 1383 Erm no. 27: Hindrik Huising, 60, gehuwd, 4 kinderen.

Gehuwd voor de kerk op 16‑5‑1784 te Sleen met

61              Luichje Willems Eefting, geboren te Erm, gedoopt op 3‑2‑1760 te Sleen, overleden op 18‑6‑1809 te Erm


62              Jacob Jans Kamping, geboren te Zwiggelte, gedoopt op 1‑2‑1767 te Beilen, overleden op 20‑12‑1840 te Smilde

SP 319 Deel 6 Folio 129 dd.9‑5‑1808

Momberbenoeming

Ouders:Jacob Jans en wijlen Jantje Egberts Lenting

Kinderen:Aaltje Jacobs, 4; Egbert Jacobs, 1

h.m.:Jan Egberts Lenting van Borger

m.m.:Hindrik Oosting van Borger; Albert Jans; Arent Jans van Zwiggelte.

Gehuwd voor de kerk (1) op 16‑10‑1803 te Borger met Jantje Egberts Lenting (zie 63).

Gehuwd voor de kerk (2) op 6‑6‑1808 te Borger met Jantje Berents Oosterhof, geboren circa 1773 te Ees, overleden op 26‑6‑1842 te Smilde

63              Jantje Egberts Lenting, gedoopt op 23‑8‑1767 te Borger, overleden op 30‑6‑1807 te Ees

Gehuwd voor de kerk (1) op 25‑6‑1797 te Borger met Harm Camping, geboren te Ees, gedoopt op 3‑11‑1771 te Borger, begraven op 6‑7‑1800 te Ees

SP 319 Deel 5 Folio 432 dd.24‑8‑1803

Momberbenoeming

Ouders:wijlen Harm Kamping en Jantje Egberts Lenting

Kinderen:Albert Kamping, 6; Lammegje Kamping, 4

h.m.:Jan Hindriks Dilling van Bronneger

m.m.:Hindrik Oosting; Jan Egberts Lenting van Borger; Jan Heling van Ees

Jacob Jans van Zwiggelte is in ondertr. met Jantje. Getuigen bruidegom: Lambert Berents, neef; Jan Seggers, neef. Getuigen bruid: Willem Camping, oom; Arent Eleveld, neef.

Deel van de goederen is mandelig met oom Willem Camping.

Gehuwd voor de kerk (2) op 16‑10‑1803 te Borger met Jacob Jans Kamping (zie 62).


Generatie VII : Oud‑grootouders


64              Jan Dijks, geboren circa 1742 ( zie 128)

In 1797 55 jaar oud.

Gehuwd met

65              Lammigje Menting, geboren op 10‑11‑1732 te Odoorn, overleden op 6‑1‑1823 te Exloo


66              Jan Jans Belt, kleermaker, geboren circa 1735, begraven op 4‑7‑1786 te Odoorn

Gehuwd met

67              Jantje Jans Nijenharken, geboren circa 1738 te Exloo, begraven op 15‑6‑1775 te Odoorn


68              Egge Jans, geboren te Eexterveen, gedoopt op 25‑9‑1746 te Anloo (getuige(n): Trijntje Jans van Eexterveen), overleden te Bronneger, begraven op 29‑1‑1810 te Borger

Bij de doop wordt de moeder als Trijntje Jans aangegeven. Dit zal een verschrijving zijn.

Ondertrouwd op 17‑3‑1770 te Anloo met

69              Hindrikje Jans, geboren te Eexterveen, gedoopt op 20‑12‑1739 te Anloo, overleden na 1812 te Bronneger


70              Jan Hamming Rosing, geboren circa 1733 te Exloo, overleden op 9‑7‑1799 te Exloo, begraven op 17‑7‑1799 te Exloo

Hij is 66 jaar oud in 1798.[2] Op het zelfde erf wordt Hindrik Rosing als boerenzoon genoemd, 19 jaar oud.

Op 20‑3‑1812 worden de goederen van Hinderika Manting verdeeld onder de erfgenamen, Jan Hamming Rosing, Hindrik Manting, Jan Eggens en Jan Rosing Nijenhuis. Waarom Jan Rosing Nijenhuis hier genoemd wordt is ons niet duidelijk geworden. Mogelijk was hij gehuwd met een onbekende dochter van Jan Hamminck. Jan Rosing Nijenhuis tr. op 27‑8‑1814 te Zuidlaren met Janna Egberts Sissing, maar in de huwelijksakten wordt hij niet als weduwnaar genoemd.

In het patiëntenboek van Willem Mantinge in Hoogeveen staat bij de kraambladen:

9 februari: vrouw Rosing verlost, of anders mijn zuster, getrouwt an J Rosing, verlost 's avonds om half tien. Een zoontje f. 15.

1 augustus 1780: mijn zuster Henderkijn verlost om zeven ure 's avonds te Exloo. Een dogter f. 15‑.

Gehuwd voor de kerk op 5‑6‑1775 te Odoorn met

71              Henrica Manting, geboren te Westdorp, gedoopt op 14‑6‑1744 te Borger, overleden op 5‑2‑1810 te Exloo


72              Onne Remmers, geboren circa 1724 te Borger

Gehuwd voor de kerk op 30‑11‑1749 te Borger met

73              Hindrikje Cremers, geboren circa 1724 te Borger


74              Roelof Jans Nijsing, herbergier, geboren te Borger, gedoopt op 19‑1‑1721 te Gasselte

HSR 1774 Gieten: 2, keuter en herbergier.

Gehuwd voor de kerk voor 1750 met

75              Alida Prijs, gedoopt op 11‑5‑1727 te Hoogeveen


76              Albert Jans Binneke? Scheper, geboren voor 1717, overleden op 13‑8‑1765 te Gasselte

SP 319 Deel 3 Folio 484 dd.17‑8‑1765

Momberbenoeming

Ouders:wijlen Albert Jans en wijlen Geesje Jans van Gasselte

Kinderen:Jan Alberts; Hindrik Alberts; Zwaantje Alberts; Albert Alberts

h.m.:Harm Gommers van Bonnen

m.m.:Berent Thijs? van Borger; Hindrik Jans van Westenes; Albert Jans van Westrup.

Gehuwd voor de kerk voor 1737 met

77              Geesje Jans Snoeing? Geboren voor 1717, overleden op 13‑8‑1765 te Gasselte


78              Geert Jans Stevens, overleden op 29‑8‑1758 te Exloo

Gehuwd met

79              Geertje Stevens, overleden op 10‑11‑1797 te Odoorn


80              Jan Hindriks Lanting, geboren circa 1704 te Gieten, overleden te Gieterveen, begraven op 30‑4‑1767 te Gieten

HSR 1742 Gieterveen: 1.

OSA 1110 1749 Gieterveen: Jan Hendriks Lantinge.

HSR 1754 Gieterveen: 1.

HSR 1764 Gieterveen: 1, wed. Jan Lantinge.

Gehuwd voor de kerk op 4‑12‑1740 te Anloo met

81              Jantje Geerts, geboren circa 1715 te Gieterveen


82              Lambert Ottens, gedoopt op 22‑10‑1724 te Gasselternijveen, begraven op 23‑11‑1781 te Gasselternijveen

Gehuwd voor de kerk op 6‑11‑1743 te Gasselternijveen met

83              Annigje Hindriks, gedoopt op 27‑10‑1720 te Gasselternijveen, overleden op 24‑10‑1808 te Gasselternijveen


84              Jacob Geerts, geboren circa 1727 te Gieten, begraven op 21‑4‑1775 te Gieten

HSR 1774 Gieten: 3.

SP 266 Deel 8 Folio 583 dd.16‑9‑1777

Mombereed en inventaris

Ouders:wijlen Jacob Geerts en Aaltje Hindriks

Kinderen:Roelofje Jacobs (22 jaar); Hindrik Jacobs (20 jaar); Lammigje Jacobs (16 jaar); Geert Jacobs (8 jaar); Geesje Jacobs (6 jaar); Willemtje Jacobs (4 jaar)

h.m.:Harm Pepping (v.z.)

m.m.:Jacob Pepping van Gieten (v.z.); Albert Hindriks van Gieten (m.z.); Hindrik Hindriks van Gieten (m.z.)

Bijzonderheden

De grootvader Hindrik Jans is overgeslagen als momber vanwege zijn hoge leeftijd. Aaltje hertrouwd met Harm Eling van Gieten.

De inventaris is deels van de meerderjarige dochter Hilligje Jacobs, vrouw van Egbert Pieters.

SP 266 Deel 8 Folio 857 Datum20‑1‑1781

Momberrekening

Ouders:wijlen Jacob Geerts en Aaltje Geerts[3]

Kinderen:o.a. Hindrik Jacobs (nu te Gasselte, meerderjarig, en gehuwd)

h.m.:Albert Hindriks van Gieten

m.m.:Hindrik Hindriks van Gieten; Berent Hindriks van Weerdinge; Jacob Pepping van Bonnen

Bijzonderheden

Aaltje is nu huisvrouw van Harm Eling.

Uitgave aan Jannes Derks nom. ux. Roelofje wegens uitboeling.

Uitgave aan Hindricus Hindriks van Eext nom. ux. Lammigje wegens uitboeling.

De hoofdmomber blijft nog schuldig de rest van de inkomsten aan de 7 kinderen.

Gehuwd voor de kerk op 25‑3‑1753 te Gieten met

85              Aaltje Hindriks Meijers, geboren te Gieten, gedoopt op 21‑2‑1734 te Gieten, begraven op 19‑5‑1809 te Gieten

Gehuwd voor de kerk (1) op 25‑3‑1753 te Gieten met Jacob Geerts (zie 84).

Gehuwd voor de kerk (2) op 12‑10‑1777 te Gieten met Harm Hindriks Eling, gedoopt op 27‑11‑1746 te Gieten, overleden op 5‑10‑1828 te Anderen

HSR 1784 Gieten: 3.

HSR 1794 Gieten: 3.

OSA 1383 Gieten huisnr. 13: 56, landbouwer, gehuwd.

HSR 1804 Gieten: 3.

OSA 1513 1807 Gieten no. 19.


86              Egbert Jans Oortwijn, geboren circa 1729 te Gieten

Gehuwd voor de kerk op 1‑12‑1754 te Gasselte met

87              Roelofje Jans, geboren circa 1730 te Drouwen, overleden op 19‑1‑1787 te Gasselte


88              Jan Harms, geboren circa 1725 te Buinermoeras. Mogelijk Hamering of zoon z.v. Harm Jansen die in 1742 in het haardsteden register van Borger vermeldt wordt als "heeft ook een peert geniet mede van de diaconie van Westerbork", deze identiek met Harm Jansen aangenomen december 1724 m.a.v. Borger, tr 18‑11‑1725 te Westerbork met Geessien Berents pasen 1725 aangenomen m.a.v. Oosterhesselen.

Gehuwd voor de kerk op 19‑7‑1750 te Borger met

89              Grietje Claassen, geboren circa 1725 te Buinermoeras, mog. d.v. Claas Hilbrands & Marrechijn Roelofs


90              Jan Jans Haspers, geboren circa 1735 te Muntendam

Gehuwd voor de kerk op 10‑11‑1760 te Gasselte met

91              Willemtje Geerts, gedoopt op 24‑8‑1738 te Gasselternijveen


92              Jan Jannes, geboren te Eext, gedoopt op 3‑10‑1720 te Anloo

Gehuwd voor de kerk op 3‑6‑1753 te Zuidlaren met

93              Geertje Jans Trip, geboren te Annerveen, gedoopt op 26‑10‑1727 te Anloo

Zij wordt genoemd in 1798 te Eext op huisnummer. 74, arbeidster, 1k, wed.


94              Hindrik Everts, geboren te Gasselterboerveen, gedoopt op 3‑12‑1741 te Gasselte, overleden op 18‑12‑1781 te Gasselternijveen

Gehuwd voor de kerk op 3‑9‑1769 te Gasselternijveen met

95              Geertje Claassen, gedoopt op 2‑8‑1733 te Gasselternijveen, overleden op 5‑6‑1822 te Gasselternijveen


96              Jan Kruimink, geboren circa 1740 te Dalen

Gehuwd voor de kerk op 11‑12‑1763 te Dalen met

97              Grietje Caspers, gedoopt op 18‑4‑1734 te Dalen


98              Jan Caspers, gedoopt op 24‑6‑1731 te Dalen

Ondertrouwd op 31‑1‑1756 te Dalen met

99              Margje Luin, gedoopt op 10‑9‑1730 te Dalen, overleden op 27‑5‑1813 te Dalen


100            Jan Cuper, gedoopt op 17‑8‑1721 te Emmen, begraven op 27‑6‑1787 te Emmen

Gehuwd voor de kerk op 22‑7‑1752 te Emmen met

101            Hindrikje Hindriks, gedoopt op 13‑12‑1733 te Emmen, overleden op 13‑1‑1813 te Emmen


102            Harm Willems Hoving, geboren circa 1725 te Buinen, overleden op 9‑9‑1795 te Borger

SP 319 Deel 4 Folio 265 dd. 3‑5‑1775

Akte van eenkindschap

Ouders:Harm Hoving en Aaltje Jans

Kinderen:Jeichje Hoving; Hindrikje Hoving; Jantje Hoving; Jan Hoving

h.m.:Jan Oosting van Borger

m.m.:Harm Egberts van Borger; Willem Willems Hoving van Buinen; Jacob Reinders van Buinen

Bijzonderheden:

Harm is in ondertrouw met Aaltje Jans Smit van Emmen.

Aan de kant van Harm Hoving treden als getuige op zijn neven Arent Hilbing en Geert Buining. Aan de kant van de bruid treden op haar zwager Adolph Hindriks en neef Geert Jans.

Gehuwd voor de kerk (1) op 23‑5‑1762 te Borger met Aaltje Jans (zie 103).

Gehuwd voor de kerk (2) op 19‑3‑1775 te Borger met Aaltje Jansen Smits, gedoopt op 10‑3‑1737 te Emmen

103            Aaltje Jans, geboren circa 1730 te Borger


104            Berent Ensing, geboren circa 1730 te 't Laar

Ondertrouwd (1) op 1‑4‑1753 te Dalen met Jantje Hidding (zie 105).

Gehuwd voor de kerk (2) op 26‑10‑1755 te Dalen met Hindrikje Jans Zelkers, geboren circa 1735 te Wachtum, overleden op 28‑8‑1815 te Wachtum

105            Jantje Hidding, geboren te Wachtum, gedoopt op 20‑4‑1727 te Dalen


106            Lucas Elting, geboren circa 1717 te Odoorn, overleden op 6‑4‑1805 te Valthe

Gehuwd voor de kerk circa 1752 met

107            Geertje Dilling, geboren circa 1730 te Odoorn, overleden op 16‑8‑1800 te Valthe


108            Hindrik Rutgers, snijder, geboren circa 1716 te Sleen

Ondertrouwd op 17‑12‑1741 te Zweeloo, gehuwd voor de kerk 1741 te Borger/Sleen met

109            Grietje Fransen, geboren circa 1716 te Drouwenerveen


110            Berent Jans Sijbering, geboren op 5‑12‑1739 te Gieten, overleden op 11‑10‑1821 te Eext

OSA 1383 Eext: huisnr. 255, arbeider, geh, 2k.

Gehuwd voor de kerk (1) op 22‑11‑1767 te Anloo met Geesje Jans (zie 111).

Gehuwd voor de kerk (2) op 6‑12‑1778 te Anloo met Grietje Jans, geboren te Eext, gedoopt op 10‑10‑1745 te Anloo (getuige(n): Geesje Jans van Balloo)

111            Geesje Jans, geboren te Annen, gedoopt op 15‑8‑1741 te Anloo (getuige(n): Aaltje Eggens van Annen)


112            Jannes Hindriks Rossing, geboren circa 1734 te Ees, begraven op 13‑4‑1792 te Odoorn

Gehuwd voor de kerk op 4‑6‑1759 te Borger met

113            Aaltje Harms Ziengs, geboren circa 1734 te Valthe, begraven op 14‑6‑1803 te Odoorn


114            Reinder Egberts, geboren circa 1721 te Drouwen

Etstoel Deel/folio/datum52/227/29‑11‑1757

Onderwerp:goedkeuring eenkindscontract

Inhoud:Gerrit Jansen Hilbinge als hoofdmomber en Engbert Harms, Jacob Dillinge en Hindrik Egberts te Gieten als medemombers over het dochtertje van Fraukein Jansen en Reinder Engberts verzoeken om goedkeuring van een eenkindscontract d.d. 27‑10‑1757 wegens het hertrouwen van de vader met Hendrikje Harms.

SP312 Deel 1 folio 319 lening

Leners:Reinder Egberts te Drouwen en huisvrouw

Uitleners:ette Frerik Hidding en zijn broers Jan en Willem Hidding te Gasselte

Bedrag:200 Plaats:Gasselte Datum:2‑7‑1767.

Gehuwd voor de kerk (1) op 13‑5‑1753 te Borger met Frougien Jans, geboren te Drouwen, gedoopt op 7‑3‑1717 te Gasselte

Gehuwd voor de kerk (2) op 15‑5‑1757 te Borger met Hindrikje Harms (zie 115).

115            Hindrikje Harms, geboren te Donderen, gedoopt op 17‑8‑1732 te Vries


116            = 68 Egge Jans.

117            = 69 Hindrikje Jans.


118            Tonnis Jans Nijman, geboren op 7‑4‑1738 te Den Ham, overleden op 12‑8‑1825 te Odoorn

HSR 1784 Gieten: 1.

HSR 1804 Gieten: 1.

Gehuwd met

119            Annegien Thies, geboren circa 1750 te Odoorn, overleden op 17‑12‑1802 te Odoorn


120            Jan Karst Peuling, gedoopt 1699 te Sleen

Alias Huising.

Gehuwd voor de kerk voor 1736 met

121            Willemtje Huising, geboren circa 1710

Mogelijk overleden 4‑8‑1794 te Erm.


122            Willem Eefting, geboren te Erm, gedoopt op 25‑9‑1731 te Sleen, overleden op 22‑12‑1798 te Erm

Jan Eefting en Willem Eefting te Erm lenen op 13‑7‑1782 287 gulden van hun broers en eigen kinderen. Het betreft een schuld wegens een gift door Jantje Thijn op 17‑3‑1774 aan de kinderen van Willem Eefting, met namen Roelof Eefting; Luichje Eefting; Jan Eefting en Grietje Eefting.[4]

Ondertrouwd op 14‑5‑1757 te Emmen, gehuwd voor de kerk op 15‑5‑1757 te Sleen met

123            Albertje Roelofs Elsing, geboren circa 1730 te Erm, overleden op 4‑1‑1796 te Erm


124            Jan Arents, geboren circa 1740 te Zwiggelte, overleden op 12‑9‑1798 te Zwiggelte

Gehuwd voor de kerk op 26‑5‑1765 te Beilen met

125            Aaltje Alberts, geboren te Zwiggelte, gedoopt op 12‑10‑1732 te Beilen, overleden op 14‑4‑1809 te Zwiggelte


126            Egbert Jans Lenting, geboren te Ees, gedoopt op 14‑8‑1736 te Borger

Gehuwd voor de kerk op 20‑11‑1763 te Borger met

127            Lammigje Jans, geboren circa 1740 te Buinen


Generatie VIII : Oud‑overgrootouders


128            Hindrik Hinriks Dijks, geboren circa 1715    (zie 258 )

Gehuwd voor de kerk voor 1736 met

129            Jantje Dijks, geboren circa 1715 te Exloo


130            Thijs Menting, geboren circa 1695 te Exloo

Ook Oosting genoemd.

Gehuwd met

131            Hendrica Having, geboren circa 1700


134            Jan Nijenharken, geboren circa 1710

Gehuwd voor de kerk voor 1736 met

135            Trijntje Alting, geboren circa 1710 te Exloo

Gehuwd voor de kerk (1) voor 1736 met Jan Nijenharken (zie 134).

Gehuwd (2) met Jan Oosting, geboren circa 1700 te Exloo

Hij wordt genoemd in het haardstedenregister te Exloo met een vol erf in 1754, 1764, 1774. In 1794 met een 3/4 erf. Op deze plek wordt daarvoor Geert Oosting genoemd.


136            Jan Eggens, geboren te Eexterveen, gedoopt op 16‑3‑1701 te Anloo, overleden voor 1779

In 1745 leggen de mombers over de kinderen van Jan Eggens en wijlen Aaltje Schuiling de eed af. De kinderen zijn Grietje Jans, Jantje Jans en Roelofje Jans. Als mombers van moederszijde worden Hindrik Schuiling van Annen en Roelof Schuiling van Annen benoemd, van vaderszijde Berent Jans van Eexterveen en Willem Eggens, broer van Jan Eggens, van Eexterveen. In de akte wordt verder Grietje Rijnberg als grootmoeder van de kinderen vermeld.[5]

Op 27‑7‑1779 leent Margje Jans Schuiling, weduwe van Jan Eggens, en haar zoon Jan Jans van Eexterveen 250 gulden van Cornelius Meinderts van Eexterveen.[6]

Gehuwd voor de kerk (1) op 25‑10‑1722 te Anloo met Aaltje Jans Schuiling, geboren te Annen, gedoopt op 29‑9‑1702 te Anloo

Gehuwd voor de kerk (2) op 14‑11‑1745 te Anloo met Margje Jans Schuiling (zie 137).

137            Margje Jans Schuiling, geboren circa 1720 te Annen


138            Jan Geerts, geboren te Gieterveen, Hilte, gedoopt op 19‑7‑1719 te Gasselte

HSR 1754 Gieterveen: 1.

Gehuwd voor de kerk op 1‑2‑1739 te Anloo met

139            Jantje Hindriks, geboren circa 1718 te Eexterveen


140            Jan Hamming Rosing, geboren circa 1716 te Exloo, overleden op 19‑11‑1790 te Exloo

Op 23‑2‑1737 lenen Hindrik Peuling en zijn huisvrouw 445 gulden van Hammink Rosing en zijn vrouw Hebeltje Seringe van Exloo.[7]

Hij staat in 1742 in de haarstedenregisters van Exloo vermeld als Hammink Zeringen, en in 1754/1764 als Jan Hammink Rosinge, in 1774/1784 als Hammink Rosing, altijd als volle boer. In 1804 wordt zijn weduwe vermeld.

Hebeltien Seringe maakt op 8 januari 1766 haar testament op. Voor de schulte Jan Rudolf Bottichius, noemt zij als haar erfgenamen haar drie kinderen, Jan Rosing, Willemtien Rosing wed. van de executeur D.W. Pleijster en Swaantien Rosing. Als Willemtien Rosing komt te overlijden zal haar zoon Johan Coenraad Pleijster erven, samen met eventuele kinderen uit een tweede huwelijk.[8]

Gehuwd voor de kerk circa 1733 te Odoorn met

141            Hebeltien Seringe, geboren circa 1710 te Exloo, overleden op 13‑12‑1772 te Exloo


142            Hindrik Manting, geboren circa 1700, overleden na 1760

Gehuwd voor de kerk circa 1730 met

143            Annechien Manting, geboren circa 1695 te Odoorn


146            Egbert Cremers, geboren circa 1680 te Borger


148            Jan Nijsing, gedoopt op 21‑7‑1697 te Groningen

SP 312.Deel 1 folio 236

Soort akte: verklaring

Jan Nijsing nom. ux. Willemina Hepping en Hindrik Joling te Weerdinge en de momberen van de diens voorkinderen sluiten een accoord over de erfenis van Aaltje, Lammigje en Jantje Honning. Jan Nijsing betaald aan Hindrik Joling en zijn 3 voorkinderen 387 gulden10 te beginnen op 5‑1730.

Plaats: Emmen

Datum: 20‑1‑1730

Bijzonderheden: Ondertekening door Jan Honning; Hindrik Joling; Eise Marissen; Roelof Gerrits.

Gehuwd voor de kerk (1) circa 1720 met Elisabeth Steenbergen (zie 149).

Gehuwd voor de kerk (2) op 20‑10‑1726 te Emmen met Juffer Willemina Hepping, geboren circa 1696 te Wachtum

149            Elisabeth Steenbergen


150            Borch Prijs

Gehuwd met

151            Aaltje Everts


160            Hindrik Lanting, geboren circa 1670 te Gieten, overleden 1704/1713 te Gieterveen

SP 266 Deel 2 Folio 29 Datum 23‑11‑1725

Momberrekening

Ouders:wijlen Hindrik Lanting en Grietje Harmens

Kinderen:Jan Lanting; Trijntje Lanting

h.m.:Roelof Sloots

m.m.:Claas Lanting en Harmen Lanting van Eexterveen; Jan Lanting van Gieten

Bijzonderheden

Er is meerderjarige zoon Willem Lanting.

Gehuwd voor de kerk op 2‑11‑1690 te Gieten met

161            Grietje Harms, geboren ca 1665 te Gieten, overleden na 1725

Door sommigen wordt zijn Sloots genoemd. (o.a. C. de Graaf).


162            Geert Jans, geboren circa 1690, overleden voor 1730

SP 266 Deel 2 Folio 194 Datum 21‑1‑1730 Mombereed

Ouders:wijlen Geert Jansen en Hindrikje Harmens van Gieterveen

Kinderen:Hindrik Geerts; Jan Harmen Geerts[9]; Jantje Geerts; Lammegje Geerts

h.m.:Hindrik Jansen (v.z.)

m.m.:Geert Harmens (v.z.); Jan Velthuis (m.z.); Harmen Harmens (m.z.)

Bijzonderheden

Hindrikje hertrouwd met Berend Poelmans van Eexterveen.

Gehuwd voor de kerk circa 1715 met

163            Hindrikje Harms, geboren circa 1700 te Eexterveen, overleden na 1778

Gehuwd voor de kerk (1) circa 1715 met Geert Jans (zie 162).

Gehuwd voor de kerk (2) op 22‑1‑1730 te Anloo met Berent Geerts Poelmans, geboren te Eexterveen, gedoopt op 2‑6‑1689 te Anloo, overleden voor 1764

SP 264 dl 3 blz. 425: dd. 28 juni 1737

Berent Geerts Poelman en Hinderkien Harms lenen van Hinderkiens vader Harmen Hindriks te Eexterveen een bedrag van 1150 gulden.

HSR 1742 Gieterveen: 2.

OSA 1110 1749 Gieterveen:

HSR 1754 Gieterveen: 2.

HSR 1764 Gieterveen: 2, wed. Berent Poelmans.

SP 264 Deel 6 fol. 507: Hindrikje Harms, wed. van Berent Poelmans en zonen Geert Poelmans en Harm Poelmans van Gieterveen lenen van Hindrik Hogenesch van Gieten 200 gulden op 24‑6‑1778.

HSR 1774 Gieterveen: 2, wed. Berent Poelman.

HSR 1784 Gieterveen: 2, wed. Berent Poelman.

SP 264 deel 7 folio 68 lening van 200 gulden door Hindrikje Harms, wed. van Berent Poelmans van Gieterveen en zoon Harm Poelmans van Roelof Wiering x Jantje Hogenesch van dd. 1‑11‑1791.


164            Otto Derks, gedoopt op 19‑4‑1699 te Gasselternijveen, overleden voor 1744 te Gasselternijveen

Gehuwd voor de kerk circa 1721 te Gasselternijveen met

165            Aaltje Lamberts, geboren voor 1700, overleden op 18‑2‑1774 te Gasselternijveen

Gehuwd voor de kerk (1) circa 1721 te Gasselternijveen met Otto Derks (zie 164).

Gehuwd voor de kerk (2) op 3‑3‑1747 te Gasselternijveen met Evert Berents Koning, geboren voor 1703

SP 264 deel 3 folio 322

Soort akte:lening

Leners:Evert Berents x Roelfien Alberts te Gieterveen

Uitleners:ette Pieter Huising te Bonnen

Bedrag:83‑18‑0

Keurnoten:ette Lambert Huising en Cornelis Sloots

Plaats:Gieten

Datum:21‑4‑1732

Bijzonderheden:huishuur.


166            Hindrik N.N.

Gehuwd met

167            Oegje Jans, geboren circa 1695


168            Geert Harms, landbouwer, geboren circa 1695 te Gieterveen, overleden na 1742 te Gieterveen

In 1716 ondertekende hij een verklaring, dat hij getuige was geweest bij een gesprek tussen Claas Ottens en de Ette Hendrick Huising over de verkoop van enkele Akkers.[10] In 1722 verkocht Geert een paard, welk geld door zijn oom Jacob Pepping 'vanwege mijn neef' in ontvangst werd genomen. Zijn woonplaats werd toen omschreven als: bij de Hopmanswijk. Acht jaar later ondertekende hij als buur van Gieterveen een wilkeur betreffende het begraven en het onderhoud van de dijken. Hij was in 1739 momber over de kinderen van Roelof Jacobs Pepping en Trijntje Harms. Zijn laatste vermelding dateert van 1742, als hij nog vermeldt wordt in het haardstedenregister.

Gehuwd voor de kerk 1720/1725 met

169            Grietje Hindriks, geboren 1700/1710, overleden na 1740


170            Hindrik Jans, geboren circa 1700 te Gieten, overleden 1785 te Gieten

HSR 1742: 4.

HSR 1774 Gieten: Jan Alberts Jan en broers.

Niet zeker dat hij een zoon is van Jan Alberts. Klopt echter wel met naamgeving en familienaam.

erft 1750 van zijn zuster Wemeltien Jans, evenals zijn broers Willem Jans, Geert Jans en Jan Jans (OSA 1785). Erft geld van de erfenis van zijn broer Geert Jans twv 2200, (OSA 1785, fol. 6982): 1782.


Deel/folio/datum64/99/13 6 1786

Eiser:Jan Willems namens zijn vrouw Luigien Hendriks te Gasselternijveen, Arent Hendriks voor zich en als vader van zijn minderjarige kinderen bij Geesje Hendriks verwekt, Harm Elinge namens zijn vrouw Aaltje Hendriks te Gieten kinderen en te samen voor drie zevende deel gerechtigd tot de erfenis van wijlen Roelofje Harms

Verweerder:Albert Hendriks, Hendrik Hendriks en Harm Meijers Hendriks te Gieten ook voor drie zevende gerechtigd

Onderwerp:erfenis

Inhoud:eiser wil zijn deel van de erfenis. Volgens de eiser hebben Hendrik Janssen en zijn vrouw Roelofje Harms 8 kinderen nagelaten, 5 zonen en 3 dochters. De eisers zijn met de dochters gehuwd. De zoon Jan Hendriks is in 1781 kinderloos overleden. De moeder is in 1776 overleden, de vader in 1785. Volgens de verweerders hebben hun twee ooms Jan Jansen en Geert Jansen met hun ouders een mandelige huishouding gehad, en zijn de dochters afgekocht.

Gehuwd voor de kerk op 9‑9‑1731 te Anloo met

171            Roelofje Harms, geboren circa 1710 te Eexterveen, overleden 1776 te Gieten, begraven op 16‑2‑1776 te Gieten

Er is veel onduidelijkheid omtrent haar. In 1731 werd te Anloo het huwelijk tussen Hendrik Jansen van Gieten en Roelofje Harms van Eexterveen ingeschreven, maar later echter weer doorgestreept. Desondanks komen we in de jaren veertig een doop te Gieten tegen van een Harm Meyers, zoon van Hendrik Jans en Roelofje Harms. Het ligt derhalve voor de hand hierin het bovengenoemde echtpaar te zien, temeer daar er geen andere echtparen met deze naamscombinatie te vinden zijn. De zoon zou dan genoemd kunnen zijn naar de grootvader, waarmee de familienaam van Roelofje dus eveneens Meyers zou zijn. De familienaam Meyers komt niet voor te Eexterveen, wel te Anderen. Harmen (!) Meyers van Gieten (zoon van Barelt Meyers) was namelijk gehuwd met Aaltje Coops van Anderen. Mogelijk was Roelofje dienstmeid te Eexterveen, reden waarom ze 'van Eexterveen' genoemd wordt. Ook de naam van een ander kind van dit echtpaar, Luichien Meyers, komt in deze familie voor. Verder is bekend, dat een Aaltien Hendriks Meyers van Gieten gehuwd was met Jacob Geerts (nakomelingen noemen zich Westerhuis), die een broer Albert Hendriks Meyers en een broer Hendrik Hendriks had. De doop van Albert is niet te vinden, maar dat kan het gevolg zijn van het ontbreken van het doopboek van Gieten over de periode 1731 1733. De doop van Hendrik vond plaats in 1736.


172            Jan Egberts Oortwijn, timmerman, geboren circa 1697

SP 266 Deel 3 Folio 308 Datum 14‑5‑1738 Mombereed en inventaris

Ouders:Jan Egberts Oortwijn en wijlen Diegje Hindriks

Kinderen:Egbert Oortwijn; Berent Oortwijn; Frerik Oortwijn

h.m.:Harmen Roelofs (m.z.)

m.m.:Roelof Strijks (m.z.); Roelof Egberts (v.z.); Lucas Eling (v.z.)

Bijzonderheden: Jan hertrouwd met zijn dienstmaagd Naneke Harmens.

Akte waarschijnlijk niet kompleet.

HSR 1742 Gieten: 2, en als timmerman.

OSA 110 1749 Gieten: Jan Oortwijn Egberts

HSR 1754 Gieten: 2, keuter en timmerman.

SP 264 deel 4 folio 286: Mr. Jan Egberts Oortwijn x Nanike Harms lenen 52 gulden van predikant Hinderijkus van Bijlen, dd. 21‑4‑1744.

SP 264 deel 4 folio 494: Jan Oortwijn Egberts en Hinderikus Beuker en vrouwen van Gieten lenen 200 gulden van ette Frerik Hidding en broers, wegens aankoop van huis van Boele Meursing en Boele Julsing en consorten, dd. 6‑3‑1755.

HSR 1764 Gieten: 2, keuter en timmerman.

SP 264 dl. 5 folio 382: Jan Oortwijn Egberts van Gieten leent 140 gulden van Hindrik Hogenesch van dd. 22‑5‑1770.

Gehuwd voor de kerk (1) circa 1727 met Diechje Hindriks (zie 173).

Gehuwd voor de kerk (2) circa 1738 met Naanke Harms, geboren circa 1713

173            Diechje Hindriks, geboren circa 1700, overleden op 2‑3‑1736 te Gieten


174            Jan Roelofs Nijenbronniger?

SP 319 Fol. 62, 02‑02‑1736

Gebeurtenis:Momberrekening

Ouders:Jan Roelfs x Lubbechien Warrinck

Plaats:

Hoofdmomber:Egbert Warrinck

Medemombers:Hindrik Harmens, Jan Harmens en Lourens Pieters

Namen kinderen:[11]

NB: Arent Hendriks heeft goederen met de kinderen mandelig.

SP 319 Deel 3 Folio 99

Datum:21‑4‑1751

Momberrekening III

Ouders:wijlen Jan Roelofs en Lubbegje Warrincks

Kinderen:Warrinck Jans; Roelofje Jans

h.m.:Egbert Warrincks

m.m.:Lourents Pieters; Jan Harms.

Bijzonderheden:

Derk Jans is getr. met de pupil Jantje Jans.

De pupillen hebben nog een deel van de erfenis van hun moeder tegoed, te delen met de h.m. en zijn zuster.

Gehuwd met

175            Lubbechien Warcks, gedoopt op 7‑1‑1694 te Gasselte


182            Geert Hindriks, geboren voor 1703

Gehuwd voor de kerk voor 1724 met

183            Grietje Harms, geboren voor 1704


184            Jannes Derks, geboren circa 1690 te Eext? Overleden op 8‑8‑1734 te Eext

SP 266 Deel 3 Folio 379 dd.14‑10‑1739 Mombereed en inventaris

Ouders:wijlen Jannes Derks en Grietje Hamming

Kinderen:Jan Jannes; Jantje Jannes; Aaltje Jannes

h.m.:Hindrik Hamming (m.z.) (de hoofdmomber kwam van moederszijde omdat de mombers van vaderszijde niet konden schrijven.

m.m.:Jan Geerts van Wildervank (v.z.); Jan Lamberts van Zuidlaren (v.z.); Jacob Hamming

Bijzonderheden: Er is hooiland mandelig met Jacob Hamming

Grietje hertrouwt met Pieter Jansen

Op 16‑11‑1742 zijn de mombers over Jan, Jantien en Aaltien Jannis, kinderen van wijlen Jannis Dercks en Grietje Hamming: Hindrik Hamming te Eext, Jacob Hamming, Jan Lamberts en Jan Geerts te Wildervank.

Gehuwd voor de kerk op 12‑11‑1719 te Anloo met

185            Grietje Jans Hamming, geboren te Eext, gedoopt op 22‑7‑1688 te Anloo

Gehuwd voor de kerk (1) op 12‑11‑1719 te Anloo met Jannes Derks (zie 184).

Gehuwd voor de kerk (2) op 22‑11‑1739 te Anloo met Pieter Jans, geboren circa 1710 te Wirdum, overleden op 15‑12‑1742 te Assen

Wegens bigamie door onthoofding om het leven gebracht.


186            Jan Berents Trip, geboren te Eexterveen, gedoopt op 6‑9‑1683 te Anloo

Gehuwd met

187            Sijgertje Hindriks, gedoopt op 31‑7‑1687 te Anloo


188            Evert Tiaarts, geboren circa 1714 te Gasselternijveen

Gehuwd voor de kerk op 22‑11‑1739 te Gasselte met

189            Lummichje Hindriks, gedoopt op 22‑7‑1703 te Gasselternijveen


190            Claas Geerts

Gehuwd met

191            Geesje Alberts


194            Jan Harms Caspers


196            = 194 Jan Harms Caspers.


198            Willem Luin, geboren circa 1700 te Dalen


200            Harm Claassen Cuper, gedoopt op 13‑5‑1677 te Emmen, begraven op 10‑2‑1739 te Emmen

Gehuwd met

201            Swaantje Hillebrants, gedoopt op 9‑7‑1682 te Emmen


202            Hindrik Harms Meijering, timmerman, geboren circa 1705 te Westenesch, begraven op 20‑6‑1747 te Emmen

Ook Wekinge genoemd.

SP 74/II/50 20‑06‑1748. Beëdigd Jan Brinks hm, mm Jan Meinders, Evert Harms en Jan Everts. Over Harm, Aaltje, Hindrikje, Willemtje, Aaltje en Grietje kv Hindrik Wekinge van Westenes en Jantje Brinks. Jantje hertrouwt met de E. Albert Reurkes van zb. De vader van de bruidegom tekent Albert Ruirkus of Rurekes.

SP 74 deel 2 folio 51 08‑04‑1757. Jan Brinks van Westenes hm, mm Evert Harms en Jan Everts. Jan Meinders afwezig wegens impotentie. Over de kv Hindrik Wekinge en Jantje Brinks. Aanwezig de nu meerderjarige pupil Harm, alsmede Harm Harms getrouwd met Aaltje en Jan Kuiper getrouwd met Hindrikje.

SP 72 deel 2 folio 140vo Evert Harms, Jan Meinders en Jan Everts medemombaren over de kv wijlen Hindrik Wekinge en Jantje Harms, nu hertrouwd met Albert Reurkes kosters man te Emmen ter ener zijde en Jan Meiering, volle broeder van wijlen Hindrik Wekinge, spreken af over de ouderlijke boedel. Jan Meiering is ƒ 150 verschuldigd tot afkoop, te betalen 1/5/1754. Daarmee zijn de kinderen van hun vaders vaste en tilbare boedel uitgekocht. Emmen, 11/1/1754. De schult verklaart dat Jan Brinks zijn merk heeft gezet; dat is vermoedelijk Jan Meiering, want de anderen tekenen zelf.

Gehuwd voor de kerk op 27‑2‑1729 te Emmen met

203            Jantje Harms Wekinge, geboren te Noordbarge, gedoopt op 10‑4‑1705 te Emmen

Gehuwd voor de kerk (1) op 27‑2‑1729 te Emmen met Hindrik Harms Meijering (zie 202).

Gehuwd voor de kerk (2) op 14‑7‑1748 te Emmen met Albert Reurkes, geboren te Zuidbarge, gedoopt op 4‑10‑1719 te Emmen, begraven op 5‑11‑1784 te Emmen


204            Willem Hoving, geboren circa 1695 te Buinen?

Op 26‑2‑1738 worden er mombers benoemd over de kinderen van Willem Hoving en wijlen Jeigje Tebinge. De hoofdmomber is Hendrik Tebinge, de medemombers zijn Willem Seegers, Jan Hoving en Klaas Hoving. De kinderen zijn: Harm Hoving, Roelof Hoving en Wubbechien Hoving. Er is een nalatenschap van Frerick Tebing, de oom van de pupillen.[12] Op 16‑5‑1744 wordt er een momberrekening opgemaakt. Roelof Hoving, door zijn huwelijk met Trijntien Toonis is mondig, Jacob Reynders Cuipers is in 1741 gehuwd met Wubbechien Hovinge. Harm Hoving is nog minderjarig.[13]

Gehuwd met

205            Jeigje Tebinge, gedoopt op 23‑6‑1689 te Gasselte

Zij is de moeder van Harm Willems Hoving, aangezien Arend Hilbing en Jan Buining neven genoemd worden van Harm Willems Hoving.

Ze vertrekt 1715 met attestatie van Gasselte. Er wordt niet vermeld waar naar toe.


210            Albert Carst Hidding, geboren circa 1695 te Dalen

Gehuwd voor de kerk circa 1725 te Dalen met

211            Grietje Egberts, geboren circa 1700 te Dalen


212            Hindrik Elting, geboren voor 1696, overleden op 21‑8‑1764 te Odoorn

Gehuwd voor de kerk voor 1717 met

213            Wemeltje Oosting, overleden op 15‑11‑1748 te Odoorn


214            Heino Dilling, geboren circa 1700 te Odoorn

Heino Dilling te Odoorn zijn vrouw Jantje lenen 100 gulden van Jan Zegering tot Exloo in 1735[14]

Heino Dilling van Odoorn met vrouw en kinderen leent in 1745 2000 gulden van de diaconie van Coevorden. Onderpand zijn circa 24 mud bouw‑ en zaailand op de Odoorner es, en zijn huis en hof te Odoorn, door hem bewoond.[15]

Op dezelfde datum leent hij ook 1700 gulden van mevr. A. Cock weduwe van schulte Stuirman, met hetzelfde onderpand.[16]

Hij wordt genoemd als volle boer te Odoorn in 1742 en 1754.


Gehuwd met

215            Jantje Huising, geboren circa 1700 te Odoorn


216            Rutger Everts Twijst

Gehuwd met

217            Geesje Hindriks


218            Frans N.N.


220            Jan Sijbering, geboren circa 1710 te Gieten, overleden op 1‑12‑1774 te Gieten

HSR 1742 Gieten: 1.

OSA 1110 1749 Bonnen.

HSR 1754 Gieten: 1.

HSR 1764 Gieten: 1.

HSR 1774 Gieten: 1.

Gehuwd voor de kerk circa 1732 met

221            Trijntje Jans, geboren circa 1710


222            Jan Jans, geboren circa 1705 te Annen

SP 264 dl. 5 folio 25: Jan Jans x Aaltje Rijnberg van Annen lenen 400 gulden van Hindrik Bulthuis, koopman te Groningen dd. 18‑11‑1758.

Gehuwd voor de kerk op 21‑11‑1734 te Anloo met

223            Aaltje Jans Rijnberg, geboren te Annen, gedoopt op 26‑4‑1716 te Anloo


224            Hindrik Arents Rossing, timmerman, geboren voor 1703, overleden 1769 te Westdorp

SP312 Deel 1 folio 109 lening

Leners:Hindrik Arents van Ees en huisvrouw

Uitleners:Harm Rosing van Exloo Bedrag:475 Plaats:Gasselte Datum:15‑11‑1736

SP312 Deel 1 folio 167 lening

Leners:Hindrik Arents timmerman te Ees en huisvrouw

Uitleners:Harm Rosing en huisvrouw

Bedrag:985, waarvan 510 wegens aankoop van vast goed van Roelof Jans Rabbering

Plaats:Ees Datum:24‑4‑1741

SP312 Deel 1 folio 280 lening

Leners:Hindrik Arents van Ees

Uitleners:hoofdmomber over de beide kinderen van wijlen Willem Schuiling en Geesje Boeling te Ees, nl. Jan Schuiling van Annen

Bedrag:1100 Plaats:Borger Datum:10‑5‑1759.

Gehuwd voor de kerk voor 1724 met

225            Feigje Jans, geboren voor 1703, overleden circa 1762 te Ees


226            Harm Geerts

Aaltje Harms wed. Jannes Rossing te Exloo en kinderen, Harm Geerts, Harmannus Geerts en Egbert Geerts te Valthe, Geert Jansen getrouwd met Geertje Geerts te Exlo, Jan Geerts en Albert Geerts te Valthe, Jacob Dries en cons. diakenen te Odoorn wegens hun alumnus Lourens Harms te Valthe in de erfenis zullende ..geven aan dat hun oom Jacob Harms op 9/5/1798 te Valthe is overleden.[17]


228            Egbert Harms, geboren voor 1700, overleden na    1757

SP 319 Fol. 177, 28‑04‑1739

Gebeurtenis:Staat en inventaris

Ouders:Engbert Harms x wijlen Annegien Hindriks

Hoofdmomber:Geert Pranningh, schoolmeester te Vries

Medemombers:Wolter Berents van Drouwenerboerveen, Hindrik Lucas van Drouwen en Hendrik Hilbrants van Drouwen

Namen kinderen:Hindrik Engberts, Harm Engberts en Reynder Engberts.

Gehuwd voor de kerk (1) voor 1720 met Annigje Hindriks Pranning (zie 229).

Gehuwd voor de kerk (2) op 17‑5‑1739 te Borger met Elsje Jans, geboren circa 1714 te Drouwen

229            Annigje Hindriks Pranning, geboren voor 1700, overleden voor 1739 te Drouwen


230            Harm Arents, geboren circa 1700

SP242 deel 1 folio 160vo testament

Testator:Grietje Hindriks, wed. van Harm Arents van Donderen. Betreft haar aandeel (1/3 deel) van het erf van haar ouders en de overige 2/3 zijn geerfd van wijlen haar 2 zusters. Dit komt voor 3/4 deel aan haar kinderen en kindskinderen toe. Het overige vierde deel krijgt Jan Geerts te Donderen en huisvrouw en kinderen en de nagelaten kinderen van Hindrik Harms x Aaltje Klaassen namelijk _.. . Grietje bepaald dat de schoonzoon en dochter haar de rest van haar leven moeten onderhouden.

Keurnoten:Floris Baving; Roelof Jans

om goedkeuring van een eenkindscontract. Luigien hertrouwt met Hindrik Wessels.[18]

Hindrik Wessels wordt in de haardstedenregisters te Erm genoemd in 1742 met 3; in 1754 met 1 en de meijer met 2. In 1764 worden genoemd Luigjen Eeftinge 1, en de meijer 2.

In 1710 worden Jantien Wessels, Arent Wessels en Hindrik Wessels samen genoemd. Mogelijk zijn dit broers/zusters.[19]

Bij zijn overlijden wordt hij Hindrik Eeftinge genoemd.

Gehuwd op 13‑3‑1722 te (h.c.) met

245            Luichje Strating, geboren te Noordbarge, gedoopt op 25‑1‑1691 te Emmen, overleden op 12‑8‑1767 te Erm

Gehuwd voor de kerk (1) op 15‑9‑1711 te Emmen met Jan Eefting, geboren circa 1680 te Erm, overleden circa 1718 te Erm?

De bewoningslijst van Erm van rond 1710 geeft op Eeftinge te Erm

Gese Eeftinge, moeder

Thies Eeftinge, mansbroeder

Hindrik Eeftinge, man (later bijgeschreven)

Jan Eeftinge, zoon

Willem Jans Eeftinge, zoon

Luichien Stratinge, schoondochter (later bijgeschreven)

Geert Eeftinge, zoon.

Gehuwd (2) op 13‑3‑1722 te (h.c.) met Hindrik Wessels (zie 244).


246            Roelof Elsing, geboren circa 1695

Inwonersregister Sleen v.a. 1709:

Jan Wolters vader

Jantijn Eppinge moeder

Wolter Jans zoon

Albertijn Lamberts schoondochter

Lammechien Hindriks doorgehaald

Roelof Elsinge schoonzoon

Jantijn Wolters dochter Gehuwd met

247            Jantje Wolters, geboren circa 1695


248            Arent Jans, geboren circa 1710 te Zwiggelte

Gehuwd voor de kerk op 4‑3‑1734 te Beilen met

249            Aaltje Jacobs, geboren circa 1710 te Holte


250            Albert Jans Seubering, geboren circa 1690 te Zwiggelte, overleden op 23‑9‑1766 te Beilen

Gehuwd voor de kerk op 24‑2‑1718 te Beilen met

251            Annigje Hindriks Heling, geboren te Ees, overleden op 3‑8‑1768 te Beilen


252            Jan Egberts Lenting, geboren circa 1700, overleden op 11‑10‑1768 te Borger

Hij wordt genoemd in het haardstedenregister te Borger in 1742 en 1754 als Jan Egberts met drie paarden. In 1764 wordt hij genoemd met vier paarden.

Gehuwd voor de kerk circa 1730 met

253            Jantje Dilling, geboren circa 1710, overleden op 13‑4‑1767 te Borger


Generatie IX : Oud‑betovergrootouders


258            Jan Dijks, geboren circa 1675 ( zie 520 )


260            Jan Hindriks Menting, keuter, timmerman, geboren circa 1660


270            Hindrik Alting, geboren circa 1680 te Exloo

In 1749 worden bij de liberale gift vermeld Jan Alting en Hindrik Alting en zijn vrouw Jantje.

Hindrik Alting wordt te Exloo genoemd als keuter in 1742, 1752 en 1764. in 1774 wordt hier Jan Alting genoemd. Hindrik Altinge wordt ook genoemd in het register nieuwe huizen van 1750.

Op 27‑11‑1736 zijn Arent Altinge, Jantien Altinge, Jan Oostingh namens zijn vrouw Trijntien Altinge, Hendrik Geerts namens zijn vrouw Hendrikkien Altinge te Exloo als dochters kinderen en ook namens hun minderjarige broers en zusters Wolter Altinge, Jan Altinge en Gretien Altinge als ieder voor een zevende deel erfgenaam van de helft van de erfenis van hun bestemoeder Jantien Jacobs Dillinge (=Huisinge) eiser tegen Hindrik Dillinge te Drouwen gehuwd met Harmtien Arents, een dochter en dus voor de helft mede erfgenaam van Jantien Jacobs Dillinge. Hindrik Dilling en zijn vrouw zijn bezitters van de ongescheiden boedel. De eisers willen hun deel van de erfenis. Volgens de verweerders is echter alles al betaald. De eisers worden in het ongelijk gesteld.[20]

Gehuwd met

271            Jantje Arents Dilling, geboren circa 1680


272            Egge Jans, geboren circa 1675, overleden voor 1719

Hij is momber over de kinderen van Jacob Jans en Geertruit Luichjens. Mogelijk een broer van Jacob Jans, of zijn vrouw is een zuster. Overleden voor 3‑2‑1719.

Gehuwd met

273            Margje Jans, geboren circa 1675


274            Jan Egberts Schuiling, geboren te Anloo, gedoopt op 5‑5‑1687 te Anloo, overleden voor 1756

Jan Jans Schuiling, Rabbe Aalderts van Annen als hoofmomber over Jan Egberts, minderjarige zoon van wijlen Jan Egberts Schuiling en Jantje Aalderts, Egbert Jans Schuiling te Anloo, en Willem Jans Schuiling van Exloo, zijn in 1756 samen voor 12/16 deel eigenaren van een huis en hof en bijbehorende waardeel te Annen. Dit huis wordt nu door Jan Jans Schuiling bewoond. Zij klagen over een mestvaalt door Luichje Jacobs, wed. van wijlen Roelof Harms en haar zoon Jan Roelofs te Annen aangelegd, en willen dat deze verwijderd wordt[21]

De aangeklaagden stellen dat de mestvaalt er altijd al gelegen had, en dat Egbert Schuiling, die enige tijd eigenaar was geweest van beide huizen, die daar mogelijk al had neergelegd. De klagers worden door de etstoel in het gelijk gesteld.

Gehuwd met

275            Jantje Aalderts Tamelte, geboren te Annen, gedoopt op 18‑1‑1691 te Anloo


276            = 162 Geert Jans.

277            = 163 Hindrikje Harms.


278            Hindrik Pieters, geboren te Eexterveen, gedoopt op 2‑9‑1694 te Gieten

SP 266 Deel 3 Folio 29 (zie 3/19) dd. 20‑2‑1733 Mombereed en inventaris

Ouders:wijlen Hindrik Pieters en Pietertje Tomas

Kinderen:Pieter Hindriks; Tomas Hindriks; Jantje Hindriks; Geertruit Hindriks

h.m.:Willem Jansen van Eexterveen (v.z.)

m.m.:Thijs Salomons (v.z.); Jan Tomas (m.z.); Egbert Luigiens (m.z.)

Bijzonderheden

Pietertje Tomas hetrouwd met Jan Sloots.

Schulden aan Thijs Salomons wegens afkooppenningen van 500 gulden.

Schulden aan Jan en Harmen Meijering, Barelt Homan, Pieter Tebing, Egbert Hoving van totaal circa 2000 gulden.

SP266 Deel 3 Folio 493 dd. 17‑3‑1740 Momberrekening

Ouders:wijlen Hindrik Pieters en Pietertje Tomas

Kinderen:

h.m.:Willem Jansen van Gasselternijveen

m.m.:ondertekening door Thijs Salomons; Egbert Luitiens; Jan Tomas.

Gehuwd voor de kerk op 20‑10‑1715 te Anloo met

279            Pietertje Thomas, geboren circa 1690 te Kropswolde

Gehuwd voor de kerk (1) op 20‑10‑1715 te Anloo met Hindrik Pieters (zie 278).

Gehuwd voor de kerk (2) op 2‑3‑1732 te Anloo met Jan Roelofs Sloots, geboren circa 1695 te Eexterveen

SP 266 Deel 3 Folio 19 dd.14‑1‑1733 Mombereed en inventaris

Ouders:Jan Roelofs Sloots en wijlen Aaltje Pieters van Eexterveen

Kinderen:Grietje Sloots; Pieter Sloots; Roelof Sloots

h.m.:Thijs Salomons van Gasselternijveen (m.z.)

m.m.:Willem Jansen (m.z.); Harmen Sloots (v.z.); Berent Jansen (v.z.)

Bijzonderheden

Jan Sloots hertrouwd met Pietertje Tomas, weduwe van wijlen Hindrik Pieters.

Er zijn veel schulden, o.a. aan Barelt Homan, Jan Jobing, Pieter Tebing, Jan en Harmen Meijering, Jan Ellents, Harmen Hindriks, totaal circa 1800 gulden.

Schulden aan Thijs Salomons wegens afkooppenningen van 350 gulden.

Thijs Salomons moet eerst nog herstellen van een steek in de borst.

SP266 Deel 3 Folio 496 dd.17‑3‑1740 Momberrekening

Ouders:Jan Sloots en wijlen Aaltje Pieters

Kinderen:

h.m.:Thijs Salomons

m.m.:ondertekening door Willem Jansen; Berent Jansen

Bijzonderheden

Ontvangst van afkooppenningen van Roelof Sloots.

Uitgave van de helft van 350 gulden aan Thijs Salomons wegens de afkoop van zijn vrouw.

Er wordt geld op rente gedaan aan Pieter Hindriks en zijn zwager Jan Geerts op Eexterveen

SP 264 deel 4 folio 330: Jan Sloots x Pietertje Tomas van Eexterveen; Pieter Hindriks voor hem zelf en als volmacht voor zijn zwager Jan Geerts x Jantje Hindriks en Geertruit Hindriks . De laatste drie zijn op 13‑6‑1746 mondig verklaard. Willem Jans van Gasselternijveen is hoofdmomber over Tomas Hindriks. Medemombers zijn Jan Tomas en Egbert Luigies.

Pieter, Jantje, Geertruit en Tomas Hindriks zijn kinderen van Hindrik Pieters en Pietertje Tomas. Lenen 1150 gulden van Harm Hindriks x Lammigje Jans van Eexterveen, dd. 14‑6‑1746.

Een deel van het geld is om andere leningen aan o.a. H. Flederus te Assen, Jan Meijering en Harmen Meijering van Eext af te lossen.


280            Harm Rosing, geboren circa 1680 te Exloo, begraven op 10‑5‑1745 te Odoorn

Jan Hamming Ten Rodengate is een zoon van Roelof Ten Rodengate en Lutgertien Hamming, en stamt uit de Ten Rodengates of Roenges te Sleen. Lutgertien Hamming is een dochter van Jan Hamming uit de Veenhof en Johanna Eling. De naam (Jan) Hamming bleef 'kleven' aan zowel de Ten Rodengates, waarvan een deel zich Hamming Ten Rodengate ging noemen (of zelfs alleen Hamming) en ook in de Exloer Rosingtak werd de toevoeging Hamming overgenomen tot aan 1856 toe.

Op 18‑4‑1734 is Harm Rosing samen met G.C. Ellents Landsdagcomparant als volmacht van Odoorn. In het haardstedenregister van Exloo staat Harm voor 4 gulden in 1742, en de meier Jan Dillinge ook voor vol.

Harm Rosing is landdagscomparant in 1732, 1735, 1736 en 1737.

Op 13‑12‑1763 klagen 17 nabestaanden van Jan Ten Rodengate, waaronder Jan Hammink Rosinge, Jan Rosinge van Exloo, Roelof Rosinge te Sleen en de gezworene J. Bosma te Kropswolde ex ux. Jantijn Rosinge, genoemd als kinderen van wijlen Willemtijn ten Rodengate en Harmen Rosing te Exloo en kleinkinderen van Jan Hamming ten Rodengate over een erfdeel dat wijlen Harmanna Nijsingh ontvangen had uit de erfenis van wijlen haar moeder Lutgertien ten Rodengate en haar tante Jantien ten Rodengate. De klagers, in de zesde graad verwant aan Harmanna Nijsing beweerden dat het erfdeel eerst terug had moeten gaan naar de respectievelijke grootvaders, Jan ten Rodengate, Jan Hamming ten Rodengate, Roelof ten Rodengate en Willem ten Rodengate, en daarna verdeeld. De etstoel gaf de klagers gelijk[22]

De overlijdens/begrafenis data van Harm Rosing en Willemtje Ten Rodengate zijn ontleend aan de bijlagen van de huwelijksakte van kleinzoon Roelof Rosing.

Gehuwd voor de kerk circa 1709 met

281            Willemtje ten Rodengate, geboren circa 1686, overleden op 6‑7‑1742 te Odoorn, begraven op 10‑7‑1742 te Odoorn


282            Hindrik Seringe, geboren circa 1685 te Exloo, overleden voor 1736

Jan Hendriks Timmerman en Lammigje Alberts lenen op 1‑5‑1728 100 gulden van Hindrik Zegering (Seringe) en Zwaantje Roelofs Mantinge.[23] In 1729 leent Jan Hindriks timmerman te Exloo nogmaals 100 gulden van Hindrik Seringe te Exloo.[24]

Op 15‑12‑1733 geven Hindrik Seringe te Exloo en Hindrik Leukinge te Exloo aan dat zij en hun consorten van hun moei Hindrikje Mantinge weduwe van Berent Dillinge te Odoorn 2500 gulden hebben geërfd.[25]

Hindrik Peuling en Aaltje te Noord‑Sleen lenen op 17‑9‑1736 150 gulden van Swaantje Manting, weduwe van Hindrik Seringe te Exloo.[26]

Derk Berends en echtgenote te Exloo lenen in 1742 275 gulden van Zwaantje Seringe weduwe van Hindrik Seringe Hamming Rosing.[27] Aaltje Engberts weduwe van Jan Huising en haar beide zoons Hindrik Huising en Engbert Huising lenen in 1743 100 gulden van Zwaantje Seringe te Exloo.[28]

Gehuwd met

283            Zwaantien Roelofs Manting, geboren circa 1690 te Exloo


284            Geert Manting, geboren circa 1670 te Odoorn, overleden voor 1724

In 1724 zijn Willem Willems Nyen Schuttrups hoofdmomber, Roelof Mantinge, Jan Schuttrups en Hindrik Seringe medemombers.

Gehuwd voor de kerk circa 1700 te Odoorn met

285            Hindrikje Nijenschuttrups, geboren circa 1680 te Odoorn

Gehuwd voor de kerk (1) circa 1700 te Odoorn met Geert Manting (zie 284).

Gehuwd (2) met Jan Wiggers


286            Albert Manting, geboren circa 1670 te Odoorn

Gehuwd voor de kerk (1) op 24‑9‑1693 te Emmen met Fennigje Elkinge, geboren circa 1677 te Emmen

Gehuwd (2) met Grietje Hoving (zie 287).

287            Grietje Hoving, geboren circa 1670 te Dalen?


292            Willem Cremers

Zijn wed. wordt voor 5 aangeslagen in de haardstedenregisters van Borger in 1695. "Vull en holt slitertijd". In 1694 is er een Hindrick Willems, vull en hout slijterije. In 1693 is er sprake van de weduwe van Willem Harms, vull en slijterije houdende. In 1692 weer van Hindrick Willems, vull en hout kramerswaar. In 1691 van Hindrick Willems, vull.

In 1672 wordt genoemd Willem Cremer, half.


296            Egbert Nijsing, geboren circa 1666

Gehuwd voor de kerk (1) circa 1692 met Hilligje Schuring, geboren circa 1670

Ondertrouwd (2) op 12‑10‑1695 te Groningen met Aaltje Warners (zie 297).

297            Aaltje Warners, geboren circa 1660

Ook Hanzen genoemd.

SP312 Deel 1 folio 2 Soort akte:lening

Leners:Aaltje Steenbergen wed. Jan Queest. Egbert Alexander Rengers, heer tot Westdorp is haar gekozen momber

Uitleners:Hindrik Tyleking

Bedrag:390 Plaats:Westdorp Datum:20‑11‑1720

Bijzonderheden:

De oorspronkelijke lening is van de eerste man van Aaltje, Egbert Nijsing.

Ondertrouwd (1) op 12‑10‑1695 te Groningen met Egbert Nijsing (zie 296).

Gehuwd (2) met Jan Queest, schoolmeester, geboren voor 1655, overleden op 28‑12‑1691 te Gasselte


298            Roelof Steenbergen, geboren circa 1670 te Borger

Gehuwd met

299            Anna Helena Halfwassen


320            Albert Lanting, geboren circa 1630, overleden 1694/1699 te Gieterveen

Albert Lanting en Jantien Hendriks lenen op 18‑1‑1688 75 gulden van hun heerschappen Cornelis en Johannes Canter volgens obligatie van 18‑1‑1677.[29]

Hij wordt genoemd in het haardstedenregister van 1692, 1693 en 1694 te Gieten met een vol erf.

Albert Lanting wordt in de goedschattingsregister van 1694 nog vermeld te Gieten. In dat van 1705 komt zijn naam niet meer voor, wel die van zijn vermoedelijke zoon Hendrik Lanting.[30] In de collecte 1699 (diaconieregister) wordt niet hij, maar Hendrik Lanting vermeld.

Gehuwd voor de kerk ca 1660 met

321            Jantje Hindriks, geboren circa 1630, overleden na 1725 te Gieterveen


326            Harm Hindriks, geboren circa 1670

Gehuwd met

327            Lammigje Jans, geboren circa 1670


328            Derk Ottens, geboren circa 1666 te Westerbork/Rolde

Pasen 1685 aangenomen.

Gehuwd voor de kerk (1) op 18‑11‑1688 te Gasselte met Fennigje Luichjens, geboren circa 1670, overleden voor 1697 te Gasselternijveen

Herfst 1695 aangenomen.

Gehuwd voor de kerk (2) op 7‑2‑1697 te Gasselte met Geesje Jans (zie 329).

329            Geesje Jans, geboren op 26‑8‑1675 te Gasselte, gedoopt op 29‑8‑1675 te Gasselte


336            Harm Reinders, geboren circa 1650 te Bonnerveen, overleden op 1‑5‑1715 te Bonnerveen

Hij wordt genoemd in de haardstedenregisters te Bonnerveen met drie paarden in 1672, 1692, 1693 en 1694.

Jacobje, de vrouw van Harm Reinders wordt lidmaat te Gieten in 1678.

Gehuwd voor de kerk (1) voor 1678 met Jacobje N.N.

Gehuwd voor de kerk (2) circa 1695 te Gieten met Idigje Roelfs (Ida) Pepping (zie 337).

337            Idigje Roelfs (Ida) Pepping, geboren circa 1662 te Gieten, overleden te Bonnerveen, kort na 22‑04‑1744

Zij is overleden kort na 22‑04‑1744.

IJdigje Pepping, weduwe van Harm Reinders, Jan Ottens is haar gekozen momber, leent 450 gulden van H. Fledderus en Lammegje Meijering op 21‑5‑1738.[31]

Gehuwd voor de kerk (1) op 24‑10‑1686 te Gieten met Willem Lamberts, landbouwer;diaken te Gieten 1683‑1686, geboren circa 1645 te Gieten, overleden op 26‑3‑1691 te Veenhof

Hij wordt genoemd in het haardstedenregister van 1672 te Bonnen met 1.

Jan Alberts te Gieten is hoofdmomber,[32]

Jan Alberts Woltman als hoofdmomber van de kinderen van wijlen Willem Lamberts in de Veenhof en zijn medemombers en consorten als tezamen broers en zusters kinderen van wijlen Cornelis Lamberts, onlangs te Gieterveen overleden zijn op 7‑11‑1692 eisers tegen Lambert Thijs in de Veenhof. De verweerder zou namens zijn moeder goederen uit het huis van Cornelis Lamberts gehaald hebben en deze willen eisers terug. Verweerder is van mening dat hij in opdracht van zijn moeder handelde en dat de eisers haar maar moeten aanklagen.[33]

Jan Alberts als hoofdmomber Willem Lamberts nagelaten kinderen in de Veenhof en als volmacht van de kinderen van Geert Jansen is op 13‑11‑1693 eiser tegen Harmtien Jansen, weduwe van Thij Jansen in de Veenhof. De verweerder zou de nagelaten goederen van haar zoon Cornelis Lamberst gehaald hebben, maar niet de volle broers zusters kinderen in de nalatenschap toegelaten hebben. Eisers willen hun deel van de goederen. De verweerder is van mening dat de moeder de naaste in den bloede is. De eiser krijgt ongelijk.[34] Gehuwd voor de kerk (2) circa 1695 te Gieten met Harm Reinders (zie 336).


340            Jan Alberts, geboren circa 1659, overleden op 12‑2‑1739 te Gieten

Jan Alberts wordt in het haardstedenregister te Gieten genoemd in 1692 (4), 1693 (3) en 1694 (4). In 1742 is er sprake van een vol erf van de kinderen van Jan Alberts.

Jan Alberts is momber over de kinderen van Willem Tonnis, zijn neef, en woonde te Gieten. Hij leent in 1714 aan de inmiddels weduwe geworden Jantien Ottens geld.[35] Samen met zijn neef Berent Tonnis doet hij op 19‑8‑1701 opgave van de erfenis van hun overleden oom Hendrick Willems van Bonnerveen, die kinderloos was gestorven. De erfenis bedraagt 1300 gulden, waarover 32 gulden en 10 stuiver belasting moet worden betaald.[36]

Op de lidmatenlijst van 1718 te Gieten komen voor: "Jan Alberts, Luichijn Meijers, sijn huisvrouw".

In 1749 worden zijn kideren te Gieten genoemd: "Jan Alberts kinderen, Geert Jans mede voor zijn broer".[37] De boedel is dan nog ongescheiden.

Gehuwd voor de kerk 1678 met

341            Luichje Jans Meijers, geboren circa 1650 te Gieten, overleden op 22‑12‑1736 te Gieten

Luichje Jans huisvrouw van Jan Alberts wordt lidmaat te Gieten Pasen 1698. Gelijk daar onder Jan Alberts van de Veenhof.


344            Egbert Berents, timmerman, geboren circa 1660

Deel/folio/datum 33/405/6‑6‑1699

Eiser: Hendrick Lubberts te Westerbork, Egbert Berents te Gieten en Jacob

Jansen te Vries, namens zijn vrouw, erfgenamen ab intestato van wijlen

Frerick Klinckhamer

Verweerder: Grietjen Jacobs, weduwe van Frerick Klinckhamer

Onderwerp: inventaris

Inhoud: van de boedel van Frerick Klinckhamer

Andere namen:

Bijzonderheden: commissie: Justus de Coninck tot Peise en Jan ten Rodengate

SP 264 Deel II, blz. 76 lening

Leners:Egbert Berents te Gieten

Uitleners:Boele Hamming en voorkinderen van zijn vrouw

Bedrag:150 Plaats:Gieten Datum:12‑11‑1684.

HSR 1692 Gieten: 2, keuter en timmerman.

HSR 1693 Gieten: 2, keuter en timmerman.

HSR 1694 Gieten: 2, keuter en timmerman.

Gehuwd voor de kerk op 15‑11‑1685 te Gieten met

345            Geesje Roelofs, geboren circa 1660

Lidmatenlijst 1718 Gieten: Geesijn Roelofs, huisvrouw van Egbert Berents.


350            Wark Jans Warcks, gedoopt op 13‑2‑1664 te Gasselte, overleden op 20‑12‑1715 te Gasselte

Gehuwd voor de kerk op 17‑11‑1689 te Gasselte met

351            Roelofje Hindriks, gedoopt op 24‑1‑1664 te Zuidlaren


370            Jan Hamming, geboren circa 1650

Niet zeker dat hij een zoon is van Hindrik Hamming en Grietje Roelofs. Echter, het is wel zeker dat Hindrik Hamming een zoon Jan had.

SP 264 Deel II, blz. 78 lening

Leners:Jan Hamming te Eext en zwager Evert Jansen

Uitleners:Jan en Harmen Meyering te Eext, broers

Bedrag:100 Plaats:Eext Datum:13‑11‑1684

Bijzonderheden:ondergeschreven staat: Deze in Jan Hammincx boedel gepostponeert en alze afgedaen. Anlo den 21 september 1695. Willende ick en mijn broer _ rechtens verblijven tegen te _ daer het te becomen sal zijn. Harmen Meyering

In marge: Dit is abuis angezien den debiteur niet is olde maar jonge Jan Hamminge wiens _ boedel niet is beschreven geweest.

SP 264 Deel II, blz. 195 lening

Leners:Jan Hamming de jonge, Evert Jansen, mede voor broer en zus

Uitleners:Albert Meursing de oude en Albert Meursing de jonge te Eext

Bedrag:275 Plaats:Anloo Datum:24‑11‑1690

Bijzonderheden: 10‑12‑1728 verklaring dat de kinderen van jonge Jan Hamming de schuld hebben afgelost aan jonge Albert Meursing.

Gehuwd met

371            Grietje Jans, geboren circa 1650


372            Berent Geerts Trip, geboren circa 1640, overleden op 21‑5‑1701 te Annen

Gehuwd met

373            Willemtje Jacobs, overleden op 24‑12‑1684 te Eexterveen

Overleden als Willemtje Geerts.


374            Hindrik Horst Woerding

In 1689 woont er een Hendrik Woerdinge in Bonnen.[38]

Ook 1694 woont er nog een Hendrik Woerdinge in Bonnen.[39]

Hij wordt genoemd in het haardstedenregister van 1692 en 1693 te Bonnen met een vol erf. In 1694 genoemd als Hindrik Sriemer.

Gehuwd met

375            Geesje Jans, geboren circa 1650


376            Tiaart Carels, gedoopt op 17‑1‑1675 te Noordbroek

Lidmatenlijst 1718 Gieterveen: Tjaert Carels, Geesijn Jansens, sijn huisvrouw.

Gehuwd voor de kerk op 12‑5‑1700 te Noordbroek met

377            Geesje Jans, geboren circa 1675 te Assen


378            Hindrik Sickens, geboren circa 1670, overleden voor 1736 te Gasselterboerveen

Pasen 1696 aangenomen

SP312 Deel 1 folio 22 lening

Leners:Hindrik Sikkens en huisvrouw te Gasselterboerveen

Uitleners:Jan Hamming en zoon Harmannus Hamming schulte

Bedrag:600 Plaats:Gasselte Datum:12‑7‑1723

SP312 Deel 1 folio 222 lening

Leners:Hindrik Sickens en huisvrouw en kinderen op Gasselterveen

Uitleners:Sophia Huising, wed. ette Jan Harders en kinderen te Anreep

Bedrag:100 Plaats:Anreep Datum:28‑10‑1731

SP312 Deel 1 folio 150 lening

Leners:Margje Lamberts, wed. van Hindrik Sickens te Boerveen en zoon Lambert Hindriks.

Uitleners:erfgenamen schulte Jan Hamming, Bedrag:173 Plaats:Gasselte Datum:1‑10‑1736.

Gehuwd voor de kerk op 2‑2‑1696 te Gasselte met

379            Margje Lamberts, geboren circa 1674, gedoopt op 21‑4‑1678 te Gasselte, overleden na    1742 te Gasselterboerveen

Herfst 1695 aangenomen.


400            Claas Jacobs Cuper, geboren circa 1650 te Emmen

SP 72 deel 1 folio 155 Geesje Hannekes wed. Klaas Kuiper, voor haar en haar onmondige kinderen, en zoon Harm Kuiper lenen ƒ 130 van kerkvoogden. Emmen, 11/1/1699.

Gehuwd voor de kerk op 23‑9‑1674 te Emmen met

401            Geesje Jans Hannekes, geboren circa 1650 te Schoonebeek


402            Jan Jans Hillebrants, wever, geboren circa 1650 te Emmen, begraven op 5‑7‑1740 te Emmen

SP 72 deel 1 folio 144 Vrouwe Anna Middelhuisen wed. Welvelde, haar zoon Frederik Welvelde en dochter Christina Welvelde; Gerrit van Ulsen als mombaar. Verkopen aan Jan Hilbrands ee Annigje Nijesikken de gerechte vierde part van comparanten hofte bij de mengerije, zoals het verkofte heden door Mr. Jan Eisinge tot Sleen is gemeten en afgepaald. Emmen, 21/9/1698.

Gehuwd voor de kerk op 28‑10‑1677 te Emmen met

403            Annegien Nijensikking, geboren circa 1650 te Zuidbarge


404            Harm Brinks, geboren circa 1670 te Westenesch, begraven op 18‑1‑1716 te Emmen

Alias Harm Meijering

SP 72 deel 2 folio 61vo Jan Meiering te Westenes voor zichzelf en voor zijn moeder Aaltje Meiering met akte van procuratie per heden. En zijn broer Hindrik Meiering voor zich en voor zijn moeder. Zij heeft in oktober 1735 van de diaconie van Emmen ƒ 50 geleend, waarvoor zoon Hindrik zich thans borg stelt. Emmen, 22/1/1736.

Gehuwd voor de kerk op 1‑12‑1685 te Emmen met

405            Aaltje Meijering, geboren circa 1670 te Westenesch, begraven op 3‑4‑1750 te Emmen


406            Harm Geerts Brinks, geboren circa 1675 te Noordbarge, begraven op 23‑12‑1727 te Emmen

Gehuwd voor de kerk op 13‑11‑1698 te Emmen met

407            Aaltje Hindriks, geboren te Noordbarge, gedoopt op 24‑10‑1675 te Emmen, begraven op 22‑5‑1717 te Emmen


408            Roelof Hoving, geboren circa 1670

Hij wordt genoemd in de haardstedenregisters te Buinen in 1692/3 voor 3 en in 1694/5 voor 2.

Hij is alleen aanwezig op de bruiloft van Grietje Buiting, de zuster van zijn vrouw. Ook Jantiens vader was hier niet aanwezig. Misschien waren zij toen reeds overleden. Het echtpaar woonde op het Buitinge erf te Buinen. Dit was de zuidelijke helft van "Huisinge ofte Buitinge". In 1705 woonde Roelof Hoving op het 12e waardeel en nadien woonden Arendt en Geert Hoving daar. Ze woonden ook nog op het 2e waardeel, waar in 1630 Jan Eppinge als eigenaar aangegeven stond. Hierop had Buitinge later ook eigendom.

Op 15‑5‑1700 lenen Roelof Hoving en Jantien te Buinen van Jan Seegeringe en Eempien en van Geessien Seegeringe, weduwe van Roelof Seegeringe, 100 gulden.[40]

Op 1‑5‑1708 lenen Roelof Hoving te Buinen en kinderen 400 gulden van Willem Zegering vna Exloo.[41] Op 1‑5‑1709 leent Roelof Hoving te Buinen 100 gulden van Jan Zegering van Exloo.[42]

Gehuwd met

409            Jantje Buiting, geboren circa 1670 te Buinen, overleden voor 1712


410            Harm Freriks Tebinge, gedoopt op 21‑12‑1651 te Gasselte, overleden op 25‑8‑1716 te Gasselte, begraven op 4‑9‑1716 te Gasselte

Genoemd Lutke Harmen.

Gehuwd voor de kerk op 18‑4‑1675 te Gasselte met

411            Wubbigje Aling, gedoopt op 28‑9‑1656 te Gasselte, overleden op 12‑5‑1731 te Gasselte, begraven op 22‑5‑1731 te Gasselte


420            Carst N.N.


422            Egbert Hidding, geboren circa 1675


428            Jacob Dilling, geboren voor 1650 te Odoorn

Genoemd in het haardstedenregister van Exloo in 1672 met vier, in 1691 met een half erf, in 1693 met drie en in 1694 met twee.

Genoemd in het huisgeld 1676 te Exloo en in de collectes van 1687 en 1699.

Conraad Emmen, Gedeputeerde Staat der Landschap, voor zich en voor vrouw Elsien Sluiters weduwe van Halst Wassers als legitime tutrix voor haar en haar kinderen verkoopt aan de broers Jacob Dillinge en Berend Dillinge te Odoorn een tiende part in het Dillinge erf te Odoorn op 23‑5‑1687.[43]

Hermen Nijenhuis tot Valthe verkoopt in 1682 bij uitmijning enige vaste goederen aan Jacob Dillinge (bouwland te Odoorn), aan Jan Schuttrups (een vierendeel waardeel Odoorn) en aan Jan Quants (hooiland, een vierde part in Quants hof).[44]


440            Jan Sijbering, geboren circa 1685, overleden circa 1717 te Gieten

Gehuwd voor de kerk circa 1710 met

441            Jeigje Schuiling, geboren te Annen, gedoopt op 18‑7‑1686 te Anloo, overleden op 4‑12‑1737 te Gieten

Lidmatenlijst 1718 Gieten: Jeichijn Sibringhe.


446            Jan Jans Rijnberg, geboren te Annen, gedoopt op 3‑12‑1676 te Anloo

Jan Jans Rijnberg en zijn vrouw Grietje Schuiling worden te Anloo als lidmaat aangenomen op 14‑12‑1705, wonende te Annen.

Gehuwd met

447            Grietje Hindriks Schuiling, geboren circa 1675


464            = 272 Egge Jans.

465            = 273 Margje Jans.


466            = 274 Jan Egberts Schuiling.

467            = 275 Jantje Aalderts Tamelte.


468            = 162 Geert Jans.

469            = 163 Hindrikje Harms.


470            = 278 Hindrik Pieters.

471            = 279 Pietertje Thomas.


476            Jacob Dries, smit, geboren voor 1695

SP 72 deel 2 folio 68vo Jacob Dries Smit ee Geesje Roelofs tot Odoorn lenen ƒ 100 van Zwaantje Seringe. Exloo, 1/5/1738.

SP 72 deel 2 folio II/95vo Meester Jacob Dries Smit tot Odoorn ee Geesje lenen ƒ 200 van Meerten Bantinge tot Meppen ee Wemeltje. Exloo, mei 1717.

SP 72 deel 2 folio 98vo Jacob Dries ofte Smit tot Odoorn ee Geesje leent ƒ 200 van Harm Rosinge tot Exloo ee Willemtje. Exloo, mei 1742.

SP 72 deel 2 folio 99 Jacob Dries tot Odoorn ee Geesje lenen ƒ 36 van Jan Zegering tot Exloo. Aldaar, 9/5/1718.

SP 72 deel 2 folio 99vo Jacob Dries Smit ee Geesje tot Odoorn schuldig aan Jan Zegering en Willem Zegering tot Exloo ƒ 100 wegens eerder verschoten penningen. Exloo, 2/5/1709.

SP 72 deel 2 folio 100 Meester Jacob Dries Smit te Odoorn ee Geesje lenen ƒ 50 van Jan Zegering tot Exloo. Mei 1717.

SP 72 deel 2 folio 101 Jacob Dries Smit tot Odoorn ee Geesje lenen ƒ 100 van de wed. van Willem Zegering tot Exloo. Aldaar, 1/5/1740.

SP 72 deel 2 folio 101vo Jacob Dries ee Geesje Roelofs lenen ƒ 150 van Willem Rosinge tot Valthe. Onderpand: een half vierendeel waardeel in de marke van Odoorn. Mei 1730.

Genoemd in etstoel op 3‑7‑1759.

Etstoel Deel/folio/datum53/122/3‑7‑1759

Onderwerp:erfenis

Inhoud:Geert Dillinge, Claas Bebing, Andries Dijks en Willem Hofsteenge diaconen van Odoorn geven aan dat de diaconie Geesje Roelofs onderhoud, weduwe Jacob Drees in leven smid te Odoorn. Zij is een moei en dus universele erfgenaam van wijlen Annegien Hindriks eerst gehuwd met Jan Roelofs Nijenbronninger en later met Roelof Hindriks. Annegien heeft nagelaten goederen te Borger. Deze vaste goederen worden nu aangetast door Jan Roelofs en Annegien Hameringe te Buinen, Evert Hovinge nom. ux. Margien Hameringe te Ees en Cornelis Sloots nom. ux. te Bonnen. De diaconen willen hun deel van de erfenis.

Andere namen:Jan Hameringe en consorten, R. Hindriks van Borger, schulte Alinge.

Gehuwd met

477            Geesje Roelofs, geboren voor 1695


478            Albert Alberts Reurkes, geboren circa 1685 te Hockkelenkamp

Gehuwd voor de kerk op 3‑4‑1712 te Emmen met

479            Grietje Jans, geboren circa 1690 te Westenesch, begraven op 3‑2‑1758 te Emmen


480            Luichje Peuling, geboren circa 1610

Lambert Coops en Jan Coops en consorten te Dalen zijn op 12‑10‑1635 eisers tegen Lutjen Peulinge te Noord‑Sleen. De eisers willen een half mud rogge jaarlijks wegens erfpacht van een vierde deel van Huijsinge erf, waarvan de verweerder de soltstede heeft. Volgens verweerder is de erfpacht op Jacob Pieters land. De eisers krijgen gelijk.[45]

Lutjen Poelinge is op 14‑6‑1636 eiser tegen Beerntjen Nessinge en haar zoon Roelof. De eiser will betaling van een vierde deel van een erf te Noord‑Sleen volgens uitspraak d.d. 12‑10‑1635 tussen Lambert Coops en Jan Coops en de eiser. De eiser krijgt gelijk.[46]

Eiser: Luitjen Poelinge van Noord‑Sleen als momber van de kinderen van wijlen Jan Horninge te Westenes, Luitjen Abbinge te Erm als momber van de kinderen van wijlen Jan Buischen, en Marten Horstinge momber van de kinderen van wijlen Jan Horstinge zijn op 16‑5‑1650 eisers tegen Willem Buschen. Het betreft preferentie in een faillissement. De verweerder zou geld opgenomen hebben van de eiser, en nu heeft hij zijn goederen verkocht. De eisers willen preferentie in de opbrengst.[47]

Op 10‑10‑1652 is Hermanno Mauritio, verwalter‑schulte van Sleen, namens Luitjen Abbinge te Erm, Luitjen Poelinge en Marten Horstinge ieser tegen de crediteuren van Willem Segers. De eisers willen preferentie in de boedel.[48]

Luichje Poeling wordt in het haardstedenregister te Noord‑Sleen genoemd in 1672 met een vol erf. In 1692, 1693 en 1693 wordt Roelofje Peuling met een vol erf genoemd.

Gehuwd met

481            Roelofje N.N.


490            Luichje Hindriks Strating, geboren circa 1650 te Noordbarge, begraven op 24‑5‑1690 te Emmen

De mombers over het kind van jonge Luichien Stratinge en wijlen Marregien Tamminge hebben een accoord inzake afkoop gesloten met de broers Reinder Tamming en Roeloff Tamming. Op 11‑6‑1683 verzoeken zij aan de Etstoel om goedkeuring van het accoord.[49]

Op 7‑4‑1685 zijn de mombers over Frederik Strating, zoon van Luigje Strating en Margje Tamming: Luigjen Strating, Reinder Tamming, Thij Seubers en Harm Tamming.[50]

Jantje Boelken weduwe Strating geassisteerd door Willem Sikken, tevens jonge verloofde bruidegom, als man en voogd over haar drie minderjarige kinderen van wijlen Luigje Strating ter ener zijde en Willem Strating ter andere zijde "houdende tesamen mandelig huishouding" verklaren op 18‑5‑1692 op rente genomen te hebben een ieder voor de gerechte helft van de voormombers van Frederik Strating als Luitje Strating als hoofdmomber en consorten uit des pupillen goederen 1050 gulden toekomende van afkooppenningen "soo Stratinge en Tamminge als door malkanderen door buitenschap getrouwd zijn geweest door afkooppenningen sijn heerkomend".[51]

Op 7‑6‑1692 verzoeken de mombers van het minderjarige kind Frerick Stratinge van wijlen Luichien Stratinge en wijlen Marrechien Stratinge verzoek om goedkeuring van de afkoop met de stiefmoeder van de kinderen Jantien Boelken.[52] Op dezelfde datum verzoeken de mombers om goedkeuring van een eenkindscontract wegens het hertrouwen van Jantien met Willem Sikkinge.[53]

Ondertrouwd (1) 1678 te Zuidlaren, gehuwd voor de kerk op 20‑10‑1678 te Emmen met Margje Freriks Tamming, geboren te Zuidlaren, gedoopt op 6‑1‑1650 te Noordlaren, begraven op 19‑6‑1680 te Emmen

Gehuwd voor de kerk (2) op 5‑11‑1682 te Emmen met Jantje Boelken (zie 491).

491            Jantje Boelken, geboren circa 1650 te Roswinkel, begraven op 27‑12‑1736 te Emmen

De afstamming van Jantje Boelken volgt uit de processstukkenover de erfenis van de minderjarige Jan Hindriks, die in januari 1730 te Ter Apel overleed. Hij was gedoopt te Klooster Ter Apel of 18‑6‑1710. als zoon van Hindrik Jans en Hebel Jans. die op 15‑6‑1679 een huwelijkscontract sloten. De bruid bracht daarbij in onder andere 1300 car. gulden, voldaan uit Boelken huis. Zij moet dus een Boelken, een dochter van Jan geweest zijn. De erfenis van wijlen Jan Hindriks werd opgeeist op 9‑12‑1730 door Willem Strating te Noord‑Barge, nomine uxoris Jantien Boelken. De etstoel stelde hem in het gelijk, maar dat hielp hem niet, want het was een Westerwoldse zaak. Het proces werd dan ook verder gevoerd voor de richter te Vlagtwedde. Het vervolg vinden we in het rechterlijk archief. Als impetrant trad nu op Harmen Boelken te Groningen. De voor de richter afgelegde verklaringen stemden niet in alles overeen, en kwamen hierop neer:

De grootmoeder van erflater Jan Hindriks was een volle zuster van de vrouw van Willem Strating.

de vader van de impetrant Harmen Boelken was een volle broer van erflaters grootmoeder.

daarentegen stelde Willem Strating dat de vader van Harmen Boelken was gehuwd met de oudste zuster van Hendrikjen Jans.

Gehuwd voor de kerk (1) op 5‑11‑1682 te Emmen met Luichje Hindriks Strating (zie 490).

Gehuwd voor de kerk (2) op 12‑6‑1692 te Emmen met Willem Sikking (Strating), geboren circa 1660

Jantje Boelken weduwe Strating, geassisteerd door Willem Sikken, tevens jonge verloofde bruidegom, als man en voogd over haar drie minderjarige kinderen van wijlen Luigjen Strating ter ener zijde en Willem Strating ter andere zijde houden tesamen mandelige huishouding op rente genomen een ieder voor de gerechte helft van de voormombers van Frederik Strating als hoofmomber en consorten uit des pupillen goederen 1050 gulden toekomende van afkooppenningen soo Stratinge en Tamminge als door malkanderen door buitenschap getrouwd zijn geweest door afkooppenningen sijn heerkomend.[54]

Er is een process over de erfenis van de minderjarige Jan Hindriks, die in januari 1730 te Ter Apel overleed. Hij was gedoopt te Klooster ter Apel op 18‑6‑1710, als zoon van Hindrik Jans (Broyl) en Hebel Jans. Uit de verklaringen in dit proces blijkt, dat hij een kleinzoon was van Jan Broyl en Hindrikien Janssen, die op 15‑6‑1679 een huwelijkscontract gesloten hadden. De bruid bracht daarbij in onder andere 1300 ca rolusguldens, voldaan uit Boelken huis. Zij moet dus een Boelken, een dochter van Jan Boelken, zijn geweest.

De erfenis van wijlen Jan Hindriks werd opgeëist op 9‑12‑1730 door Willem Strating te Noord‑Barge, nomine uxoris Jantien Boelken. De Etstoel stelde hem in het gelijk, maar dat hielp hem niet, want het was een Westerwoldse zaak. Het proces werd dan ook verder gevoerd voor de richter te Vlagtwedde. De neerslag ervan vinden we in het rechterlijk archief in het Rijksarchief te Groningen. Als impetrant trad nu op Harmen Boelken, te Groningen. De voor die richter afgelegde verklaringen van partijen stemden niet in alles overeen en kwamen in het kort hierop neer:

‑ de grootmoeder van erflater Jan Hindriks was een volle zuster van de vrouw van Willem Strating

‑ de vader van impetrant Harmen Boelken was een volle broer van erflaters grootmoeder

‑ daarentegen stelde Willem Strating dat de vader van Harmen Boelken was

gehuwd met de oudste zuster van Hendrikjen Jans.

Willem Stratinge te Noordbarge nom. ux. Jantien Boelinge als erfgenamen van Jan Hendriks in het Klooster ter Apel zijn op 12‑6‑1736 eisers tegen Jan Boelken te Roswinkel. De eisers willen betaling van 129 gulden met rente, deze schuld origineel ten laste van de zwager van de verweerder, Willem Berents en zijn zuster Eelke Boelken, en waarvoor de verweerder borg zou staan. Er is sprake van een uitspraak van de Etstoel d.d. 28‑11‑1730. Er is sprake van de erfgenamen van Jan Hendriks, en de eiser zou in de 4e graad verwant zijn, en Harm Boelken in de 5e graad. Er is sprake van de verweerder, Harm Boelken en nog 4 andere zusters en broers die te Westerwolde wonen.[55]


494            Wolter Jans

Gehuwd met

495            Albertje Lamberts


502            Hindrik Heling, geboren circa 1680 te Ees

In 1742 genoemd te Ees met een vol erf.


506            Hindrik Dilling, schatbeurder in 1728, geboren circa 1680

Claas Hilbrants te Drouwen voor zich en als man en voogd van zijn huisvrouw Marghien Roelofs en als vader van zijn minderjarige kinderen Harmen Claassen en Swaantien Claassen is op 29‑11‑1735 eiser tegen Femmeghien Hindericks Dillinge. Femmeghien zou met haar vader Hindrik Dillinge laster verspreid hebben, ten nadele van de eiser.[56] Op diezelfde datum klaagt Claas Hilbrants ook Harmentien Arents huisvrouw Hinderick Dillinge te Drouwen aan wegens belediging.[57]

Op 12‑12‑1747 koopt Jan Mensing te Gieten enig vast goed van Harmtien Dilling voor 650 gulden.[58]

Gehuwd met

507            Harmtje Arents Dilling, geboren circa 1680


Generatie X : Stam‑ouders


520            Hindrik Menting, geboren circa 1630

Hij is waarschijnlijk een zoon van een meisje Abbring en heeft een broer Albert en zuster Geesje. Echter zijn broer Albert erft van hem, dus kan hij geen kinderen gehad hebben. Blijft nog even een raadsel.

GAG RA IIIx47 fol. 290vs/292 d.d.2 april 1666

Wij Borgemesteren ende Raadt in Groningen betuigen met desen openen versegelden brief, dat voor ons gecompareert ende erschenen sijn , d'E Jurien Draper in qlte, in 't bij wesen van d'E. Niclaes Gelkingh nomine uxoris onvercort de ieder sijn recht ten principael, repraesenterende het recht van wijlen Hendrick Geerts van Goor ter eener; d'E. Hendr. Abberinge, Albertien Abberinge wed. wijlen Garbrant Cornelis, Wilhemtien Abberinge geadsisteert met derselver soone Sicke Willems Eisinge, als last hebbende van man ende vader d'E. Willem Eisinge, d'E.Albert Mentinge tot Exet onder Borger in Drente voor hem selver ende voor sijn suster ende broeder Geesien ende Hendr. Mentinge de rato caverende, opgemelte Hendrick Abbringe in qlte voormont ende Thijes Dercx sibbevooght tot ende over wijlen Grietien Abbringe naegelatene onmundige kinders bij Hendr. Stevens (mede voor ons erschenen) in echte geprocreert, haer qualificerende enichste ende sibbeste erfgenamen van wijlen Hilletien Abbringe, gewesene huisvr. van opgemelte Hendrick Geerts van Goor daer voor sij te samen ende een van haer in solidum inlieten ter anderen sijde. Bekanden ende beleden welgemelte comparanten in voorn. qualite dat sij onder haer stedevast ende onwederroepelijk sijn veraccordeert ende over een gecomen over de nalatenschap bij wijlen Hendr. Geerts van Goor ende Hilletien Abbringe naergelaten, in voegen dat de gedachte erfgen. van Hilletien Abbringe sullen hebben te genieten alle de samentlijke huisgeraets ingoederen, silver ende golt gemunt ende ongemunt geriede penningen de wullen lakens en voorts alles van dien niet exempt mitsgaders des ehemans naegelatene klederen ende lijves toebehooren, van dien niet uitbesondert als oock het huis ten zuiden van het Zuiderdiep, daer de drie potten uithangen eert ende nagelvast, cum annexis op pachtgront staende als wijlen Hendrick Geerts van Goor bij keersen uitganck heeft becomen, noch de camers als d'eheluiden in de Raemstrate an 't bollwerck ende in de Princenstrate hebben naegelaten, ten diele met Luitien Harckens in de mande, een half graft ten noorden op Martinikerckhof, daer de verstorvene eheluiden in begraven sijn ende haer rust plaetsen sullen beholden volgens testament ende een hondert Car. gl. in gelt a dato deses over een jaer te ontfangen, bovendien sullen wesen gemortificeert alsodane begiftinge als Hendr. Geerts langstlevende bij houlicx contreact is versproocken. Daer tegens sullen de erfgenamen van wijlen Hendr. Geerts van Goor erflick behouden het huis in de Heerestrate, het vierde part van 't huis aen 't Breede merckt, wordende bij comparant Draper bewoont, alle versegelde ende papieren obligatien, hantschriften in 't sterfhuis ende daer buiten, riedes bekent ofte noch bekent ende in voorschijn muchten komen, over d'een ofte ander holdende, met alle achterstallige renten ende huiren, ende in specie de huiren van het huis de potten ende camers tot op maij anstaende te verschijnen, daer bij mede het hof buiten de Heerepoorte sijnde eigen grondt, alle graven ende de wederhelfte van voorn. graft; ende sal een ieder 't sijne mogen aenvaerden ende daermede doen naer desselfs welgevallen; Ende sal ock an wedersijden vrij gelevert worden onder verbant van ieders goederen te saemen ende een in solidum met submissie van alle hoge ende lage rechten, gerichten ende reale executie, onder renunciatie van de exceptien divisionis ende discussionis Welverstaende nochtans alle sterfhuises lasten van Hendr. Geerts van Goor ende sijn huisfr. te quade tot op dato deses sullen die erfgenamen van Hendr. Geerts van Goor alleene voldaen ende betalen, blijvende de slijpsteen tusschen d'erfgenamen in de mande. Sonder argelist, Dat oirconden wij met onsen stadts zegel gegeven in den jare XVI C ses ende sestich den tweden April doe Johan Tiassens, Gerhard Ten Berge, Regnerus.


542            Arent Dilling, geboren circa 1640

Niet zeker dat hij een zoon is van Arent Dilling en Jantje.

Arent Dillinge wordt in 1691 en 1692 in de haardstedenregisters te Drouwen genoemd met drie paarden. In 1693 en 1694 met twee, terwijl direct onder hem in het register Derrick Alberts op Dillinge genoemd wordt, ook met twee. In 1695 staat Arent Dillinge ook met twee, met daaronder Lutgert Dillinge met één.

{Arend Dilling in HSR.jpg:Vermelding Arent Dilling in het haarstedenregister van 1692:12:}.

Gehuwd met

543            Jantje Jacobs Huising, geboren circa 1650


548            Egbert Jans Schuiling, geboren circa 1660, overleden op 23‑3‑1703 te Annen

Voor vol aangeslagen in het haardstedenregister van Annen in 1691, 1692 en 1693.

Gehuwd met

549            Geesje Aalderts, geboren circa 1660, overleden op 11‑5‑1689 te Annen


550            Aaldert Hindriks Tamelte, geboren circa 1660 te Annen

Hij wordt genoemd in het haardstedenregister te Annen als keuter in 1691, 1692, 1693. Aaldert Tamelte wordt aangenomen als lidmaat te Anloo op 2‑7‑1702, wonende te Annen.

Op 10‑1‑1714 vinden we een momberrekening over Geertje Tamelte, dochter van Aaldert Tamelte en Geertje Schuiling. De mombers zijn Harmen Tamelte als hoofdmomber en Jan Schuiling, Jan Busch Apinge en Boele Tamelte als medemombers[59]

Op 11‑11‑1721 zijn de mombers Jan Timmerman, Jan Jansen, Jan Schuiling en Bartelt Meijering[60]

Gehuwd voor de kerk (1) voor 1690 met Margje Eggens (zie 551).

Gehuwd voor de kerk (2) na 1693 met Geertje Jans Schuiling, geboren circa 1675, overleden op 22‑8‑1701 te Annen

551            Margje Eggens, geboren circa 1665, overleden op 13‑11‑1693 te Annen


554            = 326 Harm Hindriks.

555            = 327 Lammigje Jans.


556            Pieter Hindriks, geboren circa 1660 te Eexterveen

Pieter Hindriks en Geertruid Luichjens worden aangenomen als lidmaat 1‑7‑170?, wonende te Eexterveen.

SP 266 Datum registratie:6‑3‑1714

Momberrekening

Ouders:Pieter Hindriks en Geertje Luitiens

Kinderen:Hindrik Pieters; Aeltje Pieters; Eeuweltje Pieters; Jantje Pieters.

h.m.:Jan Berents te Eexterveen

m.m.:Cornelis Hoving; Willem Meijnders te Eexterveen

Bijzonderheden:

Roelof Claassen Nijmeijer huurt land. Borg zijn zijn broer Hindrik Claassen Nijmeijer en schoonzoon Harmen Timmerman te Annen.

SP 266 Deel 1 Folio 151

Datum:18‑12‑1716

Momberrekening

Ouders:Pieter Hindriks en Geertruit Luitiens

Kinderen:Hindrik Pieters; Aaltje Pieters; Eeuweltje Pieters; Jantje Pieters

h.m.:Jan Berents van Eexterveen (i.p.v. Cornelis Hoving)

m.m.:Harmen Kuijter van Annerveen; Willem Meinders van Eexterveen

Bijzonderheden:

Hindrik Pieters en Aaltje Pieters bedanken de mombers, omdat zij vanwege hun huwelijk mondig zijn geworden.

SP 266 Deel 1 Folio 322

Datum20‑6‑1724

Momberrekening

Ouders:wijlen Pieter Hindriks en wijlen Geertruit Luitiens te Eexterveen

Kinderen:Jantje Pieters

h.m.:Jan Berents te Eexterveen

Bijzonderheden

Er waren nog andere kinderen, die nu meerderjarig zijn.

Jantje Pieters is nu getrouwd met Jan Willems Bouwes op Gasselternijveen.

Etstoel Deel/folio/datum41/248v/23‑11‑1723

Eiser:Henderik Peters op Eexterveen

Verweerder:zijn zwager Jan Roelofs op Eexterveen

Onderwerp:geschil afkoop.

Inhoud:verweerder en zijn vrouw Aeltien Peters en door afkoop rechthebbende van Thijs Salemons te Gasselternijeveen nom. ux. Eemeltien Peters

Andere namen:broers Jan Peters en Henderik Peters.

Gehuwd voor de kerk op 7‑9‑1684 te Kropswolde met

557            Geertruit Luichjens, gedoopt op 23‑2‑1668 te Kropswolde

Gehuwd voor de kerk (1) op 7‑9‑1684 te Kropswolde met Pieter Hindriks (zie 556).

Gehuwd voor de kerk (2) circa 1704 te Anloo met Jacob Jans, geboren circa 1675

SP 266 deel 1 Datum: 11‑12‑1713

Staat en inventaris

Ouders Jacob Jans en wijlen Geertuit Luitiens op Annerveen

Kind:Jan Jacobs

h.m.:Cornelis Hoving

m.m.:Jan Hoving; Eggo Jansen; Berent Jansen, allen te Eexterveen

Op 3‑2‑1719 waren Cornelis Hoving en Eggo Jansen overleden. In hun plaats treden:Hindrik Pieters van Annerveen als hm en Berent Rijnberg van Eexterveen als mm.

Bijzonderheden:

Jacob Jans is al drie jaar geleden hertrouwd met Egbertje Jansen.

Geertuit Luitiens heeft 5 voorkinderen uit een eerder huwelijk met Pieter Hindriks.

De moeder van Jacob Jans is wijlen Roelofje Willems. Roelofje Willems is getrouwd geweest met Jan Berents te Eexterveen.

SP 266 Deel 2 Folio 111 dd. 24‑1‑1728

Momberrekening

Ouders:Jacob Jans en wijlen Geertruit Luigiens

Kinderen:Jan Jacobs

h.m.:Hindrik Pieters van Eexterveen

m.m.:Berent Jans van Eexterveen; Berent Rijnberg van Eexterveen

Bijzonderheden: wijlen Jan Hoving was ook momber

SP 266 Deel 3 Folio 149 dd. 25‑2‑1735 Momberontslag

Ouders:Jacob Jans en wijlen Geertruit Luichiens

Kinderen:Jan Jacobs

m.m.:ondertekening door Berent Jansen

Bijzonderheden: Jan Jacobs is meerderjarig en getrouwd.


558            Thomas Jans, gedoopt op 27‑12‑1663 te Kropswolde, overleden op 2‑6‑1693 te Kropswolde

Gehuwd voor de kerk op 4‑1‑1685 te Kropswolde met

559            Jantje Jans Schuirink, gedoopt op 22‑10‑1664 te Kropswolde

Gehuwd voor de kerk (1) op 4‑1‑1685 te Kropswolde met Thomas Jans (zie 558).

Gehuwd voor de kerk (2) op 18‑3‑1694 te Kropswolde met Willem Alberts, geboren circa 1670 te Kropswolde

Gehuwd voor de kerk (3) op 4‑8‑1695 te Zuidlaren met Jan Hoving, gedoopt op 30‑6‑1664 te Zuidlaren

SP 264 deel 3, blz. 53 lening

Leners:Jan Hovinge x Jantje Jansen op Zuidlaarderveen of Windeweer

Uitleners:Jan Hendriks Schilts x Annechien op de oude Knijpe

Bedrag:300 Plaats:Zuidlaren Datum:12‑12‑1715.

SP 266 deel 2 folio 199 dd. 11‑2‑1730 Mombereed en momberrekening

Ouders:Jan Hoving en wijlen Jantje Jansen

Kinderen:Albert Hoving; Jan Hoving

h.m.:Harmen Jansen van Eexterveen i.p.v. wijlen Egbert Hoving van Annerveen

m.m.:Harmen Lanting van Eexterveen i.p.v. wijlen Hindrik Willems van Annen; Egbert Hoving van Eexterveen; Berent Jansen van Annerveen

Bijzonderheden: Albert Hoving wil zijn mombers ontslaan wegens meerderjarigheid. De mombers twijfelen echter of hij meerderjarig is en hij moet dit aantonen met een attestatie uit het doopboek van zijn geboorteplaats. Jantje Clasen, weduwe van Egbert Hoving, maakt de momberrekening op.

Lidmatenregister Anloo 2‑10‑1702: Aangenomen Jan Hoving x Jantje.


SP266 Deel 2 Folio 328 dd.7‑5‑1731 Momberrekening

Ouders:Jan Hoving

Kinderen:Albert Hoving; Jan Hoving

h.m.:Harmen Jansen van Annerveen

m.m.:Ondertekening door Egbert Hoving; Harmen Lanting; Berent Jansen.

Bijzonderheden

Vorige hoofdmomber was Egbert Hoving, gehuwd met Jantje Clasen.

Harmen Jansen had een zoon Jan Harmens, bij wie Jan Hoving in de kost was.

De pupillen zijn meerderjarig.

Ontvangsten van Egbert Hoving van Gieterveen wegens zijn stiefmoeder Jantje Clasens, weduwe van Egbert Hoving te Annerveen.


560            Jan Rosing, schatbeurder, ette Zuidenveld 1692‑1706, geboren circa 1650 te Exloo, overleden circa 1706

Op St. Maarten 1685 lenen Leffert Willems tot Coevorden en zijn vrouw Luichjen van Jan Rosing anders Dillinge en Jantien Dillinge zijn vrouw een bedrag van honderd gulden. In 1710 lenen Leffert Willems uit Borger en Roeloffien zijn vrouw 72 gulden van Harm Rosinge tot Exloo en Wijllemtijn, zijn vrouw[61] Ook in 1717 leent Leffert Willems geld, ditmaal 40 gulden.

Johan Rosinge, anders Dillinge wordt aangeslagen als keuter in de haardstedenregisters van Exloo in 1672 en 1691 voor 1 gulden. In 1692 wordt hij aangeslagen voor twee gulden. In 1693/4 staat hij vermeld als keuter, zijnde ette, en wordt hij ook voor twee gulden aangeslagen.

Gehuwd voor de kerk voor 1683 te Borger met

561            Jantje Dilling, geboren circa 1650

Mogelijk een dochter van Harm Dilling die in 1645 te Exloo genoemd wordt.


562            Jan Hamming ten Rodengate, geboren circa 1640

Hij wordt vermeld in het haardstedenregister te Zuid‑Sleen in 1672 als Hamming Roenges voor 1 paard. In 1693 voor 2 paarden. Hij ondertekende het haardstedenregister van 1691‑1693.

Hij is, evenals zijn broer Willem, waarschijnlijk overleden voor 1697 en zeker voor 1699. Hun namen worden vermeld in de collecte van 1687[62], maar niet meer in de collecte van 1699, die de weduwe Hamminks vermeldt.[63]

Gehuwd met

563            Jantien Oldenbanning, geboren circa 1650, overleden op 15‑7‑1749 te Sleen. Overlijdensinschrijving: Jantien Oldenbanning, oude weduwe van Jan Hammings


564            Jan Seringe, geboren circa 1660 te Exloo

In 1687 genoemd bij de collecte voor de Waldensers. Hij wordt genoemd in het haardstedenregister te Exloo in 1693 en 1694 voor een half huis.


566            Roelof Manting, geboren circa 1662 te Odoorn

Genoemd bij de collecte van 1687 en 1699 te Odoorn.

Op 13‑6‑1722 worden er mombers benoemd over de kinderen van Jacob Brinks en Geesje Brinks. De hoofdmomber is Berend Harms Kuiper van Valthe, de medemombers zijn Harm Klasen Kuiper en Jan Wolters Huising. Onder de inventaris diverse schulden, o.a. een obligatie t.g.v. Berend Houwink; Hindrik Wever, en de pupil Engbert; de heer doctor en Schulte Emmen wegens diensten en opzegging aan Hille Coops; vertering bij Lucas Crusen; de afkoop van Hindrik Snijder. Verder is er een quitantie aan Anna Brinks en Roelof Mantinge als hoofdmomber over Hindrik Willems Brinks wegens een ouderlijk krediet van Willem Brinks over Brinks en een schuld aan schoolmeester Harm wegens schoolgeld. Ook nog een schuld aan de diaconie van Emmen "tot korting van 't geen onze pupillen aan Jantje Brinks plichtig zijn, mede krachtens testament van Willem en Geertruid Brinks".[64]

Waarschijnlijk gehuwd met een Brinks dochter.

Mogelijk identiek met Hindrik Brinks, op 15‑12‑1741 lidmaat te Emmen, met att. van Odoorn, met de vermelding "Hendrik Mantinge, nu wonende op Brinks te Noordbarge".


568            Hindrik Manting, geboren circa 1640, overleden voor 1682

Lambert Wallinge en echtgenote in Veendam en zijn broer Willem op Alting en zijn echtgenote te Weerdinge verkopen op 18‑6‑1676 aan Willem Mantinge en wijlen broeders Hindrik Mantinge nagelaten weduwe en nagelaten kinderen vast goed te Odoorn.[65]

Jan Quants tot Odoorn verkoopt op 13‑10‑1682 bouwland aan Willem Manting en zijn broers vrouw Griete Mantinge, weduwe van wijlen Hindrik Mantinge.[66]

Gehuwd met

569            Grietje Manting


570            Willem Nijenschuttrups, geboren circa 1655 te Odoorn

Hij wordt genoemd in 1689 te Odoorn met een piek. In het haardstedenreigster te Odoorn in 1691 met 2, 1692 met 3, 1693 met 2, 1694 met 3.


572            = 568 Hindrik Manting.

573            = 569 Grietje Manting.


574            Hindrik Hoving


592            Jan Nijsing, overleden voor 1676

Gehuwd voor de kerk 1665 te Westerbork met

593            Jantje Buiting, geboren circa 1630

Gehuwd voor de kerk (1) voor 1655 met Roelof Bloemers, geboren circa 1630, overleden voor 1665

Jan Buitinck en consorten, mombers over de beide zoontjes van wijlen Jan Nijsing en wijlen Roeloff Bloemerts bij Jantien Buitinge, nu hertrouwt met Jan Lunsingh te Hemmen verzoeken om goedkeuring van verkoop van onroerend goed van de minderjarigen.[67]

Gehuwd voor de kerk (2) 1665 te Westerbork met Jan Nijsing (zie 592).

Gehuwd voor de kerk (3) 1679 met Jan Schuringe Lunsche, geboren circa 1640 te Peize

Jantien Buijtinge laatst weduwe Jan Nijsingh te Dwingeloo verzoekt om

goedkeuring van een eenkindscontract d.d. 24‑10‑1676 met haar beide

zoons uit haar eerste en tweede huwelijk.[68]

Op 31‑10‑1679 wordt Otto Lunsche als voormond aangezworen over de kinderen van Jan Lunsche en Aeffien Abberinge. Willem Abberinge wordt sibbevoogd.[69] Jan Heminge awordt op 25‑2‑1681 als voogd aangezworen.[70]

Zij belenen op 24‑11‑1692 een verpachte plaats te Bonnerveen die in 1630 eigendom was van W. Hamming van de Veenhof.


594            Hans Warners

Gehuwd met

595            Beertje Roelofs Steenbergen


596            = 594 Hans Warners.

597            = 595 Beertje Roelofs Steenbergen.


640            Willem Lanting, geboren circa 1587, overleden na 1645 te Gieten

Hij wordt in 1630 genoemd te Gieten met een gezin van 7.[71]

Hij was meijer van Jeye Ottens, met wie hij in 1641 een geschil had. Hij zal vermoedelijk de vader zijn van Albert Lanting (te Gieten) en Hendrik (te Eexterveen). Op een andere manier is de wijze waarop de Lantings van Eexterveen momber zijn over twee kinderen van een lid van de Gieter Lantings moeilijk te verklaren.

Hij leefde nog in 1645, toen hij als 58 jarige getuige optrad in een geschil te Gieten.[72]


656            Otto Derks, wever, geboren circa 1640 te Rolde, overleden na    1692 te Gasselternijveen

lidmaat 1682.

Gehuwd voor de kerk 1665 te Westerbork met

657            Grietje Jans, geboren circa 1640 te Elp, overleden voor 1682 te Gasselternijveen


658            Jan Mensen, geboren circa 1649 te Scheerhoorn, overleden voor 1692 te Gasselternijveen

Gehuwd voor de kerk op 15‑11‑1674 te Gasselte met

659            Annigje Jans, geboren circa 1650 te Gasselte


672            Reinder Hindriks, landbouwer te Bonnerveen, geboren circa 1620 te Gieterveen, overleden na 1654 te Bonnerveen


674            Roelof Jans Pepping, geboren circa 1630 te Gieten, overleden 1672/1684 te Gieten

Landbouwer te Gieten, waar hij voor een vol erf wordt aangeslagen in 1672. In 1678 wordt hij niet genoemd in de lijst van lidmaten van Gieten. Mogelijk is hij voordien overleden.

18‑1‑1688: Schuldbekentenis van Grietje Willems, weduwe van Roelof Jans. Zij hebben o.a. een zoon Jacob Pepping. De schuld dateerde van 18‑4‑1663.[73]

Gehuwd met

675            Grietje Willems, geboren circa 1630


680            Albert Jans, geboren voor 1640, overleden voor 1706 te Gieten

Hij wordt genoemd in het haardstedenregister te Gieten met twee paarden in 1672.[74]

Gehuwd voor de kerk voor 1659 met

681            Aaltje Willems, geboren voor 1640 te Gieten? Overleden na 1706

Aeltien Willems weduwe van Albert Jans en haar zoon Jan Alberts te Gieten leende in 1706 samen met haar zoon Jan geld aan Willem Tonnis en Jantien Ottens, haar tante‑zegger.[75]


682            Jan Barelts Meijers, geboren circa 1610 te Gieten, overleden op 25‑9‑1679 te Gieten


688            Berent Berents

Vermeld 1665 te Gieten (Mensinge 984).

1672 te Gieten (timmerman en metselaar).

Gehuwd met

689            Lamme Huls


700            Jan Warcks, geboren voor 1640

mogelijk ook Warners!!

Gehuwd voor de kerk voor 1661 met

701            Lubbechien N.N. Geboren voor 1640


702            Hindrik Frederiks, geboren circa 1625 te Zuidlaarderveen

Etstoel 14, deel 39 11/46/29‑11‑1712

Eiser: Warrink Jans met Jan Barelts nom. ux. Gesien Roeloffien Hendrix en Grietien Hendrix en Jan Barelts als hoofdmomber over de minderjarige kinderen van wijlen Jantien Hendrix bij Eppo Eppens

Verweerder: hun stiefvader Harmen Hendrix

Onderwerp: geschil erfdeling

Inhoud: Eisers willen hun erfdeel van de stiefvader van het erf te Zuidlaarderveen conform contract dd. 25‑5‑1693.

Ondertrouwd 4‑1652 te Zuidlaren met

703            Elligje Berents, geboren circa 1625 te Zuidlaarderveen

Ondertrouwd (1) 4‑1652 te Zuidlaren met Hindrik Frederiks (zie 702).

Gehuwd voor de kerk (2) 1680 te Zuidlaren met Harm Hindriks


740            Hindrik Hamming, geboren circa 1630 te Eext, overleden op 5‑12‑1682 te Eext

Hendrick Hamminge te Eext, en Herman Stevens, Hendrick Luitiens, Geert Husinge als voogden over de voorkinderen van Hendrick Hamminge verzoeken om een accoord betreffende de educatie van de kinderen te Anloo d.d. 6‑10‑1662.[76]

Hendrick Hamminge leent op 9‑5‑1666 500 daalder van zijn neef en nicht Jan Hemsing en Jantje Tamming, nu Hemsing.[77]

Hendrick Hamming en zijn vrouw Grietje en hun kinderen te Eext lenen op 20‑4‑1668 100 daalder van Jantje Harms, weduwe van Pieter Jans schuitenschipper en haar kinderen te Groningen. De lening is op 8‑12‑1704 geroyeerd. De originele acte is in bezit van jonge Jan Hamminge, zoon van wijlen Hendrik Hamming.[78]

Hindrik Hamming en Grietje Roelofs, echtelieden te Eext, zijn op 24‑1‑1671 450 daalder schuldig aan Hindrik Hemsing van Zuidlaren.[79]

Hendrik Hamming en Griete te Eext en voorkinderen verkopen op 15‑5‑1677 aan Meindert Jans en Jantje Poelmans koeland te Eexterveen, genaamd de Swijnehem. Swetten zijn Bartelt Meursing ten oosten en de zoons van Warmolt Meijering ten westen.[80]

Gehuwd voor de kerk (1) voor 1660 met N. N.

Gehuwd voor de kerk (2) circa 1662 met Grietje Roelofs (zie 741).

741            Grietje Roelofs


750            Jan Roelofs Woerding, overleden voor 1686

Gehuwd met

751            Sijgertje Jans, overleden op 21‑1‑1686 te Annen


756            Sicke Hindriks, geboren voor 1643

lidmaat 1682.

Gehuwd voor de kerk (1) voor 1664 met Trijne N.N. (zie 757).

Gehuwd voor de kerk (2) op 15‑2‑1674 te Gasselte met Willemtje Jans, geboren circa 1649 te Gasselte

lidmaat 1682.

757            Trijne N.N. Geboren voor 1643, overleden voor 1674 te Gasselternijveen


758            Lambert Witkop, geboren voor 1645


800            Jacob Cuper


804            Jan Hillebrants, begraven op 14‑7‑1694 te Emmen

Gehuwd met

805            Aaltje N.N. Begraven op 31‑8‑1705 te Emmen


806            Jan Nijensikking, geboren circa 1620, begraven op 1‑8‑1711 te Emmen


810            Hindrik Meijering, geboren circa 1650 te Westenesch

ws. aangenomen als lidmaat te Emmen (Hindrik Harms Meijering) in 1719.

Gehuwd voor de kerk op 11‑11‑1677 te Emmen met

811            Beertje Nijenloesing, geboren circa 1650 te Meppen, begraven 1707 te Emmen


812            Geert Brinks, geboren circa 1660, overleden te Noordbarge, begraven op 23‑12‑1727 te Emmen

Ook Geert Nijehuis genoemd.


814            Hindrik Schirring, geboren circa 1640

Gehuwd met

815            N. N.


816            Willem Hoving, geboren circa 1640

Willem Hoving te Buinen en huisvrouw Jantje lenen op 12‑5‑1677 400 gulden van Roelof Zegering en zijn vrouw Geesje Rosing te Exloo. De schuld komt van een van een eerdere lening van vader Willem Rosing van Willem Jansen gehuwd met Trijntje Keveling te Groningen wegens het Keveling erf te Valthe.[81]

Gehuwd met

817            Jantje Rosing, geboren circa 1650 te Valthe


818            Jan Buiting, eigenerfde te Veenhof, geboren circa 1640 te Buinen, overleden op 25‑9‑1709 te Gieten

Boele Alberts en zijn broer Jan van Midlaren lenen op 28‑6‑1675 300 gulden van Jan Buiting te Buinen.[82]

Hij is in 1689 nog weerbaar. Hij komt ook voor in de haardstedenregisters van 1691 tot en met 1695. Daarna verliet hij het Smeenge erf en werd boer op de Veenhof in de gemeente Gieten. Op 25‑6‑1697 kerkelijk te Gieten komende met attestatie van Borger, wordt hij met zijn huisvrouw en de kinderen Aaltien (Aavien), Otto en Grietien tot het avondmaal toegelaten.

Op 29‑4‑1690 verkopen Jan Buitinge te Buinen, Thale Lamberts, Gerrit van der Graften, mede voor hun vrouwen, mitsgaders Albert Levingh te Groningen, aan Harmen Sprenger, borger en brouwer te Groningen, getrouwd met Gebbechien Levinge, hare vaste goederen te Zuidlaren. Het gaat om een halve plaats, gescheiden met Aaltien Levinge en door Willem Cornelis gepacht. Van het verkochte is de helft voor Jan Buiting.[83]

Ook werd geërfd door Jan Buiting en Tale Lamberts, bakker te Groningen en consorten, in dezelfde verhouding van de overleden huisvrouw van Jacobus Mettinge. Volgens de boeken woonde Buitinge toen te Bunne. Dit laatste is echter waarschijnlijk een schrijffout. Hij woonde niet in Bunne maar in Buinen.

4‑1‑1693: Luigien Abberinghe en Sophia Hiddinge (ehel.) als erfgenamen van wijlen Johanna Anneringe, in leven getrouwd met Coop Mettinck, van vaderszijde, ter ener en van moederszijde Jan Buitingh en Aeltien Levinge (ehel.), Take Lamberts en Geesien Hovinge (ehel.), Hindrick Haerhuisen en Jeijgien Hovinghe (ehel.), Gerrijt van der Graft en Maria Hovinge (ehel.), Allard Hovinghe, Otto Levinge en Aeffien Levinge (ehel.), Jan Martens en Fennegien Hovinge (ehel.) ter andere zijde. Ze maken een scheiding van de nalatenschap van Johanna Abberinge. De eerste comparanten verkrijgen de goederen afkomstig van de overleden vaders zijde. De tweede comparanten verkrijgen de goederen gelegen te Onnen. Eerste comparanten zullen uitkeren aan de tweede comparanten boven het bovengenoemde 600 car.gld.[84]

Volgens de Goedschattingen van februari 1694 heeft Buiting's schoonzoon Roelof Hovingh twee paarden en moet hij van 400 gulden belasting betalen, Jan Buiting zelf 800 gulden. Hij heeft ook nog inwoning van ene Hendrick Heideker, "een vrij persoon sonder Buric in dese Lantschap, op interesse 1550 gld." Deze wordt aangelagen naar 1800 gulden. Jan Buiting blijft eigenaar van zijn Buiner landerijen en tijdens de Goedschatting van juni 1705 wordt de meier Albert aangeslagen naar 750 gulden.[85]

Zijn overlijdensdatum is te vinden in de kerkeraads verhandelingen van Gieten.

Gehuwd voor de kerk op 7‑5‑1665 te Noordlaren met

819            Aaltje Leving, gedoopt op 5‑2‑1643 te Noordlaren, overleden op 19‑11‑1712 te Gieten


820            Frerik Tebinge, geboren circa 1620 te Gasselte? Overleden op 19‑2‑1672 te Gasselte

{Handtekening Frerik Tebinge.jpg:Handtekening Frerik Tebinge:6:NH Archief Gasselte 1662}

.

Gehuwd voor de kerk (1) op 25‑9‑1642 te Gasselte met Aelheidt Aling, gedoopt op 30‑12‑1621 te Gasselte, overleden op 1‑2‑1647 te Gasselte

Gehuwd voor de kerk (2) op 3‑11‑1650 te Gasselte met Lamme Alberts (zie 821).

821            Lamme Alberts, geboren circa 1625 te Gasselte, overleden op 28‑9‑1690 te Gasselte


822            Hindrik Aling, geboren circa 1625, overleden op 6‑12‑1673

Gehuwd voor de kerk (1) op 9‑11‑1651 te Gasselte met Adelheit Jans Willems (zie 823).

Gehuwd voor de kerk (2) op 11‑1‑1668 te Gasselte met Hillechien Poeling

823            Adelheit Jans Willems, gedoopt 1630 te Gasselte, overleden op 15‑3‑1660 te Gasselte


856            Roelof Dilling, geboren circa 1620

Hij wordt in 1654 genoemd te Odoorn met 38 mud en 1 1/2 waardeel.

{grondschatting Odoorn 1645.jpg:Vermelding Roelof Dilling in het grondschattingregister 1654:13:OSA 845}

In 1672 aangeslagen voor vier in het haardstedenregister.

Genoemd in het huisgeld van Odoorn van 1676 met 4.

Jan Quants te Odoorn leent 100 gulden van Jonge Roelof Dilling te Odoorn en Egbertje zijn huisvrouw op 30‑8‑1681.[86] Gezien de vermelding Jonge Roelof Dilling is hij waarschijnlijk een zoon van Roelof Dilling. Op dezelfde datum lenen Hein Seubers en Egbert Seubers, broers, mede namens hun vrouwen en Fennegien en Aaltje 400 gulden van Jonge Roelof Dilling.[87]

Hij wordt genoemd in de collecte van 1687 met 1‑10. Roelof Dilling wordt in de haarstedenregisters van Odoorn genoemd als keuter in 1692, 1693 en 1694.

Gehuwd met

857            Egbertje N.N.


882            Jan Schuiling, geboren circa 1660

Egbert Schuiling wordt genoemd te Annen met broers en zusters Jan, Luchien, Jan, Jaichyn, Roelofje en Jantien[88]

Jan Schuiling is in 1714 momber over Jacob Willems, kind van Willem Willems en Hendrikje Jans Schuiling. In de akte wordt hij als oom van de pupil genoemd[89]

Gehuwd voor de kerk circa 1685 met

883            Geertruit Jans, geboren circa 1665


892            Jan Rijnberg, geboren circa 1645 te Annen

Jan Rijnberg en Hindrikje zijn lidmaat te Anloo ca. 1700.

Hindrik Rijnbarg van Anloo als mede erfgenamen van zijn oom Berent Rijnbarg voor enige jaren overleden is op 23‑11‑1762 voor de Etstoel eiser tegen R. Rijnberg te Annen als voor ¼ hebbende de boedel van Berent Rijnbarg genoten, in welke ¼ deel de eiser voor 1/3 deel gerechtigd is. De eiser wil zijn deel van de erfenis. Er is sprake van de crediteuren in de boedel van Egbert Schuilinge, die voor 1/16 deel in de erfenis gerechtigd zijn. Ook Jan Jans van Annen is gerechtigd. Volgens verweerder is Berent Rijnbarg in 1735 overleden, en heeft tot erfgenamen nagelaten J. Rijnberg, de vader van de eiser en verweerder, zijn zuster Grietijn Jansen en Annegijen Rijnberg en de kinderen van H. Rijnberg. Volgens de verweerder is de eiser van alles afgekocht. Eiser krijgt ongelijk.[90]

Gehuwd met

893            Hindrikje Jans, geboren circa 1645


894            Hindrik Schuiling, geboren circa 1640, overleden na 1706

In 1671 wordt Hindrik Schuiling voor het eerst als keurnoot te Annen genoemd. Daarna treed hij nog vele malen als keurnoot op.

Voor vol aangeslagen in het haardstedenregister te Annen in 1672, 1691, 1692, 1693, en in deze registers direct na Egbert Schuiling genoemd.

Zijn vrouw is waarschijnlijk een dochter van Jan Barelts Gosen die te Annen genoemd word in de haardstedenregisters van 1691, 1692 en 1693. De vrouw van Jan Barelts, Grietje, overlijdt 5‑6‑1698 te Annen. De naam Jan Barelts blijft in deze tak van de familie lang als voornaam bestaan. In 1812 wordt nog een Jan Barelts Schuiling geboren. In dit geval is "Barelts" dus geen patroniem, want een Barelt Schuiling wordt nergens in de archieven aangetroffen, maar een volledige vernoeming naar de schoonvader. Dat de voornaam met toevoeging zo lang gebruikt is is waarschijnlijk te danken aan het grote aantal Jan Schuiling's die te Annen voorkwam. Op deze manier kon men de diverse Jan Schuiling's nog enigszins onderscheiden.

Op 25‑10‑1680 lenen Hendrik Schuiling en Aaltje, zijn huisvrouw 325 gulden van de kinderen van Heino Hamming en Aaltje Oldenbanning in de Veenhof.[91] Op 3‑5‑1681 lenen ze nogmaals 50 daalder[92]

Op 6‑12‑1684 zit Hindrik Hamming weer in geldnood. Hij verkoopt dan een kwart waardeel te Annen aan Coenraad Ellents en Geertruida Sichterman te Anloo[93] De verkoop levert waarschijnlijk niet genoeg op en op 12‑6‑1689 lenen Hindrik Schuiling en zijn kinderen weer 100 daalder, dit maal van Berent Hilbrants en zijn huisvrouw Bouchien Eppens te Anloo[94] De lening dient ter afbetaling van boekschulden en schattingen. Op 1‑6‑1690 lenen Hindrik Schuiling en kinderen nogmaals 130 gulden van Boele Hamming als hoofdmomber over de kinderen van wijlen Heino Hamming.[95], en op 23‑2‑1706 weer 174 gulden stuivers en 8 duiten van de erfgenamen van Berent Hilbrants[96] Ditmaal wegens geleverde bieren. De schuld wordt later overgenomen door ette jan Homan en zijn vrouw Hindrikje Julsing. Borgen voor de lening waren Hendriks schoonzoons Berent Elinge, Aaldert Rabbens en Jan Jansen Rijnbarg.

De schulden bleven aanhouden en op 30‑1‑1705 lenen Hendrik Schuiling en zijn zoon Jan Barelds Schuiling, getrouwd met Grietje 625 gulden en 11 stuivers van Thij Lussing en zijn vrouw Aaltje Hamming van Drouwen. De schuldbekentenis is wegens achterstallig rente van diverse leningen en een nieuwe lening. Aaltje Hamming is een dochter van Heino Hamming[97]

Ook in 1706 lenen Hindrik Schuiling en kinderen nog 174‑8‑8 gulden van de erfgenamen van Berent Hilbrants. Dit vanwege schulden voor geleverde bieren etc. Schuld wordt overgenomen door ette Jan Homan x Henderkien Julsing. Borgen waren Hindriks schoonzoons Berent Elinge, Aaldert Rabbens en Jan Jansen Rijnbarg[98]

Na 1706 wordt Hindrik Schuiling niet meer aangetroffen in de archieven, waarschijnlijk is hij kort daarna overleden.

Gehuwd met

895            Aaltje Jans, geboren circa 1640, overleden 4‑1686 te Annen


932            = 548 Egbert Jans Schuiling.

933            = 549 Geesje Aalderts.


934            = 550 Aaldert Hindriks Tamelte.

935            = 551 Margje Eggens.


938            = 326 Harm Hindriks.

939            = 327 Lammigje Jans.


940            = 556 Pieter Hindriks.

941            = 557 Geertruit Luichjens.


942            = 558 Thomas Jans.

943            = 559 Jantje Jans Schuirink.


954            Roelof N.N.


958            Jan Reinders, scheper te Westenes, geboren voor 1670, begraven op 31‑12‑1701 te Emmen


960            Roelof Peuling

Roelof Pielinge is buur te Sleen op 23‑2‑1602.[99]

Een R. Poelinge wordt in 1612 te Noord‑Sleen genoemd met 23 mud.[100]


980            Hindrik Strating, geboren circa 1625 te Noordbarge, begraven op 14‑10‑1690 te Emmen

Hij draagt bij aan de collecte in 1687 (in plaats van Hindrik Strating).

Op 13‑11‑1683 is de boedel van Nier Olden Battinge en Jan Olden Battinge grasvellig (failliet). Crediteuren zijn:[101]

schulte Johannes Botticius 7‑10‑0 (schatting)

schulte Everhard Emmen 7‑10‑0 (schatting)

Roelant à Been 27‑14‑0 (pachtpenningen)

schulte Everhard Emmen 11‑0‑0 (gerechtskosten)

Hindrick Stratinge 400‑0‑0 (restant afboedelspenningen wegens huwelijkscontract d.d. 6‑12‑1647)

Aerent Hamminge 114 daalder en 25‑13‑0 rente (obligatie d.d. 18‑8‑1671)

Geert Nienhuis 80‑0‑0 (obligatie d.d. 5‑6‑1666)

Lucas Hiddinck namens zijn vrouw en als momber van zijn de voordochter van zijn vrouw 250‑0‑0 (obligatie d.d. 17‑6‑1670)

Roeloff Elckinge 60‑0‑0 (obligatie d.d. 29‑5‑1667).

Gehuwd op 6‑12‑1647 te (h.c.) met

981            Roelofje Batting, geboren circa 1620 te Weerdinge, begraven op 13‑11‑1684 te Emmen


982            Jan Boelken, geboren circa 1600 te Roswinkel

Samen met zijn broer Harmen komt hij voor in het grondschattingsregister van 1630. Bij de meting der bouwlanden in 1642 bezat hij 19 mud bouwland. In de grondschatting van 1654 staat hij genoteerd voor 9887 gulden.

Gehuwd met

983            Gyssele N.N. Overleden voor 1651


988            Jan Wolters

Gehuwd met

989            Jantje Epping


1004          Jan Heling, geboren voor 1640

SP 50 Blz. 98 akte van verkoop

Verkopers:Jan Heling van Drouwen x Jantien Brants, dr. van wijlen Jan Coerts Brants van Zweeloo

Uitleners:dr Roelof Steenbergen

Keurnoten:Johannes Hendriks Brants en Martinus Sijder van Zweeloo

Plaats:Zweeloo Datum:26‑3‑1694.

In het haarstedenregister te Ees genoemd met een "1/2 huis maar met 4 peerden" in 1672 en met een vol erf in 1692/5. In 1742 wordt op deze plek Hindrik Heling genoemd met een vol erf.

Inventaris Archief Veltman RAD 0630: 5 Akte van overdracht door Jan Heling aan Roeleff Hilbinge te Gasselte van 1/3e van het Kesemaetien aldaar, 1704.

Deel/folio/datum 33/159/22‑11‑1698

Eiser: Joannes Hendricks Brants

Verweerder: Grietjen NijenSchuiringe, weduwe van wijlen jonge Coert Brants en haar schoonzoon Evert Herms

Onderwerp: bezit van hooiland

Inhoud: eiser heeft door koop het recht gekregen als doctor Steenbergen van Jan Helinge namens diens vrouw Jantjen Brants en Johannes Jacobs Brants van Derck Hendricks namens diens vrouw, eveneens Jantjen Brants genaamd, hebben verkregen na hun vaders dood van hun overleden bestevader olde Coert Brants en bestemoeder Griete Jans.

Gehuwd met

1005          Jantje Brants


1014          = 542 Arent Dilling.

1015          = 543 Jantje Jacobs Huising.


INDEX







[1] Schultenprotocol 42 deel 2 folio 104 d.d. 15‑8‑1795



[2] OSA 1383



[3] moet zijn Aaltje Hindriks



[4] Schultenprotocol 44 deel 2 folio 190 d.d. 13‑7‑1782



[5] Schultenprotocol 266 deel 5 folio 81 d.d. 1745



[6] Schultenprotocol 264 deel 6 folio 140 d.d. 27‑7‑1779



[7] Schultenprotocol 44 deel 1 folio 85 d.d. 23‑2‑1737



[8] Schultenprocotol 72 deel 2 folio 239 d.d. 8‑1‑1766



[9] het is niet duidelijk of Jan Harmen een dubbele naam is of het hier twee kinderen betreft, Jan en Harmen. Er staat in de tekst geen komma tussen Jan en Harmen



[10] Mensinge inv. no 1510



[11] Warning, Jantien, Tole, Lamme



[12] Schultenprotocol 319 deel 1 folio 93 d.d. 26‑2‑1738



[13] Schultenprotocol 319 deel 1 folio 401 d.d.16‑5‑1744



[14] Schultenprotocol 72 deel 2 folio 75v d.d.12‑12‑1735



[15] Schultenprocotol 72 deel 2 folio 102 d.d. 2‑4‑1745



[16] Schultenprotocol 72 deel 2 folio 102v d.d. 2‑4‑1745



[17] SP 68



[18] Etstoel 14 deel 21 folio 201 d.d. 1‑12‑1722



[19] Bewoningsregister Sleen circa 1709



[20] Etstoel 14 deel 45 folio 60v d.d. 27‑11‑1736



[21] Etstoel 14 deel 52 folio 287 dd 4‑12‑1756



[22] Etstoel 14 deel 54 folio 218 d.d. 13‑12‑1763



[23] Schultenprocotol 72 deel 2 folio 46v d.d. 1‑5‑1728



[24] Schultenprocotol 72 deel 2 folio 28 d.d. 1729



[25] OSA 1785



[26] Schultenprotocol 44 deel 1 folio 76 d.d. 17‑9‑1736



[27] Schultenprocotol 72 deel 2 folio 104 d.d. 5‑1742



[28] Schultenprocotol 72 deel 2 folio 104v d.d. 5‑1743



[29] Schultenprotocol 264 deel 2 folio 145 d.d. 18‑1‑1688



[30] OSA 818



[31] Schultenprotocol 264 deel 4 folio 40 d.d. 21‑5‑1738



[32] Etstoel 14 deel 30 folio 122 d.d. 1694



[33] Etstoel 14 deel 30 folio 437 d.d. 7‑11‑1692



[34] Etstoel 14 deel 30 folio 122 d.d. 13‑11‑1693



[35] Schultenprotocol 264 deel 3 folio 195 d.d. 4‑5‑1714



[36] OSA 1785 pg. 876 d.d. 1‑11‑1701



[37] OSA 1110



[38] OSA 1331



[39] OSA 818



[40] Schultenprotocol 312 deel 1 folio 55 d.d. 15‑5‑1700



[41] Schultenprotocol 312 deel 1 folio 56 d.d. 1‑5‑1708



[42] Schultenprotocol 312 deel 1 folio 57 d.d. 1‑5‑1709



[43] Schultenprotocol 72 deel 1 folio 78v d.d. 23‑5‑1687



[44] Schultenprotocol 72 deel 1 folio 28 d.d. 14‑10‑1682



[45] Etstoel 14 deel 9 folio 144 d.d. 12‑10‑1635



[46] Etstoel 14 deel 9 folio 259 d.d. 13‑6‑1636



[47] Etstoel 14 deel 14 folio 256 d.d. 16‑5‑1650



[48] Etstoel 14 deel 15 folio 96 d.d. 10‑10‑1652



[49] Etstoel 14 deel 26 folio 16 d.d. 11‑6‑1683



[50] Schultenprotocol 72 deel 1 folio 42 d.d. 7‑4‑1685



[51] Schultenprotocol 72 deel 1 folio 111 d.d. 18‑5‑1692



[52] Etstoel 14 deel 29 folio 410 d.d. 7‑6‑1692



[53] Etstoel 14 deel 29 folio 410 d.d. 7‑6‑1692



[54] Schultenprotocol 72 deel 1 folio 11 d.d. 18‑5‑1692



[55] Etstoel 14 deel 45 folio 1v d.d. 12‑6‑1736



[56] Etstoel 14 deel 44 folio 254 d.d. 29‑11‑1735



[57] Etstoel 14 deel 44 folio 254v d.d. 29‑11‑1735



[58] OSA 1785 pg. 4118 d.d. 12‑12‑1747



[59] Schultenprotocol 266 deel 1 folio 70 d.d. 10‑1‑1714



[60] Schultenprotocol 266 deel 1 folio 253 d.d. 11‑11‑1721



[61] Schultenprotocol 306 deel 2 d.d. 1710



[62] OSA 1028



[63] OSA 1029



[64] Schultenprotocol 74 d.d. 13‑6‑1722



[65] Schultenprotocol 72 deel 1 folio 1 d.d. 18‑6‑1676



[66] Schultenprotocol 72 deel 1 folio 27 d.d. 13‑10‑1682



[67] Etstoel 14 deel 25 folio 2 d.d. 8‑11‑1681



[68] Etstoel 14 deel 22 folio 466 d.d. 21‑11‑1676



[69] GrA RA Selwerd en Sappemeer, voogdijaanzweringen 1671‑1704 pg. 51 d.d. 31‑10‑1679



[70] GrA RA Selwerd en Sappemeer, voogdijaanzweringen 1671‑1704 pg. 60 d.d. 25‑2‑1681



[71] OSA 841



[72] Mensinge 982



[73] Schultenprotocol 264 dl. 2 fol 143 d.d. 18‑1‑1688



[74] OSA 828



[75] Schultenprotocol 264 deel 3 folio 194 d.d. 11‑11‑1706



[76] Etstoel 14 deel 20 folio 121 d.d. 14‑6‑1665



[77] Schultenprotocol 264 deel 1 folio 78 d.d. 9‑5‑1666



[78] Schultenprotocol 264 deel 1 folio 65 d.d. 20‑4‑1668



[79] Schultenprotocol 264 deel 1 folio 101 d.d. 24‑10‑1671



[80] Schultenprotocol 264 deel 1 folio 285 d.d. 15‑5‑1677



[81] Schultenprotocol 312 deel 1 folio 54 d.d 12‑5‑1677



[82] Schultenprotocol 264 deel 1 folio 228 d.d. 28‑6‑1675



[83] Schultenprotocol 264 deel 2 folio 186 d.d. 29‑4‑1690



[84] GrA RA IIIx 71 folio 170v d.d. 4‑1‑1693



[85] Drents Genealogisch Jaarboek 1995, Huisinge en Buitinghe, A. Smegen, pg. 40



[86] Schultenprotocol 72 deel 1 folio 17 d.d. 13‑5‑1681



[87] Schultenprotocol 72 deel 1 folio 18 d.d. 30‑8‑1681



[88] Etstoel 14 deel 51 folio 135



[89] SP266 dl. 1 folio 97 dd. 26‑3‑1714



[90] Etstoel 14 deel 54 folio 116v d.d. 23‑11‑1762



[91] Schultenprotocol 264 deel 1 folio 316 d.d. 25‑10‑1680



[92] Schultenprotocol 264 deel 1 folio 336 d.d. 3‑5‑1681



[93] Schultenprotocol 264 deel 2 folio 92 d.d. 6‑12‑1684



[94] Schultenprotocol 264 deel 3 folio 170 d.d. 12‑6‑1689



[95] Schultenprotocol 264 deel 2 folio 179 d.d. 1‑6‑1690



[96] Schultenprotocol 264 deel 2 folio 337 d.d. 23‑2‑1706



[97] Schultenprotocol 264 deel 2 folio 356 d.d. 30‑1‑1705



[98] Schultenprotocol 264 deel 2 folio 337 d.d. 23‑2‑1706



[99] Goorspraken 1598‑1602 pg. 219 d.d. 23‑2‑1602



[100] OSA 621



[101] Etstoel 14 deel 26 folio 200 d.d. 13‑11‑1683



Datum: 25‑3‑1797

Mombereed; staat en inventaris

Ouders: wijlen G. Cruiming x Hindrikje Caspers

Kinderen: Albert Cruiming

h.m.: Jan Schutstal te Coevorden

m.m.: Jan Gerrits Cruiming; Jan Caspers; Egbert Woldering, alle te

Dalen

SP 42 Deel 2 Folio 249

Datum: 27‑1‑1798

huwelijkscontract

Ouders: Gerrit Kruiming x Hindrikje Caspers

Kinderen: Albert

h.m.: J. Schutstal te Coevorden

m.m.: Jan Gerrits Cruiming; Egbert Woldering; J.H. Caspers, allen

te Dalen

Bijzonderheden:

Hindrikje is getrouwd met Carst Van Taarle. Albert wordt afgekocht voor 1000

gulden.

Medeondertekening door Harm van Taarlo, Lutgertje Jans; Jan Kaspers; Margje Luin.

Gehuwd voor de kerk (1) op 22‑10‑1786 te Dalen met Hindrikje Caspers (zie 49).

Gehuwd voor de kerk (2) op 20‑10‑1793 te Dalen met Hindrikje Wesseling, gedoopt op 17‑4‑1767 te Dalen, overleden op 10‑6‑1807 te Dalen

49              Hindrikje Caspers, gedoopt op 3‑8‑1766 te Dalen, overleden op 26‑10‑1825 te Dalen

Gehuwd voor de kerk (1) op 22‑10‑1786 te Dalen met Gerrit Cruimink (zie 48).

Gehuwd voor de kerk (2) op 17‑4‑1797 te Dalen met Kars van Tarel, gedoopt op 9‑5‑1770 te Dalen, overleden op 5‑5‑1823 te Dalen

50              Jan Kuipers, gedoopt op 24‑7‑1774 te Emmen, begraven op 27‑8‑1831 te Odoorn

Gehuwd voor de kerk op 12‑5‑1799 te Borger met

51              Hindrikje Hoving, geboren op 23‑9‑1764 te Borger, gedoopt op 28‑9‑1764 te Borger, overleden op 28‑5‑1831 te Borger

52              Albert Ensing, geboren te Wachtum, gedoopt op 18‑8‑1754 te Dalen

Op 15‑8‑1795 worden er mombers benoemd over de kinderen van wijlen Albert Ensing en Aaltje Ratering. De kinderen zijn Hermina (10 jaar); Lammigje (7) en Willem (4). De hoofdmomber is Jan Ensing van Dalen en de medemombers zijn Derk Berents van Dalen; Willem Ratering van de Loo en Hindrik Ratering van de Loo. Aaltje hertrouwd met Evert Pauwels, weduwnaar van Geertje Gerrits. De akte geeft ook de staat en inventaris van goederen van Evert Pauwels, weduwe van Geertje Gerrits en meerderjarige dochter Grietje Everts, en broer Geert Pauwels, samen voor de helft, en de weduwe van Pauwel Lodewijk voor de andere helft toebehorende. Bij het huwelijkscontract tussen Evert Pauwels en Aaltje Ratering zijn de getuigen aan de bruidszijde broer Jan Ratering en oom Evert Wesseling. Van de zijde van de bruidegom zijn er geen getuigen.[1]

Gehuwd voor de kerk (1) op 3‑5‑1780 te Dalen met Lammigje Elting (zie 53).

Gehuwd voor de kerk (2) op 2‑5‑1784 te Dalen met Jantje Scholten, gedoopt op 30‑4‑1758 te Dalen

Gehuwd voor de kerk (3) op 3‑12‑1786 te Dalen met Aaltje Ratering, geboren circa 1760 te De Loo, Coevorden

53              Lammigje Elting, geboren voor 1761 te Valthe, gedoopt te Odoorn, overleden 1783 te Dalen

54              Jan Hindriks Nijkeuter, arbeider, geboren op 10‑8‑1746 te Borger, overleden op 10‑10‑1828 te Bronneger

Gehuwd voor de kerk (1) op 12‑5‑1788 te Borger met Geertje Jans, geboren circa 1760 te Drouwenermoeras, overleden voor 1801 te Drouwen

Gehuwd voor de kerk (2) op 17‑5‑1801 te Borger met Aaltje Sijbering (zie 55).

55              Aaltje Sijbering, geboren te Annen, gedoopt op 7‑10‑1770 te Anloo (getuige(n): Margje Roelofs Rijnberg, huisvrouw van Berent Willems van Annen), overleden op 25‑11‑1842 te Drouwen

56              Harm Jans Rossing, kerspelsoldaat, landbouwer, geboren te Ees, gedoopt op 21‑3‑1762 te Borger, overleden op 1‑12‑1846 te Exloo

Gehuwd voor de kerk (1) op 30‑4‑1786 te Borger met Lutgertje Reinders (zie 57).

Gehuwd (2) op 7‑5‑1814 te Odoorn met Trijntje Dilling, landbouwster, geboren op 25‑12‑1792 te Drouwen, gedoopt op 1‑1‑1793 te Borger, overleden op 14‑2‑1848 te Exloo

57              Lutgertje Reinders, gedoopt op 5‑11‑1760 te Vries, overleden op 7‑3‑1813 te Exloo

58              Jan Eggens, geboren te Eexterveen, gedoopt op 17‑11‑1771 te Anloo (getuige(n): Margje Jans van Eexterveen), overleden op 4‑8‑1860 te Assen

Ondertrouwd op 18‑5‑1800 te Borger, gehuwd voor de kerk 1800 te Odoorn met

59              Jantien Tonnis Nijman, gedoopt op 12‑4‑1778 te Gasselte, overleden op 13‑5‑1858 te Schieven, Assen

60              Hindrik Huising, geboren te Erm, gedoopt op 17‑8‑1738 te Sleen, overleden op 3‑2‑1813 te Erm

[1] Schultenprotocol 42 deel 2 folio 104 d.d. 15‑8‑1795

OSA 1383 Erm no. 27: Hindrik Huising, 60, gehuwd, 4 kinderen.

Gehuwd voor de kerk op 16‑5‑1784 te Sleen met

61              Luichje Willems Eefting, geboren te Erm, gedoopt op 3‑2‑1760 te Sleen, overleden op 18‑6‑1809 te Erm

62              Jacob Jans Kamping, geboren te Zwiggelte, gedoopt op 1‑2‑1767 te Beilen, overleden op 20‑12‑1840 te Smilde

SP 319 Deel 6 Folio 129 dd.9‑5‑1808

Momberbenoeming

Ouders:Jacob Jans en wijlen Jantje Egberts Lenting

Kinderen:Aaltje Jacobs, 4; Egbert Jacobs, 1

h.m.:Jan Egberts Lenting van Borger

m.m.:Hindrik Oosting van Borger; Albert Jans; Arent Jans van Zwiggelte.

Gehuwd voor de kerk (1) op 16‑10‑1803 te Borger met Jantje Egberts Lenting (zie 63).

Gehuwd voor de kerk (2) op 6‑6‑1808 te Borger met Jantje Berents Oosterhof, geboren circa 1773 te Ees, overleden op 26‑6‑1842 te Smilde

63              Jantje Egberts Lenting, gedoopt op 23‑8‑1767 te Borger, overleden op 30‑6‑1807 te Ees

Gehuwd voor de kerk (1) op 25‑6‑1797 te Borger met Harm Camping, geboren te Ees, gedoopt op 3‑11‑1771 te Borger, begraven op 6‑7‑1800 te Ees

SP 319 Deel 5 Folio 432 dd.24‑8‑1803

Momberbenoeming

Ouders:wijlen Harm Kamping en Jantje Egberts Lenting

Kinderen:Albert Kamping, 6; Lammegje Kamping, 4

h.m.:Jan Hindriks Dilling van Bronneger

m.m.:Hindrik Oosting; Jan Egberts Lenting van Borger; Jan Heling van Ees

Jacob Jans van Zwiggelte is in ondertr. met Jantje. Getuigen bruidegom: Lambert Berents, neef; Jan Seggers, neef. Getuigen bruid: Willem Camping, oom; Arent Eleveld, neef.

Deel van de goederen is mandelig met oom Willem Camping.

Gehuwd voor de kerk (2) op 16‑10‑1803 te Borger met Jacob Jans Kamping (zie 62).

Generatie VII : Oud‑grootouders

64              Jan Dijks, geboren circa 1742

In 1797 55 jaar oud.

Gehuwd met

65              Lammigje Menting, geboren op 10‑11‑1732 te Odoorn, overleden op 6‑1‑1823 te Exloo

66              Jan Jans Belt, kleermaker, geboren circa 1735, begraven op 4‑7‑1786 te Odoorn

Gehuwd met

67              Jantje Jans Nijenharken, geboren circa 1738 te Exloo, begraven op 15‑6‑1775 te Odoorn

68              Egge Jans, geboren te Eexterveen, gedoopt op 25‑9‑1746 te Anloo (getuige(n): Trijntje Jans van Eexterveen), overleden te Bronneger, begraven op 29‑1‑1810 te Borger

Bij de doop wordt de moeder als Trijntje Jans aangegeven. Dit zal een verschrijving zijn.

Ondertrouwd op 17‑3‑1770 te Anloo met

69              Hindrikje Jans, geboren te Eexterveen, gedoopt op 20‑12‑1739 te Anloo, overleden na 1812 te Bronneger

70              Jan Hamming Rosing, geboren circa 1733 te Exloo, overleden op 9‑7‑1799 te Exloo, begraven op 17‑7‑1799 te Exloo

Hij is 66 jaar oud in 1798.[1] Op het zelfde erf wordt Hindrik Rosing als boerenzoon genoemd, 19 jaar oud.

Op 20‑3‑1812 worden de goederen van Hinderika Manting verdeeld onder de erfgenamen, Jan Hamming Rosing, Hindrik Manting, Jan Eggens en Jan Rosing Nijenhuis. Waarom Jan Rosing Nijenhuis hier genoemd wordt is ons niet duidelijk geworden. Mogelijk was hij gehuwd met een onbekende dochter van Jan Hamminck. Jan Rosing Nijenhuis tr. op 27‑8‑1814 te Zuidlaren met Janna Egberts Sissing, maar in de huwelijksakten wordt hij niet als weduwnaar genoemd.

In het patiëntenboek van Willem Mantinge in Hoogeveen staat bij de kraambladen:

9 februari: vrouw Rosing verlost, of anders mijn zuster, getrouwt an J Rosing, verlost 's avonds om half tien. Een zoontje f. 15.

1 augustus 1780: mijn zuster Henderkijn verlost om zeven ure 's avonds te Exloo. Een dogter f. 15‑.

Gehuwd voor de kerk op 5‑6‑1775 te Odoorn met

71              Henrica Manting, geboren te Westdorp, gedoopt op 14‑6‑1744 te Borger, overleden op 5‑2‑1810 te Exloo

72              Onne Remmers, geboren circa 1724 te Borger

Gehuwd voor de kerk op 30‑11‑1749 te Borger met

73              Hindrikje Cremers, geboren circa 1724 te Borger

74              Roelof Jans Nijsing, herbergier, geboren te Borger, gedoopt op 19‑1‑1721 te Gasselte

HSR 1774 Gieten: 2, keuter en herbergier.

[1] OSA 1383

Gehuwd voor de kerk voor 1750 met

75              Alida Prijs, gedoopt op 11‑5‑1727 te Hoogeveen

76              Albert Jans Binneke? Scheper, geboren voor 1717, overleden op 13‑8‑1765 te Gasselte

SP 319 Deel 3 Folio 484 dd.17‑8‑1765

Momberbenoeming

Ouders:wijlen Albert Jans en wijlen Geesje Jans van Gasselte

Kinderen:Jan Alberts; Hindrik Alberts; Zwaantje Alberts; Albert Alberts

h.m.:Harm Gommers van Bonnen

m.m.:Berent Thijs? van Borger; Hindrik Jans van Westenes; Albert Jans van Westrup.

Gehuwd voor de kerk voor 1737 met

77              Geesje Jans Snoeing? Geboren voor 1717, overleden op 13‑8‑1765 te Gasselte

78              Geert Jans Stevens, overleden op 29‑8‑1758 te Exloo

Gehuwd met

79              Geertje Stevens, overleden op 10‑11‑1797 te Odoorn

80              Jan Hindriks Lanting, geboren circa 1704 te Gieten, overleden te Gieterveen, begraven op 30‑4‑1767 te Gieten

HSR 1742 Gieterveen: 1.

OSA 1110 1749 Gieterveen: Jan Hendriks Lantinge.

HSR 1754 Gieterveen: 1.

HSR 1764 Gieterveen: 1, wed. Jan Lantinge.

Gehuwd voor de kerk op 4‑12‑1740 te Anloo met

81              Jantje Geerts, geboren circa 1715 te Gieterveen

82              Lambert Ottens, gedoopt op 22‑10‑1724 te Gasselternijveen, begraven op 23‑11‑1781 te Gasselternijveen

Gehuwd voor de kerk op 6‑11‑1743 te Gasselternijveen met

83              Annigje Hindriks, gedoopt op 27‑10‑1720 te Gasselternijveen, overleden op 24‑10‑1808 te Gasselternijveen

84              Jacob Geerts, geboren circa 1727 te Gieten, begraven op 21‑4‑1775 te Gieten

HSR 1774 Gieten: 3.

SP 266 Deel 8 Folio 583 dd.16‑9‑1777

Mombereed en inventaris

Ouders:wijlen Jacob Geerts en Aaltje Hindriks

Kinderen:Roelofje Jacobs (22 jaar); Hindrik Jacobs (20 jaar); Lammigje Jacobs (16 jaar); Geert Jacobs (8 jaar); Geesje Jacobs (6 jaar); Willemtje Jacobs (4 jaar)

h.m.:Harm Pepping (v.z.)

m.m.:Jacob Pepping van Gieten (v.z.); Albert Hindriks van Gieten (m.z.); Hindrik Hindriks van Gieten (m.z.)

Bijzonderheden

De grootvader Hindrik Jans is overgeslagen als momber vanwege zijn hoge leeftijd. Aaltje hertrouwd met Harm Eling van Gieten.

De inventaris is deels van de meerderjarige dochter Hilligje Jacobs, vrouw van Egbert Pieters.

SP 266 Deel 8 Folio 857 Datum20‑1‑1781

Momberrekening

Ouders:wijlen Jacob Geerts en Aaltje Geerts[1]

Kinderen:o.a. Hindrik Jacobs (nu te Gasselte, meerderjarig, en gehuwd)

h.m.:Albert Hindriks van Gieten

m.m.:Hindrik Hindriks van Gieten; Berent Hindriks van Weerdinge; Jacob Pepping van Bonnen

Bijzonderheden

Aaltje is nu huisvrouw van Harm Eling.

Uitgave aan Jannes Derks nom. ux. Roelofje wegens uitboeling.

Uitgave aan Hindricus Hindriks van Eext nom. ux. Lammigje wegens uitboeling.

De hoofdmomber blijft nog schuldig de rest van de inkomsten aan de 7 kinderen.

Gehuwd voor de kerk op 25‑3‑1753 te Gieten met

85              Aaltje Hindriks Meijers, geboren te Gieten, gedoopt op 21‑2‑1734 te Gieten, begraven op 19‑5‑1809 te Gieten

Gehuwd voor de kerk (1) op 25‑3‑1753 te Gieten met Jacob Geerts (zie 84).

Gehuwd voor de kerk (2) op 12‑10‑1777 te Gieten met Harm Hindriks Eling, gedoopt op 27‑11‑1746 te Gieten, overleden op 5‑10‑1828 te Anderen

HSR 1784 Gieten: 3.

HSR 1794 Gieten: 3.

OSA 1383 Gieten huisnr. 13: 56, landbouwer, gehuwd.

HSR 1804 Gieten: 3.

[1] moet zijn Aaltje Hindriks

OSA 1513 1807 Gieten no. 19.

86              Egbert Jans Oortwijn, geboren circa 1729 te Gieten

Gehuwd voor de kerk op 1‑12‑1754 te Gasselte met

87              Roelofje Jans, geboren circa 1730 te Drouwen, overleden op 19‑1‑1787 te Gasselte

88              Jan Harms, geboren circa 1725 te Buinermoeras. Mogelijk Hamering of zoon z.v. Harm Jansen die in 1742 in het haardsteden register van Borger vermeldt wordt als "heeft ook een peert geniet mede van de diaconie van Westerbork", deze identiek met Harm Jansen aangenomen december 1724 m.a.v. Borger, tr 18‑11‑1725 te Westerbork met Geessien Berents pasen 1725 aangenomen m.a.v. Oosterhesselen.

Gehuwd voor de kerk op 19‑7‑1750 te Borger met

89              Grietje Claassen, geboren circa 1725 te Buinermoeras, mog. d.v. Claas Hilbrands & Marrechijn Roelofs

90              Jan Jans Haspers, geboren circa 1735 te Muntendam

Gehuwd voor de kerk op 10‑11‑1760 te Gasselte met

91              Willemtje Geerts, gedoopt op 24‑8‑1738 te Gasselternijveen

92              Jan Jannes, geboren te Eext, gedoopt op 3‑10‑1720 te Anloo

Gehuwd voor de kerk op 3‑6‑1753 te Zuidlaren met

93              Geertje Jans Trip, geboren te Annerveen, gedoopt op 26‑10‑1727 te Anloo

Zij wordt genoemd in 1798 te Eext op huisnummer. 74, arbeidster, 1k, wed.

94              Hindrik Everts, geboren te Gasselterboerveen, gedoopt op 3‑12‑1741 te Gasselte, overleden op 18‑12‑1781 te Gasselternijveen

Gehuwd voor de kerk op 3‑9‑1769 te Gasselternijveen met

95              Geertje Claassen, gedoopt op 2‑8‑1733 te Gasselternijveen, overleden op 5‑6‑1822 te Gasselternijveen

96              Jan Kruimink, geboren circa 1740 te Dalen

Gehuwd voor de kerk op 11‑12‑1763 te Dalen met

97              Grietje Caspers, gedoopt op 18‑4‑1734 te Dalen

98              Jan Caspers, gedoopt op 24‑6‑1731 te Dalen

Ondertrouwd op 31‑1‑1756 te Dalen met

99              Margje Luin, gedoopt op 10‑9‑1730 te Dalen, overleden op 27‑5‑1813 te Dalen

100            Jan Cuper, gedoopt op 17‑8‑1721 te Emmen, begraven op 27‑6‑1787 te Emmen

Gehuwd voor de kerk op 22‑7‑1752 te Emmen met

101            Hindrikje Hindriks, gedoopt op 13‑12‑1733 te Emmen, overleden op 13‑1‑1813 te Emmen

102            Harm Willems Hoving, geboren circa 1725 te Buinen, overleden op 9‑9‑1795 te Borger

SP 319 Deel 4 Folio 265 dd. 3‑5‑1775

Akte van eenkindschap

Ouders:Harm Hoving en Aaltje Jans

Kinderen:Jeichje Hoving; Hindrikje Hoving; Jantje Hoving; Jan Hoving

h.m.:Jan Oosting van Borger

m.m.:Harm Egberts van Borger; Willem Willems Hoving van Buinen; Jacob Reinders van Buinen

Bijzonderheden:

Harm is in ondertrouw met Aaltje Jans Smit van Emmen.

Aan de kant van Harm Hoving treden als getuige op zijn neven Arent Hilbing en Geert Buining. Aan de kant van de bruid treden op haar zwager Adolph Hindriks en neef Geert Jans.

Gehuwd voor de kerk (1) op 23‑5‑1762 te Borger met Aaltje Jans (zie 103).

Gehuwd voor de kerk (2) op 19‑3‑1775 te Borger met Aaltje Jansen Smits, gedoopt op 10‑3‑1737 te Emmen

103            Aaltje Jans, geboren circa 1730 te Borger

104            Berent Ensing, geboren circa 1730 te 't Laar

Ondertrouwd (1) op 1‑4‑1753 te Dalen met Jantje Hidding (zie 105).

Gehuwd voor de kerk (2) op 26‑10‑1755 te Dalen met Hindrikje Jans Zelkers, geboren circa 1735 te Wachtum, overleden op 28‑8‑1815 te Wachtum

105            Jantje Hidding, geboren te Wachtum, gedoopt op 20‑4‑1727 te Dalen

106            Lucas Elting, geboren circa 1717 te Odoorn, overleden op 6‑4‑1805 te Valthe

Gehuwd voor de kerk circa 1752 met

107            Geertje Dilling, geboren circa 1730 te Odoorn, overleden op 16‑8‑1800 te Valthe

108            Hindrik Rutgers, snijder, geboren circa 1716 te Sleen

Ondertrouwd op 17‑12‑1741 te Zweeloo, gehuwd voor de kerk 1741 te Borger/Sleen met

109            Grietje Fransen, geboren circa 1716 te Drouwenerveen

110            Berent Jans Sijbering, geboren op 5‑12‑1739 te Gieten, overleden op 11‑10‑1821 te Eext

OSA 1383 Eext: huisnr. 255, arbeider, geh, 2k.

Gehuwd voor de kerk (1) op 22‑11‑1767 te Anloo met Geesje Jans (zie 111).

Gehuwd voor de kerk (2) op 6‑12‑1778 te Anloo met Grietje Jans, geboren te Eext, gedoopt op 10‑10‑1745 te Anloo (getuige(n):

Geesje Jans van Balloo)

111            Geesje Jans, geboren te Annen, gedoopt op 15‑8‑1741 te Anloo (getuige(n): Aaltje Eggens van Annen)

112            Jannes Hindriks Rossing, geboren circa 1734 te Ees, begraven op 13‑4‑1792 te Odoorn

Gehuwd voor de kerk op 4‑6‑1759 te Borger met

113            Aaltje Harms Ziengs, geboren circa 1734 te Valthe, begraven op 14‑6‑1803 te Odoorn

114            Reinder Egberts, geboren circa 1721 te Drouwen

Etstoel Deel/folio/datum52/227/29‑11‑1757

Onderwerp:goedkeuring eenkindscontract

Inhoud:Gerrit Jansen Hilbinge als hoofdmomber en Engbert Harms, Jacob Dillinge en Hindrik Egberts te Gieten als medemombers over het dochtertje van Fraukein Jansen en Reinder Engberts verzoeken om goedkeuring van een eenkindscontract d.d. 27‑10‑1757 wegens het hertrouwen van de vader met Hendrikje Harms.

SP312 Deel 1 folio 319 lening

Leners:Reinder Egberts te Drouwen en huisvrouw

Uitleners:ette Frerik Hidding en zijn broers Jan en Willem Hidding te Gasselte

Bedrag:200 Plaats:Gasselte Datum:2‑7‑1767.

Gehuwd voor de kerk (1) op 13‑5‑1753 te Borger met Frougien Jans, geboren te Drouwen, gedoopt op 7‑3‑1717 te Gasselte

Gehuwd voor de kerk (2) op 15‑5‑1757 te Borger met Hindrikje Harms (zie 115).

115            Hindrikje Harms, geboren te Donderen, gedoopt op 17‑8‑1732 te Vries

116            = 68 Egge Jans.

117            = 69 Hindrikje Jans.

118            Tonnis Jans Nijman, geboren op 7‑4‑1738 te Den Ham, overleden op 12‑8‑1825 te Odoorn

HSR 1784 Gieten: 1.

HSR 1804 Gieten: 1.

Gehuwd met

119            Annegien Thies, geboren circa 1750 te Odoorn, overleden op 17‑12‑1802 te Odoorn

120            Jan Karst Peuling, gedoopt 1699 te Sleen

Alias Huising.

Gehuwd voor de kerk voor 1736 met

121            Willemtje Huising, geboren circa 1710

Mogelijk overleden 4‑8‑1794 te Erm.

122            Willem Eefting, geboren te Erm, gedoopt op 25‑9‑1731 te Sleen, overleden op 22‑12‑1798 te Erm

Jan Eefting en Willem Eefting te Erm lenen op 13‑7‑1782 287 gulden van hun broers en eigen kinderen. Het betreft een schuld wegens een gift door Jantje Thijn op 17‑3‑1774 aan de kinderen van Willem Eefting, met namen Roelof Eefting; Luichje Eefting; Jan Eefting en Grietje Eefting.[1]

Ondertrouwd op 14‑5‑1757 te Emmen, gehuwd voor de kerk op 15‑5‑1757 te Sleen met

123            Albertje Roelofs Elsing, geboren circa 1730 te Erm, overleden op 4‑1‑1796 te Erm

124            Jan Arents, geboren circa 1740 te Zwiggelte, overleden op 12‑9‑1798 te Zwiggelte

Gehuwd voor de kerk op 26‑5‑1765 te Beilen met

125            Aaltje Alberts, geboren te Zwiggelte, gedoopt op 12‑10‑1732 te Beilen, overleden op 14‑4‑1809 te Zwiggelte

126            Egbert Jans Lenting, geboren te Ees, gedoopt op 14‑8‑1736 te Borger

Gehuwd voor de kerk op 20‑11‑1763 te Borger met

127            Lammigje Jans, geboren circa 1740 te Buinen

Generatie VIII : Oud‑overgrootouders

128            Hindrik Hinriks Dijks, geboren circa 1715

Gehuwd voor de kerk voor 1736 met

129            Jantje Dijks, geboren circa 1715 te Exloo

130            Thijs Menting, geboren circa 1695 te Exloo

Ook Oosting genoemd.

Gehuwd met

131            Hendrica Having, geboren circa 1700

134            Jan Nijenharken, geboren circa 1710

Gehuwd voor de kerk voor 1736 met

135            Trijntje Alting, geboren circa 1710 te Exloo

Gehuwd voor de kerk (1) voor 1736 met Jan Nijenharken (zie 134).

Gehuwd (2) met Jan Oosting, geboren circa 1700 te Exloo

[1] Schultenprotocol 44 deel 2 folio 190 d.d. 13‑7‑1782

Hij wordt genoemd in het haardstedenregister te Exloo met een vol erf in 1754, 1764, 1774. In 1794 met een 3/4 erf. Op deze plek wordt daarvoor Geert Oosting genoemd.


136            Jan Eggens, geboren te Eexterveen, gedoopt op 16‑3‑1701 te Anloo, overleden voor 1779

In 1745 leggen de mombers over de kinderen van Jan Eggens en wijlen Aaltje Schuiling de eed af. De kinderen zijn Grietje Jans, Jantje Jans en Roelofje Jans. Als mombers van moederszijde worden Hindrik Schuiling van Annen en Roelof Schuiling van Annen benoemd, van vaderszijde Berent Jans van Eexterveen en Willem Eggens, broer van Jan Eggens, van Eexterveen. In de akte wordt verder Grietje Rijnberg als grootmoeder van de kinderen vermeld.[1]

Op 27‑7‑1779 leent Margje Jans Schuiling, weduwe van Jan Eggens, en haar zoon Jan Jans van Eexterveen 250 gulden van Cornelius Meinderts van Eexterveen.[2]

Gehuwd voor de kerk (1) op 25‑10‑1722 te Anloo met Aaltje Jans Schuiling, geboren te Annen, gedoopt op 29‑9‑1702 te Anloo

Gehuwd voor de kerk (2) op 14‑11‑1745 te Anloo met Margje Jans Schuiling (zie 137).

137            Margje Jans Schuiling, geboren circa 1720 te Annen


138            Jan Geerts, geboren te Gieterveen, Hilte, gedoopt op 19‑7‑1719 te Gasselte

HSR 1754 Gieterveen: 1.

Gehuwd voor de kerk op 1‑2‑1739 te Anloo met

139            Jantje Hindriks, geboren circa 1718 te Eexterveen


140            Jan Hamming Rosing, geboren circa 1716 te Exloo, overleden op 19‑11‑1790 te Exloo

Op 23‑2‑1737 lenen Hindrik Peuling en zijn huisvrouw 445 gulden van Hammink Rosing en zijn vrouw Hebeltje Seringe van Exloo.[3]

Hij staat in 1742 in de haarstedenregisters van Exloo vermeld als Hammink Zeringen, en in 1754/1764 als Jan Hammink Rosinge, in 1774/1784 als Hammink Rosing, altijd als volle boer. In 1804 wordt zijn weduwe vermeld.

Hebeltien Seringe maakt op 8 januari 1766 haar testament op. Voor de schulte Jan Rudolf Bottichius, noemt zij als haar erfgenamen haar drie kinderen, Jan Rosing, Willemtien Rosing wed. van de executeur D.W. Pleijster en Swaantien Rosing. Als Willemtien Rosing komt te overlijden zal haar zoon Johan Coenraad Pleijster erven, samen met eventuele kinderen uit een tweede huwelijk.[4]

Gehuwd voor de kerk circa 1733 te Odoorn met

141            Hebeltien Seringe, geboren circa 1710 te Exloo, overleden op 13‑12‑1772 te Exloo


142            Hindrik Manting, geboren circa 1700, overleden na 1760

Gehuwd voor de kerk circa 1730 met

143            Annechien Manting, geboren circa 1695 te Odoorn


146            Egbert Cremers, geboren circa 1680 te Borger


148            Jan Nijsing, gedoopt op 21‑7‑1697 te Groningen

SP 312.Deel 1 folio 236

Soort akte: verklaring

Jan Nijsing nom. ux. Willemina Hepping en Hindrik Joling te Weerdinge en de momberen van de diens voorkinderen sluiten een accoord over de erfenis van Aaltje, Lammigje en Jantje Honning. Jan Nijsing betaald aan Hindrik Joling en zijn 3 voorkinderen 387 gulden10 te beginnen op 5‑1730.

Plaats: Emmen

Datum: 20‑1‑1730

Bijzonderheden: Ondertekening door Jan Honning; Hindrik Joling; Eise Marissen; Roelof Gerrits.

Gehuwd voor de kerk (1) circa 1720 met Elisabeth Steenbergen (zie 149).

Gehuwd voor de kerk (2) op 20‑10‑1726 te Emmen met Juffer Willemina Hepping, geboren circa 1696 te Wachtum

149            Elisabeth Steenbergen


150            Borch Prijs

Gehuwd met

151            Aaltje Everts


160            Hindrik Lanting, geboren circa 1670 te Gieten, overleden 1704/1713 te Gieterveen

SP 266 Deel 2 Folio 29 Datum 23‑11‑1725

Momberrekening

Ouders:wijlen Hindrik Lanting en Grietje Harmens

Kinderen:Jan Lanting; Trijntje Lanting


[1] Schultenprotocol 266 deel 5 folio 81 d.d. 1745



[2] Schultenprotocol 264 deel 6 folio 140 d.d. 27‑7‑1779



[3] Schultenprotocol 44 deel 1 folio 85 d.d. 23‑2‑1737



[4] Schultenprocotol 72 deel 2 folio 239 d.d. 8‑1‑1766



h.m.:Roelof Sloots

m.m.:Claas Lanting en Harmen Lanting van Eexterveen; Jan Lanting van Gieten

Bijzonderheden

Er is meerderjarige zoon Willem Lanting.

Gehuwd voor de kerk op 2‑11‑1690 te Gieten met

161            Grietje Harms, geboren ca 1665 te Gieten, overleden na 1725

Door sommigen wordt zijn Sloots genoemd. (o.a. C. de Graaf).

162            Geert Jans, geboren circa 1690, overleden voor 1730

SP 266 Deel 2 Folio 194 Datum 21‑1‑1730 Mombereed

Ouders:wijlen Geert Jansen en Hindrikje Harmens van Gieterveen

Kinderen:Hindrik Geerts; Jan Harmen Geerts[1]; Jantje Geerts; Lammegje Geerts

h.m.:Hindrik Jansen (v.z.)

m.m.:Geert Harmens (v.z.); Jan Velthuis (m.z.); Harmen Harmens (m.z.)

Bijzonderheden

Hindrikje hertrouwd met Berend Poelmans van Eexterveen.

Gehuwd voor de kerk circa 1715 met

163            Hindrikje Harms, geboren circa 1700 te Eexterveen, overleden na 1778

Gehuwd voor de kerk (1) circa 1715 met Geert Jans (zie 162).

Gehuwd voor de kerk (2) op 22‑1‑1730 te Anloo met Berent Geerts Poelmans, geboren te Eexterveen, gedoopt op 2‑6‑1689 te Anloo, overleden voor 1764

SP 264 dl 3 blz. 425: dd. 28 juni 1737

Berent Geerts Poelman en Hinderkien Harms lenen van Hinderkiens vader Harmen Hindriks te Eexterveen een bedrag van 1150 gulden.

HSR 1742 Gieterveen: 2.

OSA 1110 1749 Gieterveen:

HSR 1754 Gieterveen: 2.

HSR 1764 Gieterveen: 2, wed. Berent Poelmans.

SP 264 Deel 6 fol. 507: Hindrikje Harms, wed. van Berent Poelmans en zonen Geert Poelmans en Harm Poelmans van Gieterveen lenen van Hindrik Hogenesch van Gieten 200 gulden op 24‑6‑1778.

HSR 1774 Gieterveen: 2, wed. Berent Poelman.

HSR 1784 Gieterveen: 2, wed. Berent Poelman.

SP 264 deel 7 folio 68 lening van 200 gulden door Hindrikje Harms, wed. van Berent Poelmans van Gieterveen en zoon Harm Poelmans van Roelof Wiering x Jantje Hogenesch van dd. 1‑11‑1791.

164            Otto Derks, gedoopt op 19‑4‑1699 te Gasselternijveen, overleden voor 1744 te Gasselternijveen

Gehuwd voor de kerk circa 1721 te Gasselternijveen met

165            Aaltje Lamberts, geboren voor 1700, overleden op 18‑2‑1774 te Gasselternijveen

Gehuwd voor de kerk (1) circa 1721 te Gasselternijveen met Otto Derks (zie 164).

Gehuwd voor de kerk (2) op 3‑3‑1747 te Gasselternijveen met Evert Berents Koning, geboren voor 1703

SP 264 deel 3 folio 322

Soort akte:lening

Leners:Evert Berents x Roelfien Alberts te Gieterveen

Uitleners:ette Pieter Huising te Bonnen

Bedrag:83‑18‑0

Keurnoten:ette Lambert Huising en Cornelis Sloots

Plaats:Gieten

Datum:21‑4‑1732

Bijzonderheden:huishuur.

166            Hindrik N.N.

Gehuwd met

167            Oegje Jans, geboren circa 1695

168            Geert Harms, landbouwer, geboren circa 1695 te Gieterveen, overleden na 1742 te Gieterveen

In 1716 ondertekende hij een verklaring, dat hij getuige was geweest bij een gesprek tussen Claas Ottens en de Ette Hendrick Huising over de verkoop van enkele Akkers.[2] In 1722 verkocht Geert een paard, welk geld door zijn oom Jacob Pepping 'vanwege mijn neef' in ontvangst werd genomen. Zijn woonplaats werd toen omschreven als: bij de Hopmanswijk. Acht jaar later ondertekende hij als buur van Gieterveen een wilkeur betreffende het begraven en het onderhoud van de dijken. Hij was in 1739 momber over de kinderen van Roelof Jacobs Pepping en Trijntje Harms. Zijn laatste vermelding dateert

[10] het is niet duidelijk of Jan Harmen een dubbele naam is of het hier twee kinderen betreft, Jan en Harmen. Er staat in de tekst geen komma tussen Jan en Harmen

[11] Mensinge inv. no 1510

van 1742, als hij nog vermeldt wordt in het haardstedenregister.

Gehuwd voor de kerk 1720/1725 met

169            Grietje Hindriks, geboren 1700/1710, overleden na 1740

170            Hindrik Jans, geboren circa 1700 te Gieten, overleden 1785 te Gieten

HSR 1742: 4.

HSR 1774 Gieten: Jan Alberts Jan en broers.

Niet zeker dat hij een zoon is van Jan Alberts. Klopt echter wel met naamgeving en familienaam.

erft 1750 van zijn zuster Wemeltien Jans, evenals zijn broers Willem Jans, Geert Jans en Jan Jans (OSA 1785). Erft geld van de erfenis van zijn broer Geert Jans twv 2200, (OSA 1785, fol. 6982): 1782.

Deel/folio/datum64/99/13 6 1786

Eiser:Jan Willems namens zijn vrouw Luigien Hendriks te Gasselternijveen, Arent Hendriks voor zich en als vader van zijn minderjarige kinderen bij Geesje Hendriks verwekt, Harm Elinge namens zijn vrouw Aaltje Hendriks te Gieten kinderen en te samen voor drie zevende deel gerechtigd tot de erfenis van wijlen Roelofje Harms

Verweerder:Albert Hendriks, Hendrik Hendriks en Harm Meijers Hendriks te Gieten ook voor drie zevende gerechtigd

Onderwerp:erfenis

Inhoud:eiser wil zijn deel van de erfenis. Volgens de eiser hebben Hendrik Janssen en zijn vrouw Roelofje Harms 8 kinderen nagelaten, 5 zonen en 3 dochters. De eisers zijn met de dochters gehuwd. De zoon Jan Hendriks is in 1781 kinderloos overleden. De moeder is in 1776 overleden, de vader in 1785. Volgens de verweerders hebben hun twee ooms Jan Jansen en Geert Jansen met hun ouders een mandelige huishouding gehad, en zijn de dochters afgekocht.

Gehuwd voor de kerk op 9‑9‑1731 te Anloo met

171            Roelofje Harms, geboren circa 1710 te Eexterveen, overleden 1776 te Gieten, begraven op 16‑2‑1776 te Gieten

Er is veel onduidelijkheid omtrent haar. In 1731 werd te Anloo het huwelijk tussen Hendrik Jansen van Gieten en Roelofje Harms van Eexterveen ingeschreven, maar later echter weer doorgestreept. Desondanks komen we in de jaren veertig een doop te Gieten tegen van een Harm Meyers, zoon van Hendrik Jans en Roelofje Harms. Het ligt derhalve voor de hand hierin het bovengenoemde echtpaar te zien, temeer daar er geen andere echtparen met deze naamscombinatie te vinden zijn. De zoon zou dan genoemd kunnen zijn naar de grootvader, waarmee de familienaam van Roelofje dus eveneens Meyers zou zijn. De familienaam Meyers komt niet voor te Eexterveen, wel te Anderen. Harmen (!) Meyers van Gieten (zoon van Barelt Meyers) was namelijk gehuwd met Aaltje Coops van Anderen. Mogelijk was Roelofje dienstmeid te Eexterveen, reden waarom ze 'van Eexterveen' genoemd wordt. Ook de naam van een ander kind van dit echtpaar, Luichien Meyers, komt in deze familie voor. Verder is bekend, dat een Aaltien Hendriks Meyers van Gieten gehuwd was met Jacob Geerts (nakomelingen noemen zich Westerhuis), die een broer Albert Hendriks Meyers en een broer Hendrik Hendriks had. De doop van Albert is niet te vinden, maar dat kan het gevolg zijn van het ontbreken van het doopboek van Gieten over de periode 1731 1733. De doop van Hendrik vond plaats in 1736.

172            Jan Egberts Oortwijn, timmerman, geboren circa 1697

SP 266 Deel 3 Folio 308 Datum 14‑5‑1738 Mombereed en inventaris

Ouders:Jan Egberts Oortwijn en wijlen Diegje Hindriks

Kinderen:Egbert Oortwijn; Berent Oortwijn; Frerik Oortwijn

h.m.:Harmen Roelofs (m.z.)

m.m.:Roelof Strijks (m.z.); Roelof Egberts (v.z.); Lucas Eling (v.z.)

Bijzonderheden: Jan hertrouwd met zijn dienstmaagd Naneke Harmens.

Akte waarschijnlijk niet kompleet.

HSR 1742 Gieten: 2, en als timmerman.

OSA 110 1749 Gieten: Jan Oortwijn Egberts

HSR 1754 Gieten: 2, keuter en timmerman.

SP 264 deel 4 folio 286: Mr. Jan Egberts Oortwijn x Nanike Harms lenen 52 gulden van predikant Hinderijkus van Bijlen, dd. 21‑4‑1744.

SP 264 deel 4 folio 494: Jan Oortwijn Egberts en Hinderikus Beuker en vrouwen van Gieten lenen 200 gulden van ette Frerik Hidding en broers, wegens aankoop van huis van Boele Meursing en Boele Julsing en consorten, dd. 6‑3‑1755.

HSR 1764 Gieten: 2, keuter en timmerman.

SP 264 dl. 5 folio 382: Jan Oortwijn Egberts van Gieten leent 140 gulden van Hindrik Hogenesch van dd. 22‑5‑1770.

Gehuwd voor de kerk (1) circa 1727 met Diechje Hindriks (zie 173).

Gehuwd voor de kerk (2) circa 1738 met Naanke Harms, geboren circa 1713

173            Diechje Hindriks, geboren circa 1700, overleden op 2‑3‑1736 te Gieten


174            Jan Roelofs Nijenbronniger?

SP 319 Fol. 62, 02‑02‑1736

Gebeurtenis:Momberrekening

Ouders:Jan Roelfs x Lubbechien Warrinck

Plaats:

Hoofdmomber:Egbert Warrinck

Medemombers:Hindrik Harmens, Jan Harmens en Lourens Pieters

Namen kinderen:[1]

NB: Arent Hendriks heeft goederen met de kinderen mandelig.

SP 319 Deel 3 Folio 99

Datum:21‑4‑1751

Momberrekening III

Ouders:wijlen Jan Roelofs en Lubbegje Warrincks

Kinderen:Warrinck Jans; Roelofje Jans

h.m.:Egbert Warrincks

m.m.:Lourents Pieters; Jan Harms.

Bijzonderheden:

Derk Jans is getr. met de pupil Jantje Jans.

De pupillen hebben nog een deel van de erfenis van hun moeder tegoed, te delen met de h.m. en zijn zuster.

Gehuwd met

175            Lubbechien Warcks, gedoopt op 7‑1‑1694 te Gasselte

182            Geert Hindriks, geboren voor 1703

Gehuwd voor de kerk voor 1724 met

183            Grietje Harms, geboren voor 1704

184            Jannes Derks, geboren circa 1690 te Eext? Overleden op 8‑8‑1734 te Eext

SP 266 Deel 3 Folio 379 dd.14‑10‑1739 Mombereed en inventaris

Ouders:wijlen Jannes Derks en Grietje Hamming

Kinderen:Jan Jannes; Jantje Jannes; Aaltje Jannes

h.m.:Hindrik Hamming (m.z.) (de hoofdmomber kwam van moederszijde omdat de mombers van vaderszijde niet konden schrijven.

m.m.:Jan Geerts van Wildervank (v.z.); Jan Lamberts van Zuidlaren (v.z.); Jacob Hamming

Bijzonderheden: Er is hooiland mandelig met Jacob Hamming

Grietje hertrouwt met Pieter Jansen

Op 16‑11‑1742 zijn de mombers over Jan, Jantien en Aaltien Jannis, kinderen van wijlen Jannis Dercks en Grietje Hamming: Hindrik Hamming te Eext, Jacob Hamming, Jan Lamberts en Jan Geerts te Wildervank.

Gehuwd voor de kerk op 12‑11‑1719 te Anloo met

185            Grietje Jans Hamming, geboren te Eext, gedoopt op 22‑7‑1688 te Anloo

Gehuwd voor de kerk (1) op 12‑11‑1719 te Anloo met Jannes Derks (zie 184).

Gehuwd voor de kerk (2) op 22‑11‑1739 te Anloo met Pieter Jans, geboren circa 1710 te Wirdum, overleden op 15‑12‑1742 te Assen

Wegens bigamie door onthoofding om het leven gebracht.

186            Jan Berents Trip, geboren te Eexterveen, gedoopt op 6‑9‑1683 te Anloo

Gehuwd met

187            Sijgertje Hindriks, gedoopt op 31‑7‑1687 te Anloo

188            Evert Tiaarts, geboren circa 1714 te Gasselternijveen

Gehuwd voor de kerk op 22‑11‑1739 te Gasselte met

189            Lummichje Hindriks, gedoopt op 22‑7‑1703 te Gasselternijveen

190            Claas Geerts

Gehuwd met

191            Geesje Alberts

194            Jan Harms Caspers

196            = 194 Jan Harms Caspers.

198            Willem Luin, geboren circa 1700 te Dalen

[12] Warning, Jantien, Tole, Lamme

200            Harm Claassen Cuper, gedoopt op 13‑5‑1677 te Emmen, begraven op 10‑2‑1739 te Emmen

Gehuwd met

201            Swaantje Hillebrants, gedoopt op 9‑7‑1682 te Emmen


202            Hindrik Harms Meijering, timmerman, geboren circa 1705 te Westenesch, begraven op 20‑6‑1747 te Emmen

Ook Wekinge genoemd.

SP 74/II/50 20‑06‑1748. Beëdigd Jan Brinks hm, mm Jan Meinders, Evert Harms en Jan Everts. Over Harm, Aaltje, Hindrikje, Willemtje, Aaltje en Grietje kv Hindrik Wekinge van Westenes en Jantje Brinks. Jantje hertrouwt met de E. Albert Reurkes van zb. De vader van de bruidegom tekent Albert Ruirkus of Rurekes.

SP 74 deel 2 folio 51 08‑04‑1757. Jan Brinks van Westenes hm, mm Evert Harms en Jan Everts. Jan Meinders afwezig wegens impotentie. Over de kv Hindrik Wekinge en Jantje Brinks. Aanwezig de nu meerderjarige pupil Harm, alsmede Harm Harms getrouwd met Aaltje en Jan Kuiper getrouwd met Hindrikje.

SP 72 deel 2 folio 140vo Evert Harms, Jan Meinders en Jan Everts medemombaren over de kv wijlen Hindrik Wekinge en Jantje Harms, nu hertrouwd met Albert Reurkes kosters man te Emmen ter ener zijde en Jan Meiering, volle broeder van wijlen Hindrik Wekinge, spreken af over de ouderlijke boedel. Jan Meiering is ƒ 150 verschuldigd tot afkoop, te betalen 1/5/1754. Daarmee zijn de kinderen van hun vaders vaste en tilbare boedel uitgekocht. Emmen, 11/1/1754. De schult verklaart dat Jan Brinks zijn merk heeft gezet; dat is vermoedelijk Jan Meiering, want de anderen tekenen zelf.

Gehuwd voor de kerk op 27‑2‑1729 te Emmen met

203            Jantje Harms Wekinge, geboren te Noordbarge, gedoopt op 10‑4‑1705 te Emmen

Gehuwd voor de kerk (1) op 27‑2‑1729 te Emmen met Hindrik Harms Meijering (zie 202).

Gehuwd voor de kerk (2) op 14‑7‑1748 te Emmen met Albert Reurkes, geboren te Zuidbarge, gedoopt op 4‑10‑1719 te Emmen, begraven op 5‑11‑1784 te Emmen


204            Willem Hoving, geboren circa 1695 te Buinen?

Op 26‑2‑1738 worden er mombers benoemd over de kinderen van Willem Hoving en wijlen Jeigje Tebinge. De hoofdmomber is Hendrik Tebinge, de medemombers zijn Willem Seegers, Jan Hoving en Klaas Hoving. De kinderen zijn: Harm Hoving, Roelof Hoving en Wubbechien Hoving. Er is een nalatenschap van Frerick Tebing, de oom van de pupillen.[1] Op 16‑5‑1744 wordt er een momberrekening opgemaakt. Roelof Hoving, door zijn huwelijk met Trijntien Toonis is mondig, Jacob Reynders Cuipers is in 1741 gehuwd met Wubbechien Hovinge. Harm Hoving is nog minderjarig.[2]

Gehuwd met

205            Jeigje Tebinge, gedoopt op 23‑6‑1689 te Gasselte

Zij is de moeder van Harm Willems Hoving, aangezien Arend Hilbing en Jan Buining neven genoemd worden van Harm Willems Hoving.

Ze vertrekt 1715 met attestatie van Gasselte. Er wordt niet vermeld waar naar toe.


210            Albert Carst Hidding, geboren circa 1695 te Dalen

Gehuwd voor de kerk circa 1725 te Dalen met

211            Grietje Egberts, geboren circa 1700 te Dalen


212            Hindrik Elting, geboren voor 1696, overleden op 21‑8‑1764 te Odoorn

Gehuwd voor de kerk voor 1717 met

213            Wemeltje Oosting, overleden op 15‑11‑1748 te Odoorn


214            Heino Dilling, geboren circa 1700 te Odoorn

Heino Dilling te Odoorn zijn vrouw Jantje lenen 100 gulden van Jan Zegering tot Exloo in 1735[3]

Heino Dilling van Odoorn met vrouw en kinderen leent in 1745 2000 gulden van de diaconie van Coevorden. Onderpand zijn circa 24 mud bouw‑ en zaailand op de Odoorner es, en zijn huis en hof te Odoorn, door hem bewoond.[4]

Op dezelfde datum leent hij ook 1700 gulden van mevr. A. Cock weduwe van schulte Stuirman, met hetzelfde onderpand.[5]

Hij wordt genoemd als volle boer te Odoorn in 1742 en 1754.

Gehuwd met

215            Jantje Huising, geboren circa 1700 te Odoorn

216            Rutger Everts Twijst

[13] Schultenprotocol 319 deel 1 folio 93 d.d. 26‑2‑1738

[14] Schultenprotocol 319 deel 1 folio 401 d.d.16‑5‑1744

[15] Schultenprotocol 72 deel 2 folio 75v d.d.12‑12‑1735

[16] Schultenprocotol 72 deel 2 folio 102 d.d. 2‑4‑1745

[17] Schultenprotocol 72 deel 2 folio 102v d.d. 2‑4‑1745

Gehuwd met

217            Geesje Hindriks


218            Frans N.N.


220            Jan Sijbering, geboren circa 1710 te Gieten, overleden op 1‑12‑1774 te Gieten

HSR 1742 Gieten: 1.

OSA 1110 1749 Bonnen.

HSR 1754 Gieten: 1.

HSR 1764 Gieten: 1.

HSR 1774 Gieten: 1.

Gehuwd voor de kerk circa 1732 met

221            Trijntje Jans, geboren circa 1710


222            Jan Jans, geboren circa 1705 te Annen

SP 264 dl. 5 folio 25: Jan Jans x Aaltje Rijnberg van Annen lenen 400 gulden van Hindrik Bulthuis, koopman te Groningen dd. 18‑11‑1758.

Gehuwd voor de kerk op 21‑11‑1734 te Anloo met

223            Aaltje Jans Rijnberg, geboren te Annen, gedoopt op 26‑4‑1716 te Anloo


224            Hindrik Arents Rossing, timmerman, geboren voor 1703, overleden 1769 te Westdorp

SP312 Deel 1 folio 109 lening

Leners:Hindrik Arents van Ees en huisvrouw

Uitleners:Harm Rosing van Exloo Bedrag:475 Plaats:Gasselte Datum:15‑11‑1736

SP312 Deel 1 folio 167 lening

Leners:Hindrik Arents timmerman te Ees en huisvrouw

Uitleners:Harm Rosing en huisvrouw

Bedrag:985, waarvan 510 wegens aankoop van vast goed van Roelof Jans Rabbering

Plaats:Ees Datum:24‑4‑1741

SP312 Deel 1 folio 280 lening

Leners:Hindrik Arents van Ees

Uitleners:hoofdmomber over de beide kinderen van wijlen Willem Schuiling en Geesje Boeling te Ees, nl. Jan Schuiling van Annen

Bedrag:1100 Plaats:Borger Datum:10‑5‑1759.

Gehuwd voor de kerk voor 1724 met

225            Feigje Jans, geboren voor 1703, overleden circa 1762 te Ees


226            Harm Geerts

Aaltje Harms wed. Jannes Rossing te Exloo en kinderen, Harm Geerts, Harmannus Geerts en Egbert Geerts te Valthe, Geert Jansen getrouwd met Geertje Geerts te Exlo, Jan Geerts en Albert Geerts te Valthe, Jacob Dries en cons. diakenen te Odoorn wegens hun alumnus Lourens Harms te Valthe in de erfenis zullende ..geven aan dat hun oom Jacob Harms op 9/5/1798 te Valthe is overleden.[1]


228            Egbert Harms, geboren voor 1700, overleden na    1757

SP 319 Fol. 177, 28‑04‑1739

Gebeurtenis:Staat en inventaris

Ouders:Engbert Harms x wijlen Annegien Hindriks

Hoofdmomber:Geert Pranningh, schoolmeester te Vries

Medemombers:Wolter Berents van Drouwenerboerveen, Hindrik Lucas van Drouwen en Hendrik Hilbrants van Drouwen

Namen kinderen:Hindrik Engberts, Harm Engberts en Reynder Engberts.

Gehuwd voor de kerk (1) voor 1720 met Annigje Hindriks Pranning (zie 229).

Gehuwd voor de kerk (2) op 17‑5‑1739 te Borger met Elsje Jans, geboren circa 1714 te Drouwen

229            Annigje Hindriks Pranning, geboren voor 1700, overleden voor 1739 te Drouwen


230            Harm Arents, geboren circa 1700

SP242 deel 1 folio 160vo testament

Testator:Grietje Hindriks, wed. van Harm Arents van Donderen. Betreft haar aandeel (1/3 deel) van het erf van haar ouders en de overige 2/3 zijn geerfd van wijlen haar 2 zusters. Dit komt voor 3/4 deel aan haar kinderen en kindskinderen toe. Het overige vierde deel krijgt Jan Geerts te Donderen en huisvrouw en kinderen en de nagelaten kinderen van Hindrik Harms x Aaltje Klaassen namelijk _.. . Grietje bepaald dat de schoonzoon en dochter haar de rest van haar leven moeten onderhouden.

Keurnoten:Floris Baving; Roelof Jans


[18] SP 68



Plaats:Donderen Datum:21‑9‑1775.

Gehuwd met

231            Grietje Hindriks, geboren circa 1700

232            = 136 Jan Eggens.

233            = 137 Margje Jans Schuiling.

234            = 138 Jan Geerts.

235            = 139 Jantje Hindriks.

236            Jan Tonnis Nijman

Gehuwd met

237            Grietje Nijman

238            Thijs Jacobs Dries, geboren circa 1720 te Odoorn

SP 74 deel 1 folio 216vo dd. 18‑10‑1748. Beëdigd Klaas Veldkamp van Dalen hm, mm Egbert Gerding van Dalen, Lambert Quants van Odoorn en Jacob Harms van Buinen. Over Jacob, Geesje en Klaas, kv Thijs Jacobs Drees van Odoorn en wijlen Jantje Veldkamp van Dalen. Thijs hertrouwt met Anna Reurkes van nb.

Op 4‑2‑1768 Egbert Gerding ipv. de overleden Claas Veltkamp en Hilbrant Quants ipv. Egbert Gerding. De zoon Jacob is nu meerderjarig.

Gehuwd voor de kerk (1) voor 1745 met Jantje Veldkamp, geboren circa 1720 te Dalen?

Ondertrouwd (2) op 14‑11‑1748 te Emmen. Ook ondertrouw op 10‑11‑1748 te Dalen met Annigje Reurkes (zie 239).

239            Annigje Reurkes, geboren te Zuidbarge, gedoopt op 17‑2‑1717 te Emmen

240            Karst Peuling, geboren circa 1650

Karst Peuling wordt in de haardstedenregisters van 1691 en 1692 genoemd te Noord‑Sleen met 3 paarden.

Karst Peuling te Noord‑Sleen is op 16‑11‑1686 eiser tegen Roeloff Peuling te Noord‑Sleen. Het betreft de opbrengst van de moederlijke goederen. Volgens de eiser eigent de verweerder zich een vol jaar opbrengsten van hun moeders goederen toe, terwijl deze halverwege het jaar overleden is. Er wordt een commissie benoemd om te bemiddelen.[1]

Op de bewonerslijst van Sleen van circa 1710 worden genoemd op Peulinge erf:

Carst Peuling, vader

Jantien Peuling, dochter

Roelof Carst Peuling

Swaantien Peuling

Luichien Peuling

Geertien Peuling

Hindrikien Peuling

Jan Peuling, zoon.

Gehuwd met

241            Geesje Gommers, geboren circa 1660, overleden op 22‑12‑1754 te Noord‑Sleen

Overleden als "oude weduwe vrouw op Peuling".

244            Hindrik Wessels, geboren circa 1690 te Sleen, overleden op 25‑9‑1763 te Erm

Beerent Uijnge, Jan Wichmans, Claes van Selbach en Albert Schoemacker mombers van de kinderen van wijlen Jan Huijsinge verzoeken op 25‑11‑1657 om goedkeuring van een eenkindscontract d.d. 11‑8‑1654 tussen Geesjen Wichmans, weduwe van Jan Huijsinge en Jan Wessels te Erm.[2] Dit is mogelijk familie van Hindrik Wessels.

Jan Wessels te Erm voor zich en als volmacht van Hindrick Dalff en de nagelaten kinderen van Roelof Wittinge, Albertien Wittinge en Meerten Wittinge, samen erfgenamen van hun tante Beertien Hindricks Wittinge zijn op 6‑6‑1682 eisers tegen kwartiermeester Johan Nessinck. De eisers willen hun deel van de erfenis van Beertien Hindricks Wittinge en haar overleden man Hermanno Mauritio. De eisers hebben beslag laten leggen op het tractement van Johan Nessinck.[3]

Thij Papinge en Jan Papinge te Erm, erfgenamen van Jan Papinge zijn op 7‑11‑1682 eisers tegen burgemeester Hermannus Mauritius. Zij willen teruggave van erfgoederen. De verweerder is gehuwd met Beertien Hindricks Wittinge, weduwe van Jan Papinge.[4]

De mombers van de kinderen van kinderen Jan Eeftinge bij Luigien Stratinge verzoeken op 13‑3‑1722

[19] Etstoel 14 deel 27 folio 344 d.d. 16‑11‑1686

[2] Etstoel 14 deel 16 folio 454 d.d. 25‑11‑1657

[3] Etstoel 14 deel 25 folio 228 d.d. 6‑6‑1682

[4] Etstoel 14 deel 25 folio 365 d.d. 7‑11‑1682


245            Luichje Strating, geboren te Noordbarge, gedoopt op 25‑1‑1691 te Emmen, overleden op 12‑8‑1767 te Erm

Gehuwd voor de kerk (1) op 15‑9‑1711 te Emmen met Jan Eefting, geboren circa 1680 te Erm, overleden circa 1718 te Erm?

De bewoningslijst van Erm van rond 1710 geeft op Eeftinge te Erm

Gese Eeftinge, moeder

Thies Eeftinge, mansbroeder

Hindrik Eeftinge, man (later bijgeschreven)

Jan Eeftinge, zoon

Willem Jans Eeftinge, zoon

Luichien Stratinge, schoondochter (later bijgeschreven)

Geert Eeftinge, zoon.

Gehuwd (2) op 13‑3‑1722 te (h.c.) met Hindrik Wessels (zie 244).

246            Roelof Elsing, geboren circa 1695

Inwonersregister Sleen v.a. 1709:

Jan Wolters vader

Jantijn Eppinge moeder

Wolter Jans zoon

Albertijn Lamberts schoondochter

Lammechien Hindriks doorgehaald

Roelof Elsinge schoonzoon

Jantijn Wolters dochter Gehuwd met

247            Jantje Wolters, geboren circa 1695

248            Arent Jans, geboren circa 1710 te Zwiggelte

Gehuwd voor de kerk op 4‑3‑1734 te Beilen met

249            Aaltje Jacobs, geboren circa 1710 te Holte

250            Albert Jans Seubering, geboren circa 1690 te Zwiggelte, overleden op 23‑9‑1766 te Beilen

Gehuwd voor de kerk op 24‑2‑1718 te Beilen met

251            Annigje Hindriks Heling, geboren te Ees, overleden op 3‑8‑1768 te Beilen

252            Jan Egberts Lenting, geboren circa 1700, overleden op 11‑10‑1768 te Borger

Hij wordt genoemd in het haardstedenregister te Borger in 1742 en 1754 als Jan Egberts met drie paarden. In 1764 wordt hij genoemd met vier paarden.

Gehuwd voor de kerk circa 1730 met

253            Jantje Dilling, geboren circa 1710, overleden op 13‑4‑1767 te Borger

Generatie IX : Oud‑betovergrootouders

258            Jan Dijks, geboren circa 1675

260            Jan Hindriks Menting, keuter, timmerman, geboren circa 1660

270            Hindrik Alting, geboren circa 1680 te Exloo

In 1749 worden bij de liberale gift vermeld Jan Alting en Hindrik Alting en zijn vrouw Jantje.

Hindrik Alting wordt te Exloo genoemd als keuter in 1742, 1752 en 1764. in 1774 wordt hier Jan Alting genoemd. Hindrik Altinge wordt ook genoemd in het register nieuwe huizen van 1750.

Op 27‑11‑1736 zijn Arent Altinge, Jantien Altinge, Jan Oostingh namens zijn vrouw Trijntien Altinge, Hendrik Geerts namens zijn vrouw Hendrikkien Altinge te Exloo als dochters kinderen en ook namens hun minderjarige broers en zusters Wolter Altinge, Jan Altinge en Gretien Altinge als ieder voor een zevende deel erfgenaam van de helft van de erfenis van hun bestemoeder Jantien Jacobs Dillinge (=Huisinge) eiser tegen Hindrik Dillinge te Drouwen gehuwd met Harmtien Arents, een dochter en dus voor de helft mede erfgenaam van Jantien Jacobs Dillinge. Hindrik Dilling en zijn vrouw zijn bezitters van de ongescheiden boedel. De eisers willen hun deel van de erfenis. Volgens de verweerders is echter alles al betaald. De eisers worden in het ongelijk gesteld.[1]


[1] Etstoel 14 deel 45 folio 60v d.d. 27‑11‑1736

Gehuwd met

271            Jantje Arents Dilling, geboren circa 1680

272            Egge Jans, geboren circa 1675, overleden voor 1719

Hij is momber over de kinderen van Jacob Jans en Geertruit Luichjens. Mogelijk een broer van Jacob Jans, of zijn vrouw is een zuster. Overleden voor 3‑2‑1719.

Gehuwd met

273            Margje Jans, geboren circa 1675

274            Jan Egberts Schuiling, geboren te Anloo, gedoopt op 5‑5‑1687 te Anloo, overleden voor 1756

Jan Jans Schuiling, Rabbe Aalderts van Annen als hoofmomber over Jan Egberts, minderjarige zoon van wijlen Jan Egberts Schuiling en Jantje Aalderts, Egbert Jans Schuiling te Anloo, en Willem Jans Schuiling van Exloo, zijn in 1756 samen voor 12/16 deel eigenaren van een huis en hof en bijbehorende waardeel te Annen. Dit huis wordt nu door Jan Jans Schuiling bewoond. Zij klagen over een mestvaalt door Luichje Jacobs, wed. van wijlen Roelof Harms en haar zoon Jan Roelofs te Annen aangelegd, en willen dat deze verwijderd wordt[1]

De aangeklaagden stellen dat de mestvaalt er altijd al gelegen had, en dat Egbert Schuiling, die enige tijd eigenaar was geweest van beide huizen, die daar mogelijk al had neergelegd. De klagers worden door de etstoel in het gelijk gesteld.

Gehuwd met

275            Jantje Aalderts Tamelte, geboren te Annen, gedoopt op 18‑1‑1691 te Anloo

276            = 162 Geert Jans.

277            = 163 Hindrikje Harms.

278            Hindrik Pieters, geboren te Eexterveen, gedoopt op 2‑9‑1694 te Gieten

SP 266 Deel 3 Folio 29 (zie 3/19) dd. 20‑2‑1733 Mombereed en inventaris

Ouders:wijlen Hindrik Pieters en Pietertje Tomas

Kinderen:Pieter Hindriks; Tomas Hindriks; Jantje Hindriks; Geertruit Hindriks

h.m.:Willem Jansen van Eexterveen (v.z.)

m.m.:Thijs Salomons (v.z.); Jan Tomas (m.z.); Egbert Luigiens (m.z.)

Bijzonderheden

Pietertje Tomas hetrouwd met Jan Sloots.

Schulden aan Thijs Salomons wegens afkooppenningen van 500 gulden.

Schulden aan Jan en Harmen Meijering, Barelt Homan, Pieter Tebing, Egbert Hoving van totaal circa 2000 gulden.

SP266 Deel 3 Folio 493 dd. 17‑3‑1740 Momberrekening

Ouders:wijlen Hindrik Pieters en Pietertje Tomas

Kinderen:

h.m.:Willem Jansen van Gasselternijveen

m.m.:ondertekening door Thijs Salomons; Egbert Luitiens; Jan Tomas.

Gehuwd voor de kerk op 20‑10‑1715 te Anloo met

279            Pietertje Thomas, geboren circa 1690 te Kropswolde

Gehuwd voor de kerk (1) op 20‑10‑1715 te Anloo met Hindrik Pieters (zie 278).

Gehuwd voor de kerk (2) op 2‑3‑1732 te Anloo met Jan Roelofs Sloots, geboren circa 1695 te Eexterveen

SP 266 Deel 3 Folio 19 dd.14‑1‑1733 Mombereed en inventaris

Ouders:Jan Roelofs Sloots en wijlen Aaltje Pieters van Eexterveen

Kinderen:Grietje Sloots; Pieter Sloots; Roelof Sloots

h.m.:Thijs Salomons van Gasselternijveen (m.z.)

m.m.:Willem Jansen (m.z.); Harmen Sloots (v.z.); Berent Jansen (v.z.)

Bijzonderheden

Jan Sloots hertrouwd met Pietertje Tomas, weduwe van wijlen Hindrik Pieters.

Er zijn veel schulden, o.a. aan Barelt Homan, Jan Jobing, Pieter Tebing, Jan en Harmen Meijering, Jan Ellents, Harmen Hindriks, totaal circa 1800 gulden.

Schulden aan Thijs Salomons wegens afkooppenningen van 350 gulden.

Thijs Salomons moet eerst nog herstellen van een steek in de borst.

SP266 Deel 3 Folio 496 dd.17‑3‑1740 Momberrekening

Ouders:Jan Sloots en wijlen Aaltje Pieters

Kinderen:

h.m.:Thijs Salomons

m.m.:ondertekening door Willem Jansen; Berent Jansen

Bijzonderheden


[1] Etstoel 14 deel 52 folio 287 dd 4‑12‑1756


Ontvangst van afkooppenningen van Roelof Sloots.

Uitgave van de helft van 350 gulden aan Thijs Salomons wegens de afkoop van zijn vrouw.

Er wordt geld op rente gedaan aan Pieter Hindriks en zijn zwager Jan Geerts op Eexterveen

SP 264 deel 4 folio 330: Jan Sloots x Pietertje Tomas van Eexterveen; Pieter Hindriks voor hem zelf en als volmacht voor zijn zwager Jan Geerts x Jantje Hindriks en Geertruit Hindriks . De laatste drie zijn op 13‑6‑1746 mondig verklaard. Willem Jans van Gasselternijveen is hoofdmomber over Tomas Hindriks. Medemombers zijn Jan Tomas en Egbert Luigies.

Pieter, Jantje, Geertruit en Tomas Hindriks zijn kinderen van Hindrik Pieters en Pietertje Tomas. Lenen 1150 gulden van Harm Hindriks x Lammigje Jans van Eexterveen, dd. 14‑6‑1746.

Een deel van het geld is om andere leningen aan o.a. H. Flederus te Assen, Jan Meijering en Harmen Meijering van Eext af te lossen.

280            Harm Rosing, geboren circa 1680 te Exloo, begraven op 10‑5‑1745 te Odoorn

Jan Hamming Ten Rodengate is een zoon van Roelof Ten Rodengate en Lutgertien Hamming, en stamt uit de Ten Rodengates of Roenges te Sleen. Lutgertien Hamming is een dochter van Jan Hamming uit de Veenhof en Johanna Eling. De naam (Jan) Hamming bleef 'kleven' aan zowel de Ten Rodengates, waarvan een deel zich Hamming Ten Rodengate ging noemen (of zelfs alleen Hamming) en ook in de Exloer Rosingtak werd de toevoeging Hamming overgenomen tot aan 1856 toe.

Op 18‑4‑1734 is Harm Rosing samen met G.C. Ellents Landsdagcomparant als volmacht van Odoorn. In het haardstedenregister van Exloo staat Harm voor 4 gulden in 1742, en de meier Jan Dillinge ook voor vol.

Harm Rosing is landdagscomparant in 1732, 1735, 1736 en 1737.

Op 13‑12‑1763 klagen 17 nabestaanden van Jan Ten Rodengate, waaronder Jan Hammink Rosinge, Jan Rosinge van Exloo, Roelof Rosinge te Sleen en de gezworene J. Bosma te Kropswolde ex ux. Jantijn Rosinge, genoemd als kinderen van wijlen Willemtijn ten Rodengate en Harmen Rosing te Exloo en kleinkinderen van Jan Hamming ten Rodengate over een erfdeel dat wijlen Harmanna Nijsingh ontvangen had uit de erfenis van wijlen haar moeder Lutgertien ten Rodengate en haar tante Jantien ten Rodengate. De klagers, in de zesde graad verwant aan Harmanna Nijsing beweerden dat het erfdeel eerst terug had moeten gaan naar de respectievelijke grootvaders, Jan ten Rodengate, Jan Hamming ten Rodengate, Roelof ten Rodengate en Willem ten Rodengate, en daarna verdeeld. De etstoel gaf de klagers gelijk[1]

De overlijdens/begrafenis data van Harm Rosing en Willemtje Ten Rodengate zijn ontleend aan de bijlagen van de huwelijksakte van kleinzoon Roelof Rosing.

Gehuwd voor de kerk circa 1709 met

281            Willemtje ten Rodengate, geboren circa 1686, overleden op 6‑7‑1742 te Odoorn, begraven op 10‑7‑1742 te Odoorn

282            Hindrik Seringe, geboren circa 1685 te Exloo, overleden voor 1736

Jan Hendriks Timmerman en Lammigje Alberts lenen op 1‑5‑1728 100 gulden van Hindrik Zegering (Seringe) en Zwaantje Roelofs Mantinge.[2] In 1729 leent Jan Hindriks timmerman te Exloo nogmaals 100 gulden van Hindrik Seringe te Exloo.[3]

Op 15‑12‑1733 geven Hindrik Seringe te Exloo en Hindrik Leukinge te Exloo aan dat zij en hun consorten van hun moei Hindrikje Mantinge weduwe van Berent Dillinge te Odoorn 2500 gulden hebben geërfd.[4]

Hindrik Peuling en Aaltje te Noord‑Sleen lenen op 17‑9‑1736 150 gulden van Swaantje Manting, weduwe van Hindrik Seringe te Exloo.[5]

Derk Berends en echtgenote te Exloo lenen in 1742 275 gulden van Zwaantje Seringe weduwe van Hindrik Seringe Hamming Rosing.[6] Aaltje Engberts weduwe van Jan Huising en haar beide zoons Hindrik Huising en Engbert Huising lenen in 1743 100 gulden van Zwaantje Seringe te Exloo.[7]

Gehuwd met

283            Zwaantien Roelofs Manting, geboren circa 1690 te Exloo

284            Geert Manting, geboren circa 1670 te Odoorn, overleden voor 1724

In 1724 zijn Willem Willems Nyen Schuttrups hoofdmomber, Roelof Mantinge, Jan Schuttrups en Hindrik Seringe medemombers.

Gehuwd voor de kerk circa 1700 te Odoorn met

[1] Etstoel 14 deel 54 folio 218 d.d. 13‑12‑1763

[2] Schultenprocotol 72 deel 2 folio 46v d.d. 1‑5‑1728

[3] Schultenprocotol 72 deel 2 folio 28 d.d. 1729

[4] OSA 1785

[5] Schultenprotocol 44 deel 1 folio 76 d.d. 17‑9‑1736

[6] Schultenprocotol 72 deel 2 folio 104 d.d. 5‑1742

[7] Schultenprocotol 72 deel 2 folio 104v d.d. 5‑1743

285            Hindrikje Nijenschuttrups, geboren circa 1680 te Odoorn

Gehuwd voor de kerk (1) circa 1700 te Odoorn met Geert Manting (zie 284).

Gehuwd (2) met Jan Wiggers

286            Albert Manting, geboren circa 1670 te Odoorn

Gehuwd voor de kerk (1) op 24‑9‑1693 te Emmen met Fennigje Elkinge, geboren circa 1677 te Emmen

Gehuwd (2) met Grietje Hoving (zie 287).

287            Grietje Hoving, geboren circa 1670 te Dalen?

292            Willem Cremers

Zijn wed. wordt voor 5 aangeslagen in de haardstedenregisters van Borger in 1695. "Vull en holt slitertijd". In 1694 is er een Hindrick Willems, vull en hout slijterije. In 1693 is er sprake van de weduwe van Willem Harms, vull en slijterije houdende. In 1692 weer van Hindrick Willems, vull en hout kramerswaar. In 1691 van Hindrick Willems, vull.

In 1672 wordt genoemd Willem Cremer, half.

296            Egbert Nijsing, geboren circa 1666

Gehuwd voor de kerk (1) circa 1692 met Hilligje Schuring, geboren circa 1670

Ondertrouwd (2) op 12‑10‑1695 te Groningen met Aaltje Warners (zie 297).

297            Aaltje Warners, geboren circa 1660

Ook Hanzen genoemd.

SP312 Deel 1 folio 2 Soort akte:lening

Leners:Aaltje Steenbergen wed. Jan Queest. Egbert Alexander Rengers, heer tot Westdorp is haar gekozen momber

Uitleners:Hindrik Tyleking

Bedrag:390 Plaats:Westdorp Datum:20‑11‑1720

Bijzonderheden:

De oorspronkelijke lening is van de eerste man van Aaltje, Egbert Nijsing.

Ondertrouwd (1) op 12‑10‑1695 te Groningen met Egbert Nijsing (zie 296).

Gehuwd (2) met Jan Queest, schoolmeester, geboren voor 1655, overleden op 28‑12‑1691 te Gasselte

298            Roelof Steenbergen, geboren circa 1670 te Borger

Gehuwd met

299            Anna Helena Halfwassen

320            Albert Lanting, geboren circa 1630, overleden 1694/1699 te Gieterveen

Albert Lanting en Jantien Hendriks lenen op 18‑1‑1688 75 gulden van hun heerschappen Cornelis en Johannes Canter volgens obligatie van 18‑1‑1677.[1]

Hij wordt genoemd in het haardstedenregister van 1692, 1693 en 1694 te Gieten met een vol erf.

Albert Lanting wordt in de goedschattingsregister van 1694 nog vermeld te Gieten. In dat van 1705 komt zijn naam niet meer voor, wel die van zijn vermoedelijke zoon Hendrik Lanting.[2] In de collecte 1699 (diaconieregister) wordt niet hij, maar Hendrik Lanting vermeld.

Gehuwd voor de kerk ca 1660 met

321            Jantje Hindriks, geboren circa 1630, overleden na 1725 te Gieterveen

326            Harm Hindriks, geboren circa 1670

Gehuwd met

327            Lammigje Jans, geboren circa 1670

328            Derk Ottens, geboren circa 1666 te Westerbork/Rolde

Pasen 1685 aangenomen.

Gehuwd voor de kerk (1) op 18‑11‑1688 te Gasselte met Fennigje Luichjens, geboren circa 1670, overleden voor 1697 te Gasselternijveen

Herfst 1695 aangenomen.

Gehuwd voor de kerk (2) op 7‑2‑1697 te Gasselte met Geesje Jans (zie 329).

329            Geesje Jans, geboren op 26‑8‑1675 te Gasselte, gedoopt op 29‑8‑1675 te Gasselte

336            Harm Reinders, geboren circa 1650 te Bonnerveen, overleden op 1‑5‑1715 te Bonnerveen

Hij wordt genoemd in de haardstedenregisters te Bonnerveen met drie paarden in 1672, 1692, 1693 en 1694.

Jacobje, de vrouw van Harm Reinders wordt lidmaat te Gieten in 1678.

Gehuwd voor de kerk (1) voor 1678 met Jacobje N.N.

Gehuwd voor de kerk (2) circa 1695 te Gieten met Idigje Roelfs (Ida) Pepping (zie 337).

337            Idigje Roelfs (Ida) Pepping, geboren circa 1662 te Gieten, overleden te Bonnerveen, kort na 22‑04‑1744

Zij is overleden kort na 22‑04‑1744.

[1] Schultenprotocol 264 deel 2 folio 145 d.d. 18‑1‑1688

[2] OSA 818

IJdigje Pepping, weduwe van Harm Reinders, Jan Ottens is haar gekozen momber, leent 450 gulden van H. Fledderus en Lammegje Meijering op 21‑5‑1738.[1]

Gehuwd voor de kerk (1) op 24‑10‑1686 te Gieten met Willem Lamberts, landbouwer;diaken te Gieten 1683‑1686, geboren circa 1645 te Gieten, overleden op 26‑3‑1691 te Veenhof

Hij wordt genoemd in het haardstedenregister van 1672 te Bonnen met 1.

Jan Alberts te Gieten is hoofdmomber,[2]

Jan Alberts Woltman als hoofdmomber van de kinderen van wijlen Willem Lamberts in de Veenhof en zijn medemombers en consorten als tezamen broers en zusters kinderen van wijlen Cornelis Lamberts, onlangs te Gieterveen overleden zijn op 7‑11‑1692 eisers tegen Lambert Thijs in de Veenhof. De verweerder zou namens zijn moeder goederen uit het huis van Cornelis Lamberts gehaald hebben en deze willen eisers terug. Verweerder is van mening dat hij in opdracht van zijn moeder handelde en dat de eisers haar maar moeten aanklagen.[3]

Jan Alberts als hoofdmomber Willem Lamberts nagelaten kinderen in de Veenhof en als volmacht van de kinderen van Geert Jansen is op 13‑11‑1693 eiser tegen Harmtien Jansen, weduwe van Thij Jansen in de Veenhof. De verweerder zou de nagelaten goederen van haar zoon Cornelis Lamberst gehaald hebben, maar niet de volle broers zusters kinderen in de nalatenschap toegelaten hebben. Eisers willen hun deel van de goederen. De verweerder is van mening dat de moeder de naaste in den bloede is. De eiser krijgt ongelijk.[4] Gehuwd voor de kerk (2) circa 1695 te Gieten met Harm Reinders (zie 336).

340            Jan Alberts, geboren circa 1659, overleden op 12‑2‑1739 te Gieten

Jan Alberts wordt in het haardstedenregister te Gieten genoemd in 1692 (4), 1693 (3) en 1694 (4). In 1742 is er sprake van een vol erf van de kinderen van Jan Alberts.

Jan Alberts is momber over de kinderen van Willem Tonnis, zijn neef, en woonde te Gieten. Hij leent in 1714 aan de inmiddels weduwe geworden Jantien Ottens geld.[5] Samen met zijn neef Berent Tonnis doet hij op 19‑8‑1701 opgave van de erfenis van hun overleden oom Hendrick Willems van Bonnerveen, die kinderloos was gestorven. De erfenis bedraagt 1300 gulden, waarover 32 gulden en 10 stuiver belasting moet worden betaald.[6]

Op de lidmatenlijst van 1718 te Gieten komen voor: "Jan Alberts, Luichijn Meijers, sijn huisvrouw".

In 1749 worden zijn kideren te Gieten genoemd: "Jan Alberts kinderen, Geert Jans mede voor zijn broer".[7] De boedel is dan nog ongescheiden.

Gehuwd voor de kerk 1678 met

341            Luichje Jans Meijers, geboren circa 1650 te Gieten, overleden op 22‑12‑1736 te Gieten

Luichje Jans huisvrouw van Jan Alberts wordt lidmaat te Gieten Pasen 1698. Gelijk daar onder Jan Alberts van de Veenhof.

344            Egbert Berents, timmerman, geboren circa 1660

Deel/folio/datum 33/405/6‑6‑1699

Eiser: Hendrick Lubberts te Westerbork, Egbert Berents te Gieten en Jacob

Jansen te Vries, namens zijn vrouw, erfgenamen ab intestato van wijlen

Frerick Klinckhamer

Verweerder: Grietjen Jacobs, weduwe van Frerick Klinckhamer

Onderwerp: inventaris

Inhoud: van de boedel van Frerick Klinckhamer

Andere namen:

Bijzonderheden: commissie: Justus de Coninck tot Peise en Jan ten Rodengate

SP 264 Deel II, blz. 76 lening

Leners:Egbert Berents te Gieten

Uitleners:Boele Hamming en voorkinderen van zijn vrouw

Bedrag:150 Plaats:Gieten Datum:12‑11‑1684.

HSR 1692 Gieten: 2, keuter en timmerman.

HSR 1693 Gieten: 2, keuter en timmerman.

HSR 1694 Gieten: 2, keuter en timmerman.

Gehuwd voor de kerk op 15‑11‑1685 te Gieten met

345            Geesje Roelofs, geboren circa 1660

[1] Schultenprotocol 264 deel 4 folio 40 d.d. 21‑5‑1738

[2] Etstoel 14 deel 30 folio 122 d.d. 1694

[3] Etstoel 14 deel 30 folio 437 d.d. 7‑11‑1692

[4] Etstoel 14 deel 30 folio 122 d.d. 13‑11‑1693

[5] Schultenprotocol 264 deel 3 folio 195 d.d. 4‑5‑1714

[6] OSA 1785 pg. 876 d.d. 1‑11‑1701

[7] OSA 1110

Lidmatenlijst 1718 Gieten: Geesijn Roelofs, huisvrouw van Egbert Berents.

350            Wark Jans Warcks, gedoopt op 13‑2‑1664 te Gasselte, overleden op 20‑12‑1715 te Gasselte

Gehuwd voor de kerk op 17‑11‑1689 te Gasselte met

351            Roelofje Hindriks, gedoopt op 24‑1‑1664 te Zuidlaren

370            Jan Hamming, geboren circa 1650

Niet zeker dat hij een zoon is van Hindrik Hamming en Grietje Roelofs. Echter, het is wel zeker dat Hindrik Hamming een zoon Jan had.

SP 264 Deel II, blz. 78 lening

Leners:Jan Hamming te Eext en zwager Evert Jansen

Uitleners:Jan en Harmen Meyering te Eext, broers

Bedrag:100 Plaats:Eext Datum:13‑11‑1684

Bijzonderheden:ondergeschreven staat: Deze in Jan Hammincx boedel gepostponeert en alze afgedaen. Anlo den 21 september 1695. Willende ick en mijn broer _ rechtens verblijven tegen te _ daer het te becomen sal zijn. Harmen Meyering

In marge: Dit is abuis angezien den debiteur niet is olde maar jonge Jan Hamminge wiens _ boedel niet is beschreven geweest.

SP 264 Deel II, blz. 195 lening

Leners:Jan Hamming de jonge, Evert Jansen, mede voor broer en zus

Uitleners:Albert Meursing de oude en Albert Meursing de jonge te Eext

Bedrag:275 Plaats:Anloo Datum:24‑11‑1690

Bijzonderheden: 10‑12‑1728 verklaring dat de kinderen van jonge Jan Hamming de schuld hebben afgelost aan jonge Albert Meursing.

Gehuwd met

371            Grietje Jans, geboren circa 1650

372            Berent Geerts Trip, geboren circa 1640, overleden op 21‑5‑1701 te Annen

Gehuwd met

373            Willemtje Jacobs, overleden op 24‑12‑1684 te Eexterveen

Overleden als Willemtje Geerts.

374            Hindrik Horst Woerding

In 1689 woont er een Hendrik Woerdinge in Bonnen.[1]

Ook 1694 woont er nog een Hendrik Woerdinge in Bonnen.[2]

Hij wordt genoemd in het haardstedenregister van 1692 en 1693 te Bonnen met een vol erf. In 1694 genoemd als Hindrik Sriemer.

Gehuwd met

375            Geesje Jans, geboren circa 1650

376            Tiaart Carels, gedoopt op 17‑1‑1675 te Noordbroek

Lidmatenlijst 1718 Gieterveen: Tjaert Carels, Geesijn Jansens, sijn huisvrouw.

Gehuwd voor de kerk op 12‑5‑1700 te Noordbroek met

377            Geesje Jans, geboren circa 1675 te Assen

378            Hindrik Sickens, geboren circa 1670, overleden voor 1736 te Gasselterboerveen

Pasen 1696 aangenomen

SP312 Deel 1 folio 22 lening

Leners:Hindrik Sikkens en huisvrouw te Gasselterboerveen

Uitleners:Jan Hamming en zoon Harmannus Hamming schulte

Bedrag:600 Plaats:Gasselte Datum:12‑7‑1723

SP312 Deel 1 folio 222 lening

Leners:Hindrik Sickens en huisvrouw en kinderen op Gasselterveen

Uitleners:Sophia Huising, wed. ette Jan Harders en kinderen te Anreep

Bedrag:100 Plaats:Anreep Datum:28‑10‑1731

SP312 Deel 1 folio 150 lening

Leners:Margje Lamberts, wed. van Hindrik Sickens te Boerveen en zoon Lambert Hindriks.

Uitleners:erfgenamen schulte Jan Hamming, Bedrag:173 Plaats:Gasselte Datum:1‑10‑1736.

Gehuwd voor de kerk op 2‑2‑1696 te Gasselte met

379            Margje Lamberts, geboren circa 1674, gedoopt op 21‑4‑1678 te Gasselte, overleden na    1742 te Gasselterboerveen

Herfst 1695 aangenomen.

400            Claas Jacobs Cuper, geboren circa 1650 te Emmen

[1] OSA 1331

[2] OSA 818

SP 72 deel 1 folio 155 Geesje Hannekes wed. Klaas Kuiper, voor haar en haar onmondige kinderen, en zoon Harm Kuiper lenen ƒ 130 van kerkvoogden. Emmen, 11/1/1699.

Gehuwd voor de kerk op 23‑9‑1674 te Emmen met

401            Geesje Jans Hannekes, geboren circa 1650 te Schoonebeek

402            Jan Jans Hillebrants, wever, geboren circa 1650 te Emmen, begraven op 5‑7‑1740 te Emmen

SP 72 deel 1 folio 144 Vrouwe Anna Middelhuisen wed. Welvelde, haar zoon Frederik Welvelde en dochter Christina Welvelde; Gerrit van Ulsen als mombaar. Verkopen aan Jan Hilbrands ee Annigje Nijesikken de gerechte vierde part van comparanten hofte bij de mengerije, zoals het verkofte heden door Mr. Jan Eisinge tot Sleen is gemeten en afgepaald. Emmen, 21/9/1698.

Gehuwd voor de kerk op 28‑10‑1677 te Emmen met

403            Annegien Nijensikking, geboren circa 1650 te Zuidbarge

404            Harm Brinks, geboren circa 1670 te Westenesch, begraven op 18‑1‑1716 te Emmen

Alias Harm Meijering

SP 72 deel 2 folio 61vo Jan Meiering te Westenes voor zichzelf en voor zijn moeder Aaltje Meiering met akte van procuratie per heden. En zijn broer Hindrik Meiering voor zich en voor zijn moeder. Zij heeft in oktober 1735 van de diaconie van Emmen ƒ 50 geleend, waarvoor zoon Hindrik zich thans borg stelt. Emmen, 22/1/1736.

Gehuwd voor de kerk op 1‑12‑1685 te Emmen met

405            Aaltje Meijering, geboren circa 1670 te Westenesch, begraven op 3‑4‑1750 te Emmen

406            Harm Geerts Brinks, geboren circa 1675 te Noordbarge, begraven op 23‑12‑1727 te Emmen

Gehuwd voor de kerk op 13‑11‑1698 te Emmen met

407            Aaltje Hindriks, geboren te Noordbarge, gedoopt op 24‑10‑1675 te Emmen, begraven op 22‑5‑1717 te Emmen

408            Roelof Hoving, geboren circa 1670

Hij wordt genoemd in de haardstedenregisters te Buinen in 1692/3 voor 3 en in 1694/5 voor 2.

Hij is alleen aanwezig op de bruiloft van Grietje Buiting, de zuster van zijn vrouw. Ook Jantiens vader was hier niet aanwezig. Misschien waren zij toen reeds overleden. Het echtpaar woonde op het Buitinge erf te Buinen. Dit was de zuidelijke helft van "Huisinge ofte Buitinge". In 1705 woonde Roelof Hoving op het 12e waardeel en nadien woonden Arendt en Geert Hoving daar. Ze woonden ook nog op het 2e waardeel, waar in 1630 Jan Eppinge als eigenaar aangegeven stond. Hierop had Buitinge later ook eigendom.

Op 15‑5‑1700 lenen Roelof Hoving en Jantien te Buinen van Jan Seegeringe en Eempien en van Geessien Seegeringe, weduwe van Roelof Seegeringe, 100 gulden.[1]

Op 1‑5‑1708 lenen Roelof Hoving te Buinen en kinderen 400 gulden van Willem Zegering vna Exloo.[2] Op 1‑5‑1709 leent Roelof Hoving te Buinen 100 gulden van Jan Zegering van Exloo.[3]

Gehuwd met

409            Jantje Buiting, geboren circa 1670 te Buinen, overleden voor 1712

410            Harm Freriks Tebinge, gedoopt op 21‑12‑1651 te Gasselte, overleden op 25‑8‑1716 te Gasselte, begraven op 4‑9‑1716 te Gasselte

Genoemd Lutke Harmen.

Gehuwd voor de kerk op 18‑4‑1675 te Gasselte met

411            Wubbigje Aling, gedoopt op 28‑9‑1656 te Gasselte, overleden op 12‑5‑1731 te Gasselte, begraven op 22‑5‑1731 te Gasselte

420            Carst N.N.

422            Egbert Hidding, geboren circa 1675

428            Jacob Dilling, geboren voor 1650 te Odoorn

Genoemd in het haardstedenregister van Exloo in 1672 met vier, in 1691 met een half erf, in 1693 met drie en in 1694 met twee.

Genoemd in het huisgeld 1676 te Exloo en in de collectes van 1687 en 1699.

Conraad Emmen, Gedeputeerde Staat der Landschap, voor zich en voor vrouw Elsien Sluiters weduwe van Halst Wassers als legitime tutrix voor haar en haar kinderen verkoopt aan de broers Jacob Dillinge en Berend Dillinge te Odoorn een tiende part in het Dillinge erf te Odoorn op 23‑5‑1687.[4]

Hermen Nijenhuis tot Valthe verkoopt in 1682 bij uitmijning enige vaste goederen aan Jacob Dillinge (bouwland te Odoorn), aan Jan Schuttrups (een vierendeel waardeel Odoorn) en aan Jan Quants

[1] Schultenprotocol 312 deel 1 folio 55 d.d. 15‑5‑1700

[2] Schultenprotocol 312 deel 1 folio 56 d.d. 1‑5‑1708

[3] Schultenprotocol 312 deel 1 folio 57 d.d. 1‑5‑1709

[4] Schultenprotocol 72 deel 1 folio 78v d.d. 23‑5‑1687

(hooiland, een vierde part in Quants hof).[1]

440            Jan Sijbering, geboren circa 1685, overleden circa 1717 te Gieten

Gehuwd voor de kerk circa 1710 met

441            Jeigje Schuiling, geboren te Annen, gedoopt op 18‑7‑1686 te Anloo, overleden op 4‑12‑1737 te Gieten

Lidmatenlijst 1718 Gieten: Jeichijn Sibringhe.

446            Jan Jans Rijnberg, geboren te Annen, gedoopt op 3‑12‑1676 te Anloo

Jan Jans Rijnberg en zijn vrouw Grietje Schuiling worden te Anloo als lidmaat aangenomen op 14‑12‑1705, wonende te Annen.

Gehuwd met

447            Grietje Hindriks Schuiling, geboren circa 1675

464            = 272 Egge Jans.

465            = 273 Margje Jans.

466            = 274 Jan Egberts Schuiling.

467            = 275 Jantje Aalderts Tamelte.

468            = 162 Geert Jans.

469            = 163 Hindrikje Harms.

470            = 278 Hindrik Pieters.

471            = 279 Pietertje Thomas.

476            Jacob Dries, smit, geboren voor 1695

SP 72 deel 2 folio 68vo Jacob Dries Smit ee Geesje Roelofs tot Odoorn lenen ƒ 100 van Zwaantje Seringe. Exloo, 1/5/1738.

SP 72 deel 2 folio II/95vo Meester Jacob Dries Smit tot Odoorn ee Geesje lenen ƒ 200 van Meerten Bantinge tot Meppen ee Wemeltje. Exloo, mei 1717.

SP 72 deel 2 folio 98vo Jacob Dries ofte Smit tot Odoorn ee Geesje leent ƒ 200 van Harm Rosinge tot Exloo ee Willemtje. Exloo, mei 1742.

SP 72 deel 2 folio 99 Jacob Dries tot Odoorn ee Geesje lenen ƒ 36 van Jan Zegering tot Exloo. Aldaar, 9/5/1718.

SP 72 deel 2 folio 99vo Jacob Dries Smit ee Geesje tot Odoorn schuldig aan Jan Zegering en Willem Zegering tot Exloo ƒ 100 wegens eerder verschoten penningen. Exloo, 2/5/1709.

SP 72 deel 2 folio 100 Meester Jacob Dries Smit te Odoorn ee Geesje lenen ƒ 50 van Jan Zegering tot Exloo. Mei 1717.

SP 72 deel 2 folio 101 Jacob Dries Smit tot Odoorn ee Geesje lenen ƒ 100 van de wed. van Willem Zegering tot Exloo. Aldaar, 1/5/1740.

SP 72 deel 2 folio 101vo Jacob Dries ee Geesje Roelofs lenen ƒ 150 van Willem Rosinge tot Valthe. Onderpand: een half vierendeel waardeel in de marke van Odoorn. Mei 1730.

Genoemd in etstoel op 3‑7‑1759.

Etstoel Deel/folio/datum53/122/3‑7‑1759

Onderwerp:erfenis

Inhoud:Geert Dillinge, Claas Bebing, Andries Dijks en Willem Hofsteenge diaconen van Odoorn geven aan dat de diaconie Geesje Roelofs onderhoud, weduwe Jacob Drees in leven smid te Odoorn. Zij is een moei en dus universele erfgenaam van wijlen Annegien Hindriks eerst gehuwd met Jan Roelofs Nijenbronninger en later met Roelof Hindriks. Annegien heeft nagelaten goederen te Borger. Deze vaste goederen worden nu aangetast door Jan Roelofs en Annegien Hameringe te Buinen, Evert Hovinge nom. ux. Margien Hameringe te Ees en Cornelis Sloots nom. ux. te Bonnen. De diaconen willen hun deel van de erfenis.

Andere namen:Jan Hameringe en consorten, R. Hindriks van Borger, schulte Alinge.

Gehuwd met

477            Geesje Roelofs, geboren voor 1695

478            Albert Alberts Reurkes, geboren circa 1685 te Hockkelenkamp

Gehuwd voor de kerk op 3‑4‑1712 te Emmen met

479            Grietje Jans, geboren circa 1690 te Westenesch, begraven op 3‑2‑1758 te Emmen

480            Luichje Peuling, geboren circa 1610

Lambert Coops en Jan Coops en consorten te Dalen zijn op 12‑10‑1635 eisers tegen Lutjen Peulinge te Noord‑Sleen. De eisers willen een half mud rogge jaarlijks wegens erfpacht van een vierde deel van Huijsinge erf, waarvan de verweerder de soltstede heeft. Volgens verweerder is de erfpacht op Jacob

[1] Schultenprotocol 72 deel 1 folio 28 d.d. 14‑10‑1682

Pieters land. De eisers krijgen gelijk.[1]

Lutjen Poelinge is op 14‑6‑1636 eiser tegen Beerntjen Nessinge en haar zoon Roelof. De eiser will betaling van een vierde deel van een erf te Noord‑Sleen volgens uitspraak d.d. 12‑10‑1635 tussen Lambert Coops en Jan Coops en de eiser. De eiser krijgt gelijk.[2]

Eiser: Luitjen Poelinge van Noord‑Sleen als momber van de kinderen van wijlen Jan Horninge te Westenes, Luitjen Abbinge te Erm als momber van de kinderen van wijlen Jan Buischen, en Marten Horstinge momber van de kinderen van wijlen Jan Horstinge zijn op 16‑5‑1650 eisers tegen Willem Buschen. Het betreft preferentie in een faillissement. De verweerder zou geld opgenomen hebben van de eiser, en nu heeft hij zijn goederen verkocht. De eisers willen preferentie in de opbrengst.[3]

Op 10‑10‑1652 is Hermanno Mauritio, verwalter‑schulte van Sleen, namens Luitjen Abbinge te Erm, Luitjen Poelinge en Marten Horstinge ieser tegen de crediteuren van Willem Segers. De eisers willen preferentie in de boedel.[4]

Luichje Poeling wordt in het haardstedenregister te Noord‑Sleen genoemd in 1672 met een vol erf. In 1692, 1693 en 1693 wordt Roelofje Peuling met een vol erf genoemd.

Gehuwd met

481            Roelofje N.N.

490            Luichje Hindriks Strating, geboren circa 1650 te Noordbarge, begraven op 24‑5‑1690 te Emmen

De mombers over het kind van jonge Luichien Stratinge en wijlen Marregien Tamminge hebben een accoord inzake afkoop gesloten met de broers Reinder Tamming en Roeloff Tamming. Op 11‑6‑1683 verzoeken zij aan de Etstoel om goedkeuring van het accoord.[5]

Op 7‑4‑1685 zijn de mombers over Frederik Strating, zoon van Luigje Strating en Margje Tamming: Luigjen Strating, Reinder Tamming, Thij Seubers en Harm Tamming.[6]

Jantje Boelken weduwe Strating geassisteerd door Willem Sikken, tevens jonge verloofde bruidegom, als man en voogd over haar drie minderjarige kinderen van wijlen Luigje Strating ter ener zijde en Willem Strating ter andere zijde "houdende tesamen mandelig huishouding" verklaren op 18‑5‑1692 op rente genomen te hebben een ieder voor de gerechte helft van de voormombers van Frederik Strating als Luitje Strating als hoofdmomber en consorten uit des pupillen goederen 1050 gulden toekomende van afkooppenningen "soo Stratinge en Tamminge als door malkanderen door buitenschap getrouwd zijn geweest door afkooppenningen sijn heerkomend".[7]

Op 7‑6‑1692 verzoeken de mombers van het minderjarige kind Frerick Stratinge van wijlen Luichien Stratinge en wijlen Marrechien Stratinge verzoek om goedkeuring van de afkoop met de stiefmoeder van de kinderen Jantien Boelken.[8] Op dezelfde datum verzoeken de mombers om goedkeuring van een eenkindscontract wegens het hertrouwen van Jantien met Willem Sikkinge.[9]

Ondertrouwd (1) 1678 te Zuidlaren, gehuwd voor de kerk op 20‑10‑1678 te Emmen met Margje Freriks Tamming, geboren te Zuidlaren, gedoopt op 6‑1‑1650 te Noordlaren, begraven op 19‑6‑1680 te Emmen

Gehuwd voor de kerk (2) op 5‑11‑1682 te Emmen met Jantje Boelken (zie 491).

491            Jantje Boelken, geboren circa 1650 te Roswinkel, begraven op 27‑12‑1736 te Emmen

De afstamming van Jantje Boelken volgt uit de processstukkenover de erfenis van de minderjarige Jan Hindriks, die in januari 1730 te Ter Apel overleed. Hij was gedoopt te Klooster Ter Apel of 18‑6‑1710. als zoon van Hindrik Jans en Hebel Jans. die op 15‑6‑1679 een huwelijkscontract sloten. De bruid bracht daarbij in onder andere 1300 car. gulden, voldaan uit Boelken huis. Zij moet dus een Boelken, een dochter van Jan geweest zijn. De erfenis van wijlen Jan Hindriks werd opgeeist op 9‑12‑1730 door Willem Strating te Noord‑Barge, nomine uxoris Jantien Boelken. De etstoel stelde hem in het gelijk, maar dat hielp hem niet, want het was een Westerwoldse zaak. Het proces werd dan ook verder gevoerd voor de richter te Vlagtwedde. Het vervolg vinden we in het rechterlijk archief. Als impetrant trad nu op Harmen Boelken te Groningen. De voor de richter afgelegde verklaringen stemden niet in alles overeen, en kwamen hierop neer:

De grootmoeder van erflater Jan Hindriks was een volle zuster van de vrouw van Willem Strating.

de vader van de impetrant Harmen Boelken was een volle broer van erflaters grootmoeder.

daarentegen stelde Willem Strating dat de vader van Harmen Boelken was gehuwd met de oudste zuster van Hendrikjen Jans.

[1] Etstoel 14 deel 9 folio 144 d.d. 12‑10‑1635

[2] Etstoel 14 deel 9 folio 259 d.d. 13‑6‑1636

[3] Etstoel 14 deel 14 folio 256 d.d. 16‑5‑1650

[4] Etstoel 14 deel 15 folio 96 d.d. 10‑10‑1652

[5] Etstoel 14 deel 26 folio 16 d.d. 11‑6‑1683

[6] Schultenprotocol 72 deel 1 folio 42 d.d. 7‑4‑1685

[7] Schultenprotocol 72 deel 1 folio 111 d.d. 18‑5‑1692

[8] Etstoel 14 deel 29 folio 410 d.d. 7‑6‑1692

[9] Etstoel 14 deel 29 folio 410 d.d. 7‑6‑1692

Gehuwd voor de kerk (1) op 5‑11‑1682 te Emmen met Luichje Hindriks Strating (zie 490).

Gehuwd voor de kerk (2) op 12‑6‑1692 te Emmen met Willem Sikking (Strating), geboren circa 1660

Jantje Boelken weduwe Strating, geassisteerd door Willem Sikken, tevens jonge verloofde bruidegom, als man en voogd over haar drie minderjarige kinderen van wijlen Luigjen Strating ter ener zijde en Willem Strating ter andere zijde houden tesamen mandelige huishouding op rente genomen een ieder voor de gerechte helft van de voormombers van Frederik Strating als hoofmomber en consorten uit des pupillen goederen 1050 gulden toekomende van afkooppenningen soo Stratinge en Tamminge als door malkanderen door buitenschap getrouwd zijn geweest door afkooppenningen sijn heerkomend.[1]

Er is een process over de erfenis van de minderjarige Jan Hindriks, die in januari 1730 te Ter Apel overleed. Hij was gedoopt te Klooster ter Apel op 18‑6‑1710, als zoon van Hindrik Jans (Broyl) en Hebel Jans. Uit de verklaringen in dit proces blijkt, dat hij een kleinzoon was van Jan Broyl en Hindrikien Janssen, die op 15‑6‑1679 een huwelijkscontract gesloten hadden. De bruid bracht daarbij in onder andere 1300 ca rolusguldens, voldaan uit Boelken huis. Zij moet dus een Boelken, een dochter van Jan Boelken, zijn geweest.

De erfenis van wijlen Jan Hindriks werd opgeëist op 9‑12‑1730 door Willem Strating te Noord‑Barge, nomine uxoris Jantien Boelken. De Etstoel stelde hem in het gelijk, maar dat hielp hem niet, want het was een Westerwoldse zaak. Het proces werd dan ook verder gevoerd voor de richter te Vlagtwedde. De neerslag ervan vinden we in het rechterlijk archief in het Rijksarchief te Groningen. Als impetrant trad nu op Harmen Boelken, te Groningen. De voor die richter afgelegde verklaringen van partijen stemden niet in alles overeen en kwamen in het kort hierop neer:

‑ de grootmoeder van erflater Jan Hindriks was een volle zuster van de vrouw van Willem Strating

‑ de vader van impetrant Harmen Boelken was een volle broer van erflaters grootmoeder

‑ daarentegen stelde Willem Strating dat de vader van Harmen Boelken was

gehuwd met de oudste zuster van Hendrikjen Jans.

Willem Stratinge te Noordbarge nom. ux. Jantien Boelinge als erfgenamen van Jan Hendriks in het Klooster ter Apel zijn op 12‑6‑1736 eisers tegen Jan Boelken te Roswinkel. De eisers willen betaling van 129 gulden met rente, deze schuld origineel ten laste van de zwager van de verweerder, Willem Berents en zijn zuster Eelke Boelken, en waarvoor de verweerder borg zou staan. Er is sprake van een uitspraak van de Etstoel d.d. 28‑11‑1730. Er is sprake van de erfgenamen van Jan Hendriks, en de eiser zou in de 4e graad verwant zijn, en Harm Boelken in de 5e graad. Er is sprake van de verweerder, Harm Boelken en nog 4 andere zusters en broers die te Westerwolde wonen.[2]

494            Wolter Jans

Gehuwd met

495            Albertje Lamberts

502            Hindrik Heling, geboren circa 1680 te Ees

In 1742 genoemd te Ees met een vol erf.

506            Hindrik Dilling, schatbeurder in 1728, geboren circa 1680

Claas Hilbrants te Drouwen voor zich en als man en voogd van zijn huisvrouw Marghien Roelofs en als vader van zijn minderjarige kinderen Harmen Claassen en Swaantien Claassen is op 29‑11‑1735 eiser tegen Femmeghien Hindericks Dillinge. Femmeghien zou met haar vader Hindrik Dillinge laster verspreid hebben, ten nadele van de eiser.[3] Op diezelfde datum klaagt Claas Hilbrants ook Harmentien Arents huisvrouw Hinderick Dillinge te Drouwen aan wegens belediging.[4]

Op 12‑12‑1747 koopt Jan Mensing te Gieten enig vast goed van Harmtien Dilling voor 650 gulden.[5]

Gehuwd met

507            Harmtje Arents Dilling, geboren circa 1680

Generatie X : Stam‑ouders

520            Hindrik Menting, geboren circa 1630

Hij is waarschijnlijk een zoon van een meisje Abbring en heeft een broer Albert en zuster Geesje. Echter zijn broer Albert erft van hem, dus kan hij geen kinderen gehad hebben. Blijft nog even een raadsel.

GAG RA IIIx47 fol. 290vs/292 d.d.2 april 1666

Wij Borgemesteren ende Raadt in Groningen betuigen met desen openen versegelden brief, dat voor ons gecompareert ende erschenen sijn , d'E Jurien Draper in qlte, in 't bij wesen van d'E. Niclaes

[1] Schultenprotocol 72 deel 1 folio 11 d.d. 18‑5‑1692

[2] Etstoel 14 deel 45 folio 1v d.d. 12‑6‑1736

[3] Etstoel 14 deel 44 folio 254 d.d. 29‑11‑1735

[4] Etstoel 14 deel 44 folio 254v d.d. 29‑11‑1735

[5] OSA 1785 pg. 4118 d.d. 12‑12‑1747

Gelkingh nomine uxoris onvercort de ieder sijn recht ten principael, repraesenterende het recht van wijlen Hendrick Geerts van Goor ter eener; d'E. Hendr. Abberinge, Albertien Abberinge wed. wijlen Garbrant Cornelis, Wilhemtien Abberinge geadsisteert met derselver soone Sicke Willems Eisinge, als last hebbende van man ende vader d'E. Willem Eisinge, d'E.Albert Mentinge tot Exet onder Borger in Drente voor hem selver ende voor sijn suster ende broeder Geesien ende Hendr. Mentinge de rato caverende, opgemelte Hendrick Abbringe in qlte voormont ende Thijes Dercx sibbevooght tot ende over wijlen Grietien Abbringe naegelatene onmundige kinders bij Hendr. Stevens (mede voor ons erschenen) in echte geprocreert, haer qualificerende enichste ende sibbeste erfgenamen van wijlen Hilletien Abbringe, gewesene huisvr. van opgemelte Hendrick Geerts van Goor daer voor sij te samen ende een van haer in solidum inlieten ter anderen sijde. Bekanden ende beleden welgemelte comparanten in voorn. qualite dat sij onder haer stedevast ende onwederroepelijk sijn veraccordeert ende over een gecomen over de nalatenschap bij wijlen Hendr. Geerts van Goor ende Hilletien Abbringe naergelaten, in voegen dat de gedachte erfgen. van Hilletien Abbringe sullen hebben te genieten alle de samentlijke huisgeraets ingoederen, silver ende golt gemunt ende ongemunt geriede penningen de wullen lakens en voorts alles van dien niet exempt mitsgaders des ehemans naegelatene klederen ende lijves toebehooren, van dien niet uitbesondert als oock het huis ten zuiden van het Zuiderdiep, daer de drie potten uithangen eert ende nagelvast, cum annexis op pachtgront staende als wijlen Hendrick Geerts van Goor bij keersen uitganck heeft becomen, noch de camers als d'eheluiden in de Raemstrate an 't bollwerck ende in de Princenstrate hebben naegelaten, ten diele met Luitien Harckens in de mande, een half graft ten noorden op Martinikerckhof, daer de verstorvene eheluiden in begraven sijn ende haer rust plaetsen sullen beholden volgens testament ende een hondert Car. gl. in gelt a dato deses over een jaer te ontfangen, bovendien sullen wesen gemortificeert alsodane begiftinge als Hendr. Geerts langstlevende bij houlicx contreact is versproocken. Daer tegens sullen de erfgenamen van wijlen Hendr. Geerts van Goor erflick behouden het huis in de Heerestrate, het vierde part van 't huis aen 't Breede merckt, wordende bij comparant Draper bewoont, alle versegelde ende papieren obligatien, hantschriften in 't sterfhuis ende daer buiten, riedes bekent ofte noch bekent ende in voorschijn muchten komen, over d'een ofte ander holdende, met alle achterstallige renten ende huiren, ende in specie de huiren van het huis de potten ende camers tot op maij anstaende te verschijnen, daer bij mede het hof buiten de Heerepoorte sijnde eigen grondt, alle graven ende de wederhelfte van voorn. graft; ende sal een ieder 't sijne mogen aenvaerden ende daermede doen naer desselfs welgevallen; Ende sal ock an wedersijden vrij gelevert worden onder verbant van ieders goederen te saemen ende een in solidum met submissie van alle hoge ende lage rechten, gerichten ende reale executie, onder renunciatie van de exceptien divisionis ende discussionis Welverstaende nochtans alle sterfhuises lasten van Hendr. Geerts van Goor ende sijn huisfr. te quade tot op dato deses sullen die erfgenamen van Hendr. Geerts van Goor alleene voldaen ende betalen, blijvende de slijpsteen tusschen d'erfgenamen in de mande. Sonder argelist, Dat oirconden wij met onsen stadts zegel gegeven in den jare XVI C ses ende sestich den tweden April doe Johan Tiassens, Gerhard Ten Berge, Regnerus.

542            Arent Dilling, geboren circa 1640

Niet zeker dat hij een zoon is van Arent Dilling en Jantje.

Arent Dillinge wordt in 1691 en 1692 in de haardstedenregisters te Drouwen genoemd met drie paarden. In 1693 en 1694 met twee, terwijl direct onder hem in het register Derrick Alberts op Dillinge genoemd wordt, ook met twee. In 1695 staat Arent Dillinge ook met twee, met daaronder Lutgert Dillinge met één.

{Arend Dilling in HSR.jpg:Vermelding Arent Dilling in het haarstedenregister van 1692:12:}.

Gehuwd met

543            Jantje Jacobs Huising, geboren circa 1650

548            Egbert Jans Schuiling, geboren circa 1660, overleden op 23‑3‑1703 te Annen

Voor vol aangeslagen in het haardstedenregister van Annen in 1691, 1692 en 1693.

Gehuwd met

549            Geesje Aalderts, geboren circa 1660, overleden op 11‑5‑1689 te Annen

550            Aaldert Hindriks Tamelte, geboren circa 1660 te Annen

Hij wordt genoemd in het haardstedenregister te Annen als keuter in 1691, 1692, 1693. Aaldert Tamelte wordt aangenomen als lidmaat te Anloo op 2‑7‑1702, wonende te Annen.

Op 10‑1‑1714 vinden we een momberrekening over Geertje Tamelte, dochter van Aaldert Tamelte en Geertje Schuiling. De mombers zijn Harmen Tamelte als hoofdmomber en Jan Schuiling, Jan Busch Apinge en Boele Tamelte als medemombers[1]

[1] Schultenprotocol 266 deel 1 folio 70 d.d. 10‑1‑1714

Op 11‑11‑1721 zijn de mombers Jan Timmerman, Jan Jansen, Jan Schuiling en Bartelt Meijering[1]

Gehuwd voor de kerk (1) voor 1690 met Margje Eggens (zie 551).

Gehuwd voor de kerk (2) na 1693 met Geertje Jans Schuiling, geboren circa 1675, overleden op 22‑8‑1701 te Annen

551            Margje Eggens, geboren circa 1665, overleden op 13‑11‑1693 te Annen

554            = 326 Harm Hindriks.

555            = 327 Lammigje Jans.

556            Pieter Hindriks, geboren circa 1660 te Eexterveen

Pieter Hindriks en Geertruid Luichjens worden aangenomen als lidmaat 1‑7‑170?, wonende te Eexterveen.

SP 266 Datum registratie:6‑3‑1714

Momberrekening

Ouders:Pieter Hindriks en Geertje Luitiens

Kinderen:Hindrik Pieters; Aeltje Pieters; Eeuweltje Pieters; Jantje Pieters.

h.m.:Jan Berents te Eexterveen

m.m.:Cornelis Hoving; Willem Meijnders te Eexterveen

Bijzonderheden:

Roelof Claassen Nijmeijer huurt land. Borg zijn zijn broer Hindrik Claassen Nijmeijer en schoonzoon Harmen Timmerman te Annen.

SP 266 Deel 1 Folio 151

Datum:18‑12‑1716

Momberrekening

Ouders:Pieter Hindriks en Geertruit Luitiens

Kinderen:Hindrik Pieters; Aaltje Pieters; Eeuweltje Pieters; Jantje Pieters

h.m.:Jan Berents van Eexterveen (i.p.v. Cornelis Hoving)

m.m.:Harmen Kuijter van Annerveen; Willem Meinders van Eexterveen

Bijzonderheden:

Hindrik Pieters en Aaltje Pieters bedanken de mombers, omdat zij vanwege hun huwelijk mondig zijn geworden.

SP 266 Deel 1 Folio 322

Datum20‑6‑1724

Momberrekening

Ouders:wijlen Pieter Hindriks en wijlen Geertruit Luitiens te Eexterveen

Kinderen:Jantje Pieters

h.m.:Jan Berents te Eexterveen

Bijzonderheden

Er waren nog andere kinderen, die nu meerderjarig zijn.

Jantje Pieters is nu getrouwd met Jan Willems Bouwes op Gasselternijveen.

Etstoel Deel/folio/datum41/248v/23‑11‑1723

Eiser:Henderik Peters op Eexterveen

Verweerder:zijn zwager Jan Roelofs op Eexterveen

Onderwerp:geschil afkoop.

Inhoud:verweerder en zijn vrouw Aeltien Peters en door afkoop rechthebbende van Thijs Salemons te Gasselternijeveen nom. ux. Eemeltien Peters

Andere namen:broers Jan Peters en Henderik Peters.

Gehuwd voor de kerk op 7‑9‑1684 te Kropswolde met

557            Geertruit Luichjens, gedoopt op 23‑2‑1668 te Kropswolde

Gehuwd voor de kerk (1) op 7‑9‑1684 te Kropswolde met Pieter Hindriks (zie 556).

Gehuwd voor de kerk (2) circa 1704 te Anloo met Jacob Jans, geboren circa 1675

SP 266 deel 1 Datum: 11‑12‑1713

Staat en inventaris

Ouders Jacob Jans en wijlen Geertuit Luitiens op Annerveen

Kind:Jan Jacobs

h.m.:Cornelis Hoving

m.m.:Jan Hoving; Eggo Jansen; Berent Jansen, allen te Eexterveen

Op 3‑2‑1719 waren Cornelis Hoving en Eggo Jansen overleden. In hun plaats treden:Hindrik Pieters van Annerveen als hm en Berent Rijnberg van Eexterveen als mm.

Bijzonderheden:

Jacob Jans is al drie jaar geleden hertrouwd met Egbertje Jansen.

Geertuit Luitiens heeft 5 voorkinderen uit een eerder huwelijk met Pieter Hindriks.

[1] Schultenprotocol 266 deel 1 folio 253 d.d. 11‑11‑1721

De moeder van Jacob Jans is wijlen Roelofje Willems. Roelofje Willems is getrouwd geweest met Jan Berents te Eexterveen.

SP 266 Deel 2 Folio 111 dd. 24‑1‑1728

Momberrekening

Ouders:Jacob Jans en wijlen Geertruit Luigiens

Kinderen:Jan Jacobs

h.m.:Hindrik Pieters van Eexterveen

m.m.:Berent Jans van Eexterveen; Berent Rijnberg van Eexterveen

Bijzonderheden: wijlen Jan Hoving was ook momber

SP 266 Deel 3 Folio 149 dd. 25‑2‑1735 Momberontslag

Ouders:Jacob Jans en wijlen Geertruit Luichiens

Kinderen:Jan Jacobs

m.m.:ondertekening door Berent Jansen

Bijzonderheden: Jan Jacobs is meerderjarig en getrouwd.

558            Thomas Jans, gedoopt op 27‑12‑1663 te Kropswolde, overleden op 2‑6‑1693 te Kropswolde

Gehuwd voor de kerk op 4‑1‑1685 te Kropswolde met

559            Jantje Jans Schuirink, gedoopt op 22‑10‑1664 te Kropswolde

Gehuwd voor de kerk (1) op 4‑1‑1685 te Kropswolde met Thomas Jans (zie 558).

Gehuwd voor de kerk (2) op 18‑3‑1694 te Kropswolde met Willem Alberts, geboren circa 1670 te Kropswolde

Gehuwd voor de kerk (3) op 4‑8‑1695 te Zuidlaren met Jan Hoving, gedoopt op 30‑6‑1664 te Zuidlaren

SP 264 deel 3, blz. 53 lening

Leners:Jan Hovinge x Jantje Jansen op Zuidlaarderveen of Windeweer

Uitleners:Jan Hendriks Schilts x Annechien op de oude Knijpe

Bedrag:300 Plaats:Zuidlaren Datum:12‑12‑1715.

SP 266 deel 2 folio 199 dd. 11‑2‑1730 Mombereed en momberrekening

Ouders:Jan Hoving en wijlen Jantje Jansen

Kinderen:Albert Hoving; Jan Hoving

h.m.:Harmen Jansen van Eexterveen i.p.v. wijlen Egbert Hoving van Annerveen

m.m.:Harmen Lanting van Eexterveen i.p.v. wijlen Hindrik Willems van Annen; Egbert Hoving van Eexterveen; Berent Jansen van Annerveen

Bijzonderheden: Albert Hoving wil zijn mombers ontslaan wegens meerderjarigheid. De mombers twijfelen echter of hij meerderjarig is en hij moet dit aantonen met een attestatie uit het doopboek van zijn geboorteplaats. Jantje Clasen, weduwe van Egbert Hoving, maakt de momberrekening op.

Lidmatenregister Anloo 2‑10‑1702: Aangenomen Jan Hoving x Jantje.

SP266 Deel 2 Folio 328 dd.7‑5‑1731 Momberrekening

Ouders:Jan Hoving

Kinderen:Albert Hoving; Jan Hoving

h.m.:Harmen Jansen van Annerveen

m.m.:Ondertekening door Egbert Hoving; Harmen Lanting; Berent Jansen.

Bijzonderheden

Vorige hoofdmomber was Egbert Hoving, gehuwd met Jantje Clasen.

Harmen Jansen had een zoon Jan Harmens, bij wie Jan Hoving in de kost was.

De pupillen zijn meerderjarig.

Ontvangsten van Egbert Hoving van Gieterveen wegens zijn stiefmoeder Jantje Clasens, weduwe van Egbert Hoving te Annerveen.

560            Jan Rosing, schatbeurder, ette Zuidenveld 1692‑1706, geboren circa 1650 te Exloo, overleden circa 1706

Op St. Maarten 1685 lenen Leffert Willems tot Coevorden en zijn vrouw Luichjen van Jan Rosing anders Dillinge en Jantien Dillinge zijn vrouw een bedrag van honderd gulden. In 1710 lenen Leffert Willems uit Borger en Roeloffien zijn vrouw 72 gulden van Harm Rosinge tot Exloo en Wijllemtijn, zijn vrouw[1] Ook in 1717 leent Leffert Willems geld, ditmaal 40 gulden.

Johan Rosinge, anders Dillinge wordt aangeslagen als keuter in de haardstedenregisters van Exloo in 1672 en 1691 voor 1 gulden. In 1692 wordt hij aangeslagen voor twee gulden. In 1693/4 staat hij vermeld als keuter, zijnde ette, en wordt hij ook voor twee gulden aangeslagen.

Gehuwd voor de kerk voor 1683 te Borger met

561            Jantje Dilling, geboren circa 1650

Mogelijk een dochter van Harm Dilling die in 1645 te Exloo genoemd wordt.

562            Jan Hamming ten Rodengate, geboren circa 1640

[1] Schultenprotocol 306 deel 2 d.d. 1710

Hij wordt vermeld in het haardstedenregister te Zuid‑Sleen in 1672 als Hamming Roenges voor 1 paard. In 1693 voor 2 paarden. Hij ondertekende het haardstedenregister van 1691‑1693.

Hij is, evenals zijn broer Willem, waarschijnlijk overleden voor 1697 en zeker voor 1699. Hun namen worden vermeld in de collecte van 1687[1], maar niet meer in de collecte van 1699, die de weduwe Hamminks vermeldt.[2]

Gehuwd met

563            Jantien Oldenbanning, geboren circa 1650, overleden op 15‑7‑1749 te Sleen. Overlijdensinschrijving: Jantien Oldenbanning, oude weduwe van Jan Hammings

564            Jan Seringe, geboren circa 1660 te Exloo

In 1687 genoemd bij de collecte voor de Waldensers. Hij wordt genoemd in het haardstedenregister te Exloo in 1693 en 1694 voor een half huis.

566            Roelof Manting, geboren circa 1662 te Odoorn

Genoemd bij de collecte van 1687 en 1699 te Odoorn.

Op 13‑6‑1722 worden er mombers benoemd over de kinderen van Jacob Brinks en Geesje Brinks. De hoofdmomber is Berend Harms Kuiper van Valthe, de medemombers zijn Harm Klasen Kuiper en Jan Wolters Huising. Onder de inventaris diverse schulden, o.a. een obligatie t.g.v. Berend Houwink; Hindrik Wever, en de pupil Engbert; de heer doctor en Schulte Emmen wegens diensten en opzegging aan Hille Coops; vertering bij Lucas Crusen; de afkoop van Hindrik Snijder. Verder is er een quitantie aan Anna Brinks en Roelof Mantinge als hoofdmomber over Hindrik Willems Brinks wegens een ouderlijk krediet van Willem Brinks over Brinks en een schuld aan schoolmeester Harm wegens schoolgeld. Ook nog een schuld aan de diaconie van Emmen "tot korting van 't geen onze pupillen aan Jantje Brinks plichtig zijn, mede krachtens testament van Willem en Geertruid Brinks".[3]

Waarschijnlijk gehuwd met een Brinks dochter.

Mogelijk identiek met Hindrik Brinks, op 15‑12‑1741 lidmaat te Emmen, met att. van Odoorn, met de vermelding "Hendrik Mantinge, nu wonende op Brinks te Noordbarge".

568            Hindrik Manting, geboren circa 1640, overleden voor 1682

Lambert Wallinge en echtgenote in Veendam en zijn broer Willem op Alting en zijn echtgenote te Weerdinge verkopen op 18‑6‑1676 aan Willem Mantinge en wijlen broeders Hindrik Mantinge nagelaten weduwe en nagelaten kinderen vast goed te Odoorn.[4]

Jan Quants tot Odoorn verkoopt op 13‑10‑1682 bouwland aan Willem Manting en zijn broers vrouw Griete Mantinge, weduwe van wijlen Hindrik Mantinge.[5]

Gehuwd met

569            Grietje Manting

570            Willem Nijenschuttrups, geboren circa 1655 te Odoorn

Hij wordt genoemd in 1689 te Odoorn met een piek. In het haardstedenreigster te Odoorn in 1691 met 2, 1692 met 3, 1693 met 2, 1694 met 3.

572            = 568 Hindrik Manting.

573            = 569 Grietje Manting.

574            Hindrik Hoving

592            Jan Nijsing, overleden voor 1676

Gehuwd voor de kerk 1665 te Westerbork met

593            Jantje Buiting, geboren circa 1630

Gehuwd voor de kerk (1) voor 1655 met Roelof Bloemers, geboren circa 1630, overleden voor 1665

Jan Buitinck en consorten, mombers over de beide zoontjes van wijlen Jan Nijsing en wijlen Roeloff Bloemerts bij Jantien Buitinge, nu hertrouwt met Jan Lunsingh te Hemmen verzoeken om goedkeuring van verkoop van onroerend goed van de minderjarigen.[6]

Gehuwd voor de kerk (2) 1665 te Westerbork met Jan Nijsing (zie 592).

Gehuwd voor de kerk (3) 1679 met Jan Schuringe Lunsche, geboren circa 1640 te Peize

Jantien Buijtinge laatst weduwe Jan Nijsingh te Dwingeloo verzoekt om

goedkeuring van een eenkindscontract d.d. 24‑10‑1676 met haar beide

[1] OSA 1028

[2] OSA 1029

[3] Schultenprotocol 74 d.d. 13‑6‑1722

[4] Schultenprotocol 72 deel 1 folio 1 d.d. 18‑6‑1676

[5] Schultenprotocol 72 deel 1 folio 27 d.d. 13‑10‑1682

[6] Etstoel 14 deel 25 folio 2 d.d. 8‑11‑1681

zoons uit haar eerste en tweede huwelijk.[1]

Op 31‑10‑1679 wordt Otto Lunsche als voormond aangezworen over de kinderen van Jan Lunsche en Aeffien Abberinge. Willem Abberinge wordt sibbevoogd.[2] Jan Heminge awordt op 25‑2‑1681 als voogd aangezworen.[3]

Zij belenen op 24‑11‑1692 een verpachte plaats te Bonnerveen die in 1630 eigendom was van W. Hamming van de Veenhof.

594            Hans Warners

Gehuwd met

595            Beertje Roelofs Steenbergen

596            = 594 Hans Warners.

597            = 595 Beertje Roelofs Steenbergen.

640            Willem Lanting, geboren circa 1587, overleden na 1645 te Gieten

Hij wordt in 1630 genoemd te Gieten met een gezin van 7.[4]

Hij was meijer van Jeye Ottens, met wie hij in 1641 een geschil had. Hij zal vermoedelijk de vader zijn van Albert Lanting (te Gieten) en Hendrik (te Eexterveen). Op een andere manier is de wijze waarop de Lantings van Eexterveen momber zijn over twee kinderen van een lid van de Gieter Lantings moeilijk te verklaren.

Hij leefde nog in 1645, toen hij als 58 jarige getuige optrad in een geschil te Gieten.[5]

656            Otto Derks, wever, geboren circa 1640 te Rolde, overleden na    1692 te Gasselternijveen

lidmaat 1682.

Gehuwd voor de kerk 1665 te Westerbork met

657            Grietje Jans, geboren circa 1640 te Elp, overleden voor 1682 te Gasselternijveen

658            Jan Mensen, geboren circa 1649 te Scheerhoorn, overleden voor 1692 te Gasselternijveen

Gehuwd voor de kerk op 15‑11‑1674 te Gasselte met

659            Annigje Jans, geboren circa 1650 te Gasselte

672            Reinder Hindriks, landbouwer te Bonnerveen, geboren circa 1620 te Gieterveen, overleden na 1654 te Bonnerveen

674            Roelof Jans Pepping, geboren circa 1630 te Gieten, overleden 1672/1684 te Gieten

Landbouwer te Gieten, waar hij voor een vol erf wordt aangeslagen in 1672. In 1678 wordt hij niet genoemd in de lijst van lidmaten van Gieten. Mogelijk is hij voordien overleden.

18‑1‑1688: Schuldbekentenis van Grietje Willems, weduwe van Roelof Jans. Zij hebben o.a. een zoon Jacob Pepping. De schuld dateerde van 18‑4‑1663.[6]

Gehuwd met

675            Grietje Willems, geboren circa 1630

680            Albert Jans, geboren voor 1640, overleden voor 1706 te Gieten

Hij wordt genoemd in het haardstedenregister te Gieten met twee paarden in 1672.[7]

Gehuwd voor de kerk voor 1659 met

681            Aaltje Willems, geboren voor 1640 te Gieten? Overleden na 1706

Aeltien Willems weduwe van Albert Jans en haar zoon Jan Alberts te Gieten leende in 1706 samen met haar zoon Jan geld aan Willem Tonnis en Jantien Ottens, haar tante‑zegger.[8]

682            Jan Barelts Meijers, geboren circa 1610 te Gieten, overleden op 25‑9‑1679 te Gieten

688            Berent Berents

Vermeld 1665 te Gieten (Mensinge 984).

1672 te Gieten (timmerman en metselaar).

Gehuwd met

689            Lamme Huls

700            Jan Warcks, geboren voor 1640

mogelijk ook Warners!!

Gehuwd voor de kerk voor 1661 met

[1] Etstoel 14 deel 22 folio 466 d.d. 21‑11‑1676

[2] GrA RA Selwerd en Sappemeer, voogdijaanzweringen 1671‑1704 pg. 51 d.d. 31‑10‑1679

[3] GrA RA Selwerd en Sappemeer, voogdijaanzweringen 1671‑1704 pg. 60 d.d. 25‑2‑1681

[4] OSA 841

[5] Mensinge 982

[6] Schultenprotocol 264 dl. 2 fol 143 d.d. 18‑1‑1688

[7] OSA 828

[8] Schultenprotocol 264 deel 3 folio 194 d.d. 11‑11‑1706

701            Lubbechien N.N. Geboren voor 1640


702            Hindrik Frederiks, geboren circa 1625 te Zuidlaarderveen

Etstoel 14, deel 39 11/46/29‑11‑1712

Eiser: Warrink Jans met Jan Barelts nom. ux. Gesien Roeloffien Hendrix en Grietien Hendrix en Jan Barelts als hoofdmomber over de minderjarige kinderen van wijlen Jantien Hendrix bij Eppo Eppens

Verweerder: hun stiefvader Harmen Hendrix

Onderwerp: geschil erfdeling

Inhoud: Eisers willen hun erfdeel van de stiefvader van het erf te Zuidlaarderveen conform contract dd. 25‑5‑1693.

Ondertrouwd 4‑1652 te Zuidlaren met

703            Elligje Berents, geboren circa 1625 te Zuidlaarderveen

Ondertrouwd (1) 4‑1652 te Zuidlaren met Hindrik Frederiks (zie 702).

Gehuwd voor de kerk (2) 1680 te Zuidlaren met Harm Hindriks


740            Hindrik Hamming, geboren circa 1630 te Eext, overleden op 5‑12‑1682 te Eext

Hendrick Hamminge te Eext, en Herman Stevens, Hendrick Luitiens, Geert Husinge als voogden over de voorkinderen van Hendrick Hamminge verzoeken om een accoord betreffende de educatie van de kinderen te Anloo d.d. 6‑10‑1662.[1]

Hendrick Hamminge leent op 9‑5‑1666 500 daalder van zijn neef en nicht Jan Hemsing en Jantje Tamming, nu Hemsing.[2]

Hendrick Hamming en zijn vrouw Grietje en hun kinderen te Eext lenen op 20‑4‑1668 100 daalder van Jantje Harms, weduwe van Pieter Jans schuitenschipper en haar kinderen te Groningen. De lening is op 8‑12‑1704 geroyeerd. De originele acte is in bezit van jonge Jan Hamminge, zoon van wijlen Hendrik Hamming.[3]

Hindrik Hamming en Grietje Roelofs, echtelieden te Eext, zijn op 24‑1‑1671 450 daalder schuldig aan Hindrik Hemsing van Zuidlaren.[4]

Hendrik Hamming en Griete te Eext en voorkinderen verkopen op 15‑5‑1677 aan Meindert Jans en Jantje Poelmans koeland te Eexterveen, genaamd de Swijnehem. Swetten zijn Bartelt Meursing ten oosten en de zoons van Warmolt Meijering ten westen.[5]

Gehuwd voor de kerk (1) voor 1660 met N. N.

Gehuwd voor de kerk (2) circa 1662 met Grietje Roelofs (zie 741).

741            Grietje Roelofs


750            Jan Roelofs Woerding, overleden voor 1686

Gehuwd met

751            Sijgertje Jans, overleden op 21‑1‑1686 te Annen


756            Sicke Hindriks, geboren voor 1643

lidmaat 1682.

Gehuwd voor de kerk (1) voor 1664 met Trijne N.N. (zie 757).

Gehuwd voor de kerk (2) op 15‑2‑1674 te Gasselte met Willemtje Jans, geboren circa 1649 te Gasselte

lidmaat 1682.

757            Trijne N.N. Geboren voor 1643, overleden voor 1674 te Gasselternijveen

758            Lambert Witkop, geboren voor 1645

800            Jacob Cuper

804            Jan Hillebrants, begraven op 14‑7‑1694 te Emmen

Gehuwd met

805            Aaltje N.N. Begraven op 31‑8‑1705 te Emmen

806            Jan Nijensikking, geboren circa 1620, begraven op 1‑8‑1711 te Emmen

810            Hindrik Meijering, geboren circa 1650 te Westenesch

ws. aangenomen als lidmaat te Emmen (Hindrik Harms Meijering) in 1719.

Gehuwd voor de kerk op 11‑11‑1677 te Emmen met

811            Beertje Nijenloesing, geboren circa 1650 te Meppen, begraven 1707 te Emmen

812            Geert Brinks, geboren circa 1660, overleden te Noordbarge, begraven op 23‑12‑1727 te Emmen

Ook Geert Nijehuis genoemd.

[1] Etstoel 14 deel 20 folio 121 d.d. 14‑6‑1665

[2] Schultenprotocol 264 deel 1 folio 78 d.d. 9‑5‑1666

[3] Schultenprotocol 264 deel 1 folio 65 d.d. 20‑4‑1668

[4] Schultenprotocol 264 deel 1 folio 101 d.d. 24‑10‑1671

[5] Schultenprotocol 264 deel 1 folio 285 d.d. 15‑5‑1677

814            Hindrik Schirring, geboren circa 1640

Gehuwd met

815            N. N.

816            Willem Hoving, geboren circa 1640

Willem Hoving te Buinen en huisvrouw Jantje lenen op 12‑5‑1677 400 gulden van Roelof Zegering en zijn vrouw Geesje Rosing te Exloo. De schuld komt van een van een eerdere lening van vader Willem Rosing van Willem Jansen gehuwd met Trijntje Keveling te Groningen wegens het Keveling erf te Valthe.[1]

Gehuwd met

817            Jantje Rosing, geboren circa 1650 te Valthe

818            Jan Buiting, eigenerfde te Veenhof, geboren circa 1640 te Buinen, overleden op 25‑9‑1709 te Gieten

Boele Alberts en zijn broer Jan van Midlaren lenen op 28‑6‑1675 300 gulden van Jan Buiting te Buinen.[2]

Hij is in 1689 nog weerbaar. Hij komt ook voor in de haardstedenregisters van 1691 tot en met 1695. Daarna verliet hij het Smeenge erf en werd boer op de Veenhof in de gemeente Gieten. Op 25‑6‑1697 kerkelijk te Gieten komende met attestatie van Borger, wordt hij met zijn huisvrouw en de kinderen Aaltien (Aavien), Otto en Grietien tot het avondmaal toegelaten.

Op 29‑4‑1690 verkopen Jan Buitinge te Buinen, Thale Lamberts, Gerrit van der Graften, mede voor hun vrouwen, mitsgaders Albert Levingh te Groningen, aan Harmen Sprenger, borger en brouwer te Groningen, getrouwd met Gebbechien Levinge, hare vaste goederen te Zuidlaren. Het gaat om een halve plaats, gescheiden met Aaltien Levinge en door Willem Cornelis gepacht. Van het verkochte is de helft voor Jan Buiting.[3]

Ook werd geërfd door Jan Buiting en Tale Lamberts, bakker te Groningen en consorten, in dezelfde verhouding van de overleden huisvrouw van Jacobus Mettinge. Volgens de boeken woonde Buitinge toen te Bunne. Dit laatste is echter waarschijnlijk een schrijffout. Hij woonde niet in Bunne maar in Buinen.

4‑1‑1693: Luigien Abberinghe en Sophia Hiddinge (ehel.) als erfgenamen van wijlen Johanna Anneringe, in leven getrouwd met Coop Mettinck, van vaderszijde, ter ener en van moederszijde Jan Buitingh en Aeltien Levinge (ehel.), Take Lamberts en Geesien Hovinge (ehel.), Hindrick Haerhuisen en Jeijgien Hovinghe (ehel.), Gerrijt van der Graft en Maria Hovinge (ehel.), Allard Hovinghe, Otto Levinge en Aeffien Levinge (ehel.), Jan Martens en Fennegien Hovinge (ehel.) ter andere zijde. Ze maken een scheiding van de nalatenschap van Johanna Abberinge. De eerste comparanten verkrijgen de goederen afkomstig van de overleden vaders zijde. De tweede comparanten verkrijgen de goederen gelegen te Onnen. Eerste comparanten zullen uitkeren aan de tweede comparanten boven het bovengenoemde 600 car.gld.[4]

Volgens de Goedschattingen van februari 1694 heeft Buiting's schoonzoon Roelof Hovingh twee paarden en moet hij van 400 gulden belasting betalen, Jan Buiting zelf 800 gulden. Hij heeft ook nog inwoning van ene Hendrick Heideker, "een vrij persoon sonder Buric in dese Lantschap, op interesse 1550 gld." Deze wordt aangelagen naar 1800 gulden. Jan Buiting blijft eigenaar van zijn Buiner landerijen en tijdens de Goedschatting van juni 1705 wordt de meier Albert aangeslagen naar 750 gulden.[5]

Zijn overlijdensdatum is te vinden in de kerkeraads verhandelingen van Gieten.

Gehuwd voor de kerk op 7‑5‑1665 te Noordlaren met

819            Aaltje Leving, gedoopt op 5‑2‑1643 te Noordlaren, overleden op 19‑11‑1712 te Gieten

820            Frerik Tebinge, geboren circa 1620 te Gasselte? Overleden op 19‑2‑1672 te Gasselte

{Handtekening Frerik Tebinge.jpg:Handtekening Frerik Tebinge:6:NH Archief Gasselte 1662}

Gehuwd voor de kerk (1) op 25‑9‑1642 te Gasselte met Aelheidt Aling, gedoopt op 30‑12‑1621 te Gasselte, overleden op 1‑2‑1647 te Gasselte

Gehuwd voor de kerk (2) op 3‑11‑1650 te Gasselte met Lamme Alberts (zie 821).

821            Lamme Alberts, geboren circa 1625 te Gasselte, overleden op 28‑9‑1690 te Gasselte

822            Hindrik Aling, geboren circa 1625, overleden op 6‑12‑1673

Gehuwd voor de kerk (1) op 9‑11‑1651 te Gasselte met Adelheit Jans Willems (zie 823).

Gehuwd voor de kerk (2) op 11‑1‑1668 te Gasselte met Hillechien Poeling

[1] Schultenprotocol 312 deel 1 folio 54 d.d 12‑5‑1677

[2] Schultenprotocol 264 deel 1 folio 228 d.d. 28‑6‑1675

[3] Schultenprotocol 264 deel 2 folio 186 d.d. 29‑4‑1690

[4] GrA RA IIIx 71 folio 170v d.d. 4‑1‑1693

[5] Drents Genealogisch Jaarboek 1995, Huisinge en Buitinghe, A. Smegen, pg. 40

823            Adelheit Jans Willems, gedoopt 1630 te Gasselte, overleden op 15‑3‑1660 te Gasselte

856            Roelof Dilling, geboren circa 1620

Hij wordt in 1654 genoemd te Odoorn met 38 mud en 1 1/2 waardeel.

{grondschatting Odoorn 1645.jpg:Vermelding Roelof Dilling in het grondschattingregister 1654:13:OSA 845}

In 1672 aangeslagen voor vier in het haardstedenregister.

Genoemd in het huisgeld van Odoorn van 1676 met 4.

Jan Quants te Odoorn leent 100 gulden van Jonge Roelof Dilling te Odoorn en Egbertje zijn huisvrouw op 30‑8‑1681.[1] Gezien de vermelding Jonge Roelof Dilling is hij waarschijnlijk een zoon van Roelof Dilling. Op dezelfde datum lenen Hein Seubers en Egbert Seubers, broers, mede namens hun vrouwen en Fennegien en Aaltje 400 gulden van Jonge Roelof Dilling.[2]

Hij wordt genoemd in de collecte van 1687 met 1‑10. Roelof Dilling wordt in de haarstedenregisters van Odoorn genoemd als keuter in 1692, 1693 en 1694.

Gehuwd met

857            Egbertje N.N.

882            Jan Schuiling, geboren circa 1660

Egbert Schuiling wordt genoemd te Annen met broers en zusters Jan, Luchien, Jan, Jaichyn, Roelofje en Jantien[3]

Jan Schuiling is in 1714 momber over Jacob Willems, kind van Willem Willems en Hendrikje Jans Schuiling. In de akte wordt hij als oom van de pupil genoemd[4]

Gehuwd voor de kerk circa 1685 met

883            Geertruit Jans, geboren circa 1665

892            Jan Rijnberg, geboren circa 1645 te Annen

Jan Rijnberg en Hindrikje zijn lidmaat te Anloo ca. 1700.

Hindrik Rijnbarg van Anloo als mede erfgenamen van zijn oom Berent Rijnbarg voor enige jaren overleden is op 23‑11‑1762 voor de Etstoel eiser tegen R. Rijnberg te Annen als voor ¼ hebbende de boedel van Berent Rijnbarg genoten, in welke ¼ deel de eiser voor 1/3 deel gerechtigd is. De eiser wil zijn deel van de erfenis. Er is sprake van de crediteuren in de boedel van Egbert Schuilinge, die voor 1/16 deel in de erfenis gerechtigd zijn. Ook Jan Jans van Annen is gerechtigd. Volgens verweerder is Berent Rijnbarg in 1735 overleden, en heeft tot erfgenamen nagelaten J. Rijnberg, de vader van de eiser en verweerder, zijn zuster Grietijn Jansen en Annegijen Rijnberg en de kinderen van H. Rijnberg. Volgens de verweerder is de eiser van alles afgekocht. Eiser krijgt ongelijk.[5]

Gehuwd met

893            Hindrikje Jans, geboren circa 1645

894            Hindrik Schuiling, geboren circa 1640, overleden na 1706

In 1671 wordt Hindrik Schuiling voor het eerst als keurnoot te Annen genoemd. Daarna treed hij nog vele malen als keurnoot op.

Voor vol aangeslagen in het haardstedenregister te Annen in 1672, 1691, 1692, 1693, en in deze registers direct na Egbert Schuiling genoemd.

Zijn vrouw is waarschijnlijk een dochter van Jan Barelts Gosen die te Annen genoemd word in de haardstedenregisters van 1691, 1692 en 1693. De vrouw van Jan Barelts, Grietje, overlijdt 5‑6‑1698 te Annen. De naam Jan Barelts blijft in deze tak van de familie lang als voornaam bestaan. In 1812 wordt nog een Jan Barelts Schuiling geboren. In dit geval is "Barelts" dus geen patroniem, want een Barelt Schuiling wordt nergens in de archieven aangetroffen, maar een volledige vernoeming naar de schoonvader. Dat de voornaam met toevoeging zo lang gebruikt is is waarschijnlijk te danken aan het grote aantal Jan Schuiling's die te Annen voorkwam. Op deze manier kon men de diverse Jan Schuiling's nog enigszins onderscheiden.

Op 25‑10‑1680 lenen Hendrik Schuiling en Aaltje, zijn huisvrouw 325 gulden van de kinderen van Heino Hamming en Aaltje Oldenbanning in de Veenhof.[6] Op 3‑5‑1681 lenen ze nogmaals 50 daalder[7]

Op 6‑12‑1684 zit Hindrik Hamming weer in geldnood. Hij verkoopt dan een kwart waardeel te Annen

[1] Schultenprotocol 72 deel 1 folio 17 d.d. 13‑5‑1681

[2] Schultenprotocol 72 deel 1 folio 18 d.d. 30‑8‑1681

[3] Etstoel 14 deel 51 folio 135

[4] SP266 dl. 1 folio 97 dd. 26‑3‑1714

[5] Etstoel 14 deel 54 folio 116v d.d. 23‑11‑1762

[6] Schultenprotocol 264 deel 1 folio 316 d.d. 25‑10‑1680

[7] Schultenprotocol 264 deel 1 folio 336 d.d. 3‑5‑1681

aan Coenraad Ellents en Geertruida Sichterman te Anloo[1] De verkoop levert waarschijnlijk niet genoeg op en op 12‑6‑1689 lenen Hindrik Schuiling en zijn kinderen weer 100 daalder, dit maal van Berent Hilbrants en zijn huisvrouw Bouchien Eppens te Anloo[2] De lening dient ter afbetaling van boekschulden en schattingen. Op 1‑6‑1690 lenen Hindrik Schuiling en kinderen nogmaals 130 gulden van Boele Hamming als hoofdmomber over de kinderen van wijlen Heino Hamming.[3], en op 23‑2‑1706 weer 174 gulden stuivers en 8 duiten van de erfgenamen van Berent Hilbrants[4] Ditmaal wegens geleverde bieren. De schuld wordt later overgenomen door ette jan Homan en zijn vrouw Hindrikje Julsing. Borgen voor de lening waren Hendriks schoonzoons Berent Elinge, Aaldert Rabbens en Jan Jansen Rijnbarg.

De schulden bleven aanhouden en op 30‑1‑1705 lenen Hendrik Schuiling en zijn zoon Jan Barelds Schuiling, getrouwd met Grietje 625 gulden en 11 stuivers van Thij Lussing en zijn vrouw Aaltje Hamming van Drouwen. De schuldbekentenis is wegens achterstallig rente van diverse leningen en een nieuwe lening. Aaltje Hamming is een dochter van Heino Hamming[5]

Ook in 1706 lenen Hindrik Schuiling en kinderen nog 174‑8‑8 gulden van de erfgenamen van Berent Hilbrants. Dit vanwege schulden voor geleverde bieren etc. Schuld wordt overgenomen door ette Jan Homan x Henderkien Julsing. Borgen waren Hindriks schoonzoons Berent Elinge, Aaldert Rabbens en Jan Jansen Rijnbarg[6]

Na 1706 wordt Hindrik Schuiling niet meer aangetroffen in de archieven, waarschijnlijk is hij kort daarna overleden.

Gehuwd met

895            Aaltje Jans, geboren circa 1640, overleden 4‑1686 te Annen

932            = 548 Egbert Jans Schuiling.

933            = 549 Geesje Aalderts.

934            = 550 Aaldert Hindriks Tamelte.

935            = 551 Margje Eggens.

938            = 326 Harm Hindriks.

939            = 327 Lammigje Jans.

940            = 556 Pieter Hindriks.

941            = 557 Geertruit Luichjens.

942            = 558 Thomas Jans.

943            = 559 Jantje Jans Schuirink.

954            Roelof N.N.

958            Jan Reinders, scheper te Westenes, geboren voor 1670, begraven op 31‑12‑1701 te Emmen

960            Roelof Peuling

Roelof Pielinge is buur te Sleen op 23‑2‑1602.[7]

Een R. Poelinge wordt in 1612 te Noord‑Sleen genoemd met 23 mud.[8]

980            Hindrik Strating, geboren circa 1625 te Noordbarge, begraven op 14‑10‑1690 te Emmen

Hij draagt bij aan de collecte in 1687 (in plaats van Hindrik Strating).

Op 13‑11‑1683 is de boedel van Nier Olden Battinge en Jan Olden Battinge grasvellig (failliet). Crediteuren zijn:[9]

schulte Johannes Botticius 7‑10‑0 (schatting)

schulte Everhard Emmen 7‑10‑0 (schatting)

Roelant à Been 27‑14‑0 (pachtpenningen)

schulte Everhard Emmen 11‑0‑0 (gerechtskosten)

Hindrick Stratinge 400‑0‑0 (restant afboedelspenningen wegens huwelijkscontract d.d. 6‑12‑1647)

Aerent Hamminge 114 daalder en 25‑13‑0 rente (obligatie d.d. 18‑8‑1671)

[1] Schultenprotocol 264 deel 2 folio 92 d.d. 6‑12‑1684

[2] Schultenprotocol 264 deel 3 folio 170 d.d. 12‑6‑1689

[3] Schultenprotocol 264 deel 2 folio 179 d.d. 1‑6‑1690

[4] Schultenprotocol 264 deel 2 folio 337 d.d. 23‑2‑1706

[5] Schultenprotocol 264 deel 2 folio 356 d.d. 30‑1‑1705

[6] Schultenprotocol 264 deel 2 folio 337 d.d. 23‑2‑1706

[7] Goorspraken 1598‑1602 pg. 219 d.d. 23‑2‑1602

[8] OSA 621

[9] Etstoel 14 deel 26 folio 200 d.d. 13‑11‑1683

Geert Nienhuis 80‑0‑0 (obligatie d.d. 5‑6‑1666)

Lucas Hiddinck namens zijn vrouw en als momber van zijn de voordochter van zijn vrouw 250‑0‑0 (obligatie d.d. 17‑6‑1670)

Roeloff Elckinge 60‑0‑0 (obligatie d.d. 29‑5‑1667).

Gehuwd op 6‑12‑1647 te (h.c.) met

981            Roelofje Batting, geboren circa 1620 te Weerdinge, begraven op 13‑11‑1684 te Emmen


982            Jan Boelken, geboren circa 1600 te Roswinkel

Samen met zijn broer Harmen komt hij voor in het grondschattingsregister van 1630. Bij de meting der bouwlanden in 1642 bezat hij 19 mud bouwland. In de grondschatting van 1654 staat hij genoteerd voor 9887 gulden.

Gehuwd met

983            Gyssele N.N. Overleden voor 1651


988            Jan Wolters

Gehuwd met

989            Jantje Epping


1004          Jan Heling, geboren voor 1640

SP 50 Blz. 98 akte van verkoop

Verkopers:Jan Heling van Drouwen x Jantien Brants, dr. van wijlen Jan Coerts Brants van Zweeloo

Uitleners:dr Roelof Steenbergen

Keurnoten:Johannes Hendriks Brants en Martinus Sijder van Zweeloo

Plaats:Zweeloo Datum:26‑3‑1694.

In het haarstedenregister te Ees genoemd met een "1/2 huis maar met 4 peerden" in 1672 en met een vol erf in 1692/5. In 1742 wordt op deze plek Hindrik Heling genoemd met een vol erf.

Inventaris Archief Veltman RAD 0630: 5 Akte van overdracht door Jan Heling aan Roeleff Hilbinge te Gasselte van 1/3e van het Kesemaetien aldaar, 1704.

Deel/folio/datum 33/159/22‑11‑1698

Eiser: Joannes Hendricks Brants

Verweerder: Grietjen NijenSchuiringe, weduwe van wijlen jonge Coert Brants en haar schoonzoon Evert Herms

Onderwerp: bezit van hooiland

Inhoud: eiser heeft door koop het recht gekregen als doctor Steenbergen van Jan Helinge namens diens vrouw Jantjen Brants en Johannes Jacobs Brants van Derck Hendricks namens diens vrouw, eveneens Jantjen Brants genaamd, hebben verkregen na hun vaders dood van hun overleden bestevader olde Coert Brants en bestemoeder Griete Jans.

Gehuwd met

1005          Jantje Brants


1014          = 542 Arent Dilling.

1015          = 543 Jantje Jacobs Huising.

Bron: H.HomanFree